bora X BO Handleiding

Inhoud

bora X BO

Algemene informatie

Deze instructies en alle bijbehorende documenten bevatten belangrijke informatie om u te beschermen tegen letsel en schade aan het apparaat te voorkomen.

  • Houd u te allen tijde aan alle documenten die deel uitmaken van de leveringsomvang.

Montage, installatie en inbedrijfstelling moeten altijd plaatsvinden in overeenstemming met de nationale wetten, voorschriften en normen. Het werk moet worden uitgevoerd door gekwalificeerde specialisten die de aanvullende voorschriften van de lokale energiebedrijven kennen en naleven. Alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie, evenals de bedieningsinstructies in de bijbehorende documenten, moeten in acht worden genomen. Bewaar deze instructies op een veilige plaats en geef ze indien van toepassing door aan de volgende eigenaar.

Veiligheids- en waarschuwingsinformatie

Type en bron van gevaar Gevolgen van niet-naleving
  • Maatregelen om risico's te minimaliseren

Let op:

  • waarschuwingssymbolen vestigen de aandacht op een hoog risico op letsel.
  • Het signaalwoord geeft de ernst van dat risico aan.
Waarschuwingssymbool Signaalwoord Risico
gevaar Gevaar Geeft een onmiddellijke, gevaarlijke situatie aan die de dood of ernstig letsel veroorzaakt als deze niet wordt gerespecteerd.
waarschuwing Waarschuwing Geeft een potentieel gevaarlijke situatie aan die de dood of ernstig letsel kan veroorzaken als deze niet wordt gerespecteerd.
voorzichtigheid Voorzichtig Geeft een potentieel gevaarlijke situatie aan die licht letsel kan veroorzaken als deze niet wordt gerespecteerd.
informatie Opmerking Geeft een potentieel gevaarlijke situatie aan die schade aan eigendommen kan veroorzaken als deze niet wordt gerespecteerd.

Tab. 1.1 Betekenis van de waarschuwingssymbolen en signaalwoorden

Veiligheid

Het apparaat voldoet aan de vastgelegde veiligheidseisen. De gebruiker is verantwoordelijk voor een veilig gebruik, reiniging en onderhoud van het apparaat. Onjuist gebruik kan leiden tot lichamelijk letsel en materiële schade.

Beoogd gebruik

Het apparaat is uitsluitend bestemd voor de bereiding van voedsel in particuliere huishoudens.

informatie Het apparaat mag alleen in vorstvrije ruimten worden gebruikt.

Dit apparaat is niet bedoeld voor:

  • professioneel gebruik (catering)
  • gebruik buitenshuis
  • verwarmen van ruimten
  • gebruik op mobiele installatielocaties zoals motorvoertuigen, schepen of vliegtuigen
  • gebruik op hoogtes van meer dan 2000 m (meter boven zeeniveau)
  • gebruik wanneer niet volledig geïnstalleerd

Elk ander of verdergaand gebruik dan hierin beschreven wordt beschouwd als niet-beoogd.

informatie BORA aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door onjuiste installatie, oneigenlijk gebruik of onjuiste bediening.

Risico op letsel of schade door verkeerde componenten of ongeoorloofde wijzigingen
Verkeerde componenten kunnen leiden tot persoonlijk letsel of schade aan het apparaat. Wijzigingen, toevoegingen of veranderingen aan het apparaat kunnen leiden tot veiligheidsrisico's.
  • Gebruik uitsluitend originele onderdelen.
  • Breng geen wijzigingen, toevoegingen of veranderingen aan het apparaat aan.

Al het misbruik is verboden!

Mensen met beperkte mogelijkheden

Kinderen
Het apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en ouder als ze onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over hoe het apparaat veilig te gebruiken en de daaruit voortvloeiende risico's begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

  • Gebruik de kinderslot om te voorkomen dat kinderen het apparaat inschakelen of de instellingen wijzigen wanneer ze zonder toezicht zijn.
  • Houd toezicht op kinderen in de buurt van het apparaat.
  • Bewaar geen items die interessant kunnen zijn voor kinderen in opbergruimten boven of achter het apparaat of in de ovenruimte. Anders worden ze in de verleiding gebracht om op het apparaat te klimmen (open deur).

informatie Alle werkzaamheden met betrekking tot reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd, tenzij ze te allen tijde onder toezicht staan terwijl ze dit doen.

Personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten
Het apparaat kan worden gebruikt door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of een gebrek aan ervaring en/of kennis als ze onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over hoe het apparaat veilig te gebruiken en de daaruit voortvloeiende risico's begrijpen. De bediening kan worden beperkt met behulp van de kinderslot.

Algemene veiligheidsinstructies


Verpakkingsonderdelen vormen een verstikkingsgevaar
Verpakkingsonderdelen (bijv. folie, polystyreen) kunnen levensbedreigend zijn voor kinderen.

  • Bewaar alle verpakkingsonderdelen buiten het bereik van kinderen.
  • Voer de verpakking direct en correct af.


Risico op elektrische schok of letsel door beschadigde oppervlakken
De onderliggende elektronica kan bloot komen te liggen of beschadigd raken door spleten, breuken of scheuren in apparaatoppervlakken (bijv. beschadigd glas), met name in de buurt van de bedieningseenheid. Dit kan een elektrische schok veroorzaken. Bovendien kan een beschadigd oppervlak letsel veroorzaken.

  • Raak het beschadigde oppervlak niet aan.
  • Als er scheuren, spleten of breuken zijn, schakel het apparaat dan onmiddellijk uit.
  • Koppel het apparaat veilig los van het elektriciteitsnet met behulp van de stroomonderbreker, zekeringen, automatische stroomonderbrekers of contactor.
  • Neem contact op met het BORA Service Team.


Risico op letsel door overbelasting van de open deur
De maximale belasting van de open deur is 22,5 kg.

  • Zorg ervoor dat kinderen niet op de open deur staan, zitten of eraan hangen.
  • Ga niet op de open deur staan, zitten of leunen.
  • Plaats geen zware voorwerpen op de open deur.


Risico op letsel door mechanische schade aan het apparaat
Mechanische schade (bijv. scheuren, vervorming, loslaten van kleefafdichtingen, enz.) aan het apparaat, evenals aan kabels en accessoires kan letsel veroorzaken.

  • Gebruik het apparaat niet.
  • Probeer beschadigde onderdelen niet zelf te repareren of te vervangen.
  • Neem contact op met het BORA Service Team.

informatie LET OP
Storingen en fouten

In geval van storingen of onjuist gebruik worden foutmeldingen weergegeven.

  • Volg in geval van storingen en fouten de instructies op het apparaatdisplay en in het hoofdstuk "Probleemoplossing".
  • In geval van storingen of fouten die niet worden genoemd, schakel het apparaat uit en neem contact op met BORA Service.

informatie LET OP
Apparaatschade door afgedekte temperatuursensor

Als de temperatuursensor in de ovenruimte is afgedekt en dus wordt gehinderd, bijv. door een voedseldrager die te hoog is geplaatst, kan het apparaat oververhit raken en beschadigd raken.

  • Zorg ervoor dat de sensor van de ovenruimte niet is afgedekt en vrij blijft.
  • Zorg ervoor dat de sensor van de ovenruimte schoon is en houd u aan de aangegeven reinigingsintervallen.

informatie LET OP
Apparaatschade veroorzaakt door huisdieren

Huisdieren kunnen het apparaat beschadigen of zichzelf verwonden.

  • Houd huisdieren uit de buurt van het apparaat.


Apparaatonderdelen kunnen letsel veroorzaken als ze vallen
Apparaatonderdelen kunnen letsel veroorzaken als u ze laat vallen.

  • Plaats alle apparaatonderdelen die zijn verwijderd op een veilige plaats in de buurt van de apparaten.
  • Zorg ervoor dat er geen onderdelen die van de apparaten zijn verwijderd op de vloer kunnen vallen.


Risico op letsel door zwaar tillen
Indien niet correct gehanteerd, kan het dragen en installeren van apparaten letsel aan de ledematen of de romp veroorzaken.

  • Draag en installeer het apparaat indien nodig met een andere persoon.
  • Gebruik geschikte hulpmiddelen om schade of letsel te voorkomen.


Schade door oneigenlijk gebruik
De apparaatoppervlakken mogen niet worden gebruikt als werk- of opslagruimten. Dit kan de apparaten beschadigen (vooral in het geval van harde en scherpe voorwerpen).

  • Gebruik de apparaten nooit als werk- of opslagruimten.
  • Houd harde of scherpe voorwerpen uit de buurt van de apparaatoppervlakken.

Veiligheidsinformatie voor installatie


Risico op letsel door onjuiste montage
Het niet naleven van de installatie-instructies kan leiden tot letsel.

  • Het apparaat mag alleen worden geïnstalleerd en gemonteerd door getrainde specialisten die bekend zijn met en voldoen aan de standaard nationale voorschriften en aanvullende voorschriften van de plaatselijke nutsbedrijven.
  • Het apparaat mag alleen worden geïnstalleerd wanneer de stroom is uitgeschakeld.
  • Werkzaamheden aan elektrische componenten mogen alleen worden uitgevoerd door opgeleid elektrotechnisch personeel.
  • Voer alle werkzaamheden uiterst aandachtig en consciëntieus uit.
  • Voordat u het apparaat of systeem overhandigt aan de eindgebruiker, moet u ervoor zorgen dat het correct is geïnstalleerd.

informatie LET OP
Apparaatschade veroorzaakt door verkeerde bedrading

De elektrische veiligheid van het apparaat is alleen gegarandeerd als het is aangesloten op een beschermingsgeleidersysteem dat is geïnstalleerd in overeenstemming met de voorschriften.

  • Werkzaamheden aan elektrische componenten mogen alleen worden uitgevoerd door opgeleid elektrotechnisch personeel.
  • Zorg ervoor dat aan deze basisveiligheidsmaatregel wordt voldaan. Het apparaat moet geschikt zijn voor de regionale spanning en frequentie.
  • Controleer de informatie op het identificatieplaatje en sluit het apparaat in geval van afwijkingen niet aan.
  • Gebruik alleen de meegeleverde aansluitkabels.


Risico op elektrische schok door onjuiste netaansluiting
Het onjuist aansluiten van het apparaat op het elektriciteitsnet vormt een risico op elektrische schok.

  • Zorg ervoor dat het apparaat een vaste aansluiting heeft op de netspanning.
  • Zorg ervoor dat het apparaat is aangesloten op een correct geïnstalleerd beschermingsgeleidersysteem.
  • Zorg ervoor dat er technische apparatuur aanwezig is om alle polen van het apparaat los te koppelen van het elektriciteitsnet met een contactopeningsbreedte van minimaal 3 mm (stroomonderbreker en automatische stroomonderbrekers, zekeringen, contactor).


Risico op elektrische schok door beschadigde voedingskabel
Als de voedingskabel is beschadigd (bijv. tijdens de installatie), kan dit een (dodelijke) elektrische schok veroorzaken.

  • Zorg ervoor dat de aansluitkabel niet bekneld raakt of beschadigd raakt.


Risico op elektrische schok door beschadigd apparaat
Een beschadigd apparaat kan een elektrische schok veroorzaken.

  • Controleer het apparaat vóór de installatie op zichtbare schade.
  • Installeer of sluit geen beschadigde apparaten aan.
  • Gebruik geen beschadigde apparaten.

Speciale veiligheidsinstructies voor het gebruik van de verswateraansluiting


Gezondheidsrisico door ongezuiverd water
Het gebruik van ongezuiverd water vormt een gezondheidsrisico

  • Sluit het apparaat aan op de drinkwatervoorziening.
  • Zorg ervoor dat de kwaliteit van het verse water voldoet aan de drinkwaterregels in het betreffende land.
  • De verswateraansluiting mag alleen worden aangebracht door getrainde specialisten die bekend zijn met en voldoen aan de lokale voorschriften.


Schade veroorzaakt door vuil in het water
Vuil in de waterleiding kan zich afzetten in de apparaatklep. Als dit de werking van de klep beïnvloedt, kan er water lekken.

  • Spoel de waterleiding door voordat u het apparaat aansluit of wanneer er werkzaamheden aan de waterleidingen worden uitgevoerd.

Veiligheidsinstructies – bediening

gevaar
Brandgevaar door oververhitte olie of vet
Olie of vet in de pan kan snel opwarmen en ontbranden.

  • Laat het apparaat nooit onbeheerd achter wanneer u met olie of vet kookt.
  • Blus olie- en vetbranden nooit met water.
  • Schakel het apparaat uit.
  • Blus de brand bijvoorbeeld met een deksel of een blusdeken.

gevaar
Brandgevaar door te drogen
Wanneer voedsel te droog is, is er brandgevaar.

  • Laat het apparaat niet onbeheerd achter als u kruiden, brood, champignons enz. laat drogen.
  • Als u rook ziet, houd het apparaat dan gesloten en schakel de stroomtoevoer uit.
  • Open de deur niet voordat de rook is verdwenen.

gevaar
Gevaar voor brandwonden of explosie veroorzaakt door ontvlambare vloeistoffen
Ontvlambare vloeistoffen (alcoholische dampen) kunnen in de hete ovenruimte worden ontstoken of exploderen en ernstig letsel veroorzaken.

  • Bereid nooit gerechten met grote hoeveelheden sterk alcoholische dranken.
  • Gebruik slechts kleine hoeveelheden sterk alcoholische dranken.
  • Giet geen ontvlambare vloeistoffen (bijv. spiritus) over heet voedsel.

waarschuwing
Gevaar voor brandwonden door hete oppervlakken
Het apparaat en de blootgestelde onderdelen (ovenruimte, deur, verwarmingselementen, voedselthermometer, accessoires) worden heet tijdens gebruik. Het aanraken van hete oppervlakken kan ernstige brandwonden veroorzaken.

  • Raak geen hete oppervlakken aan.
  • Gebruik indien nodig geschikte accessoires (pannenlappen, ovenwanten).
  • Houd kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt van het apparaat of zorg ervoor dat ze te allen tijde onder toezicht staan.

waarschuwing
Gevaar voor letsel door de voedselthermometer bij onzorgvuldig gebruik
Als u niet zorgvuldig bent bij het inbrengen van de voedselthermometer in het voedsel, kan dit leiden tot prikwonden.

  • Zorg ervoor dat de voedselthermometer correct is geplaatst.

waarschuwing
Gevaar voor letsel door bewegende onderdelen van het apparaat
Er bestaat een risico op letsel bij het openen en sluiten van de deur of de bedieningseenheid.

  • Zorg ervoor dat niemand in het apparaat reikt wanneer de deur of de bedieningseenheid wordt geopend of gesloten (vooral kinderen).

waarschuwing
Gevaar voor letsel door openstaande deur
Wanneer de deur openstaat, bestaat het risico op struikelen of beknelling.

  • Sluit de deur na gebruik.

gevaar
Gevaar voor brandwonden of explosie veroorzaakt door gesloten inmaakpotten
Het verwarmen van gesloten inmaakpotten leidt tot overmatige druk, waardoor de potten kunnen exploderen en ernstig letsel kunnen veroorzaken.

  • Verwarm geen gesloten inmaakpotten.

waarschuwing
Gevaar voor corrosie
Roestende materialen (bijv. schalen, bestek) kunnen corrosie in de ovenruimte veroorzaken.

  • Gebruik alleen originele accessoires in de ovenruimte.

waarschuwing
Gevaar voor brandwonden door heet voedsel
Er kan voedsel overstromen bij het inbrengen of verwijderen van de voedseldrager. Het aanraken van heet voedsel kan ernstige brandwonden veroorzaken.

  • Zorg ervoor dat er geen heet voedsel overstroomt bij het inbrengen of verwijderen van de voedseldrager.

waarschuwing
Gevaar voor brandwonden door stroomuitval
Tijdens of na een stroomuitval kan een kookplaat die eerder in bedrijf was, nog steeds heet zijn.

  • Raak het apparaat niet aan als het nog heet is.
  • Houd kinderen uit de buurt van het hete apparaat.

waarschuwing
Gevaar voor letsel door hete stoom
Er kan hete stoom ontsnappen wanneer de deur wordt geopend als de stoom niet van tevoren is afgezogen. Afhankelijk van de temperatuur kan stoom onzichtbaar zijn. Na het openen kan er heet water uit de deur druppelen.

  • Ga niet te dicht bij het apparaat staan wanneer u de deur opent.
  • Open de deur voorzichtig.
  • Houd kinderen uit de buurt van ontsnappende stoom.

informatie LET OP
Schade aan het apparaat
Onjuist gebruik kan schade aan het apparaat veroorzaken.

  • Zorg ervoor dat het afvoerfilter altijd wordt gebruikt tijdens het koken. Grote voedselresten kunnen de waterafvoerpijp en de pomp blokkeren.
  • Bekleed de ovenruimte nooit met aluminiumfolie of ovenvoeringen.
  • Plaats geen kookgerei direct op de bodem van de ovenruimte.
  • Bewaar geen ontvlambare voorwerpen of vloeistoffen in de ovenruimte.
  • Houd de deur tijdens gebruik gesloten, omdat anders de bedieningselementen erg heet worden.
  • Vang druipend vet altijd op in een geschikte container.
  • Schakel het apparaat na gebruik uit.

informatie LET OP
Verhoogde luchtvochtigheid

Tijdens het koken en reinigen komt er vocht vrij in de omgevingslucht.

  • Zorg voor voldoende verse lucht, bijvoorbeeld door een raam te openen.
  • Zorg voor een normaal en comfortabel ruimteklimaat (vochtigheid van 45–60%), bijvoorbeeld door natuurlijke ventilatieopeningen te openen of door ventilatiesystemen voor huishoudelijk gebruik te gebruiken.

Veiligheidsinstructies – reiniging en onderhoud

gevaar
Brandgevaar door oververhitte olie of vet
Olie of vet in de pan kan snel opwarmen en ontbranden.

  • Verwijder voor gebruik alle olie- of vetresten uit de ovenruimte.

gevaar voor brandwonden
Gevaar voor brandwonden door hete oppervlakken
Het apparaat en de blootgestelde onderdelen (ovenruimte, deur, verwarmingselementen, voedselthermometer, accessoires) worden heet tijdens het reinigen. Het aanraken van hete oppervlakken kan ernstige brandwonden veroorzaken.

  • Raak geen hete oppervlakken aan.
  • Laat het apparaat en de blootgestelde onderdelen afkoelen voor en na het reinigen.
  • Houd kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt van het apparaat of zorg ervoor dat ze te allen tijde onder toezicht staan.

waarschuwing
Gevaar voor corrosie
Voedsel of vloeistof die keukenzout bevat en aan de roestvrijstalen wanden van de ovenruimte blijft kleven, kan corrosie veroorzaken.

  • Verwijder dergelijk voedsel of vloeistof van deze oppervlakken.

waarschuwing
Gevaar voor letsel door hete stoom
Er kan hete stoom ontsnappen wanneer de deur wordt geopend als de stoom niet van tevoren is afgezogen. Afhankelijk van de temperatuur kan stoom onzichtbaar zijn. Na het openen kan er heet water uit de deur druppelen.

  • Ga niet te dicht bij het apparaat staan wanneer u de deur opent.
  • Open de deur voorzichtig.
  • Houd kinderen uit de buurt van ontsnappende stoom.

waarschuwing
Gevaar voor letsel door heet water en reinigingsmiddelen
Het openen van de deur tijdens het reinigingsprogramma kan brandwonden of oogirritatie veroorzaken.

  • Open de deur niet tijdens het reinigingsprogramma.

voorzichtigheid
Oogirritatie door resten van reinigingsmiddelen
Resten van reinigingsmiddelen in de ovenruimte en de lege reinigingscartridge kunnen irritatie veroorzaken als ze in contact komen met de ogen.

  • Was uw handen na het aanraken van reinigingsmiddelen of de reinigingscartridge.

informatie LET OP
Schade aan het apparaat door vervuilde apparaten
Vuil kan leiden tot schade, beperking van functies of hinderlijke geuren. In het ergste geval kan dit een gevaar worden.

  • Reinig het apparaat regelmatig.
  • Verwijder vuil onmiddellijk.
  • Gebruik bij het reinigen alleen niet-schurende reinigingsmiddelen om krassen en slijtage op het oppervlak te voorkomen.
  • Zorg er bij het reinigen voor dat er geen water in het apparaat dringt. Gebruik alleen een licht vochtige doek. Besproei het apparaat nooit met water. Het binnendringen van water kan schade veroorzaken.
  • Gebruik geen stoomreiniger voor het reinigen. Stoom kan een kortsluiting veroorzaken op stroomvoerende onderdelen en zo leiden tot materiële schade.
  • Volg alle instructies in het hoofdstuk "Reiniging en onderhoud".
  • Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of scherpe metalen schrapers om de ovenruimte en glazen oppervlakken (deur en bedieningseenheid) te reinigen. Dit kan krassen op de oppervlakken veroorzaken en het glas beschadigen.
  • Gebruik alleen originele BORA-reinigingscartridges, omdat cartridges van andere fabrikanten onherstelbare schade aan het apparaat kunnen veroorzaken.

Veiligheidsinstructies – reparaties, onderhoud en reserveonderdelen

gevaar
Gevaar voor letsel bij het uitvoeren van reparaties
Onvoldoende expertise kan leiden tot letsel bij het uitvoeren van reparaties.

  • Het apparaat mag alleen worden gerepareerd en onderhouden door getrainde specialisten die bekend zijn met de geldende nationale voorschriften en de aanvullende voorschriften van de plaatselijke nutsbedrijven en deze naleven.
  • Koppel het apparaat veilig los van het elektriciteitsnet.
  • Werkzaamheden aan elektrische componenten mogen alleen worden uitgevoerd door getraind elektrotechnisch personeel.
  • Een beschadigde voedingskabel moet worden vervangen door een geschikte voedingskabel.
  • Oude slangsets mogen niet opnieuw worden gebruikt voor het aansluiten van de watertoevoer.

gevaar
Gevaar voor elektrische schokken door restlading
Elektrische componenten in het apparaat kunnen restlading bevatten en een elektrische schok veroorzaken.

  • Raak geen blootliggende contacten aan.
  • Gebruik de ontladingsadapter voordat u aan het apparaat gaat werken.

waarschuwing
Gevaar voor letsel of schade door onjuiste reparaties
Onjuiste componenten kunnen leiden tot persoonlijk letsel of schade aan het apparaat. Modificaties, toevoegingen of wijzigingen aan het apparaat kunnen leiden tot veiligheidsrisico's.

  • Gebruik voor reparaties alleen originele reserveonderdelen.
  • Breng geen modificaties, toevoegingen of wijzigingen aan het apparaat aan.

Veiligheidsinstructies – demontage en verwijdering

Gevaar
Risico op letsel tijdens demontage
Onvoldoende expertise kan leiden tot letsel bij het demonteren van het apparaat.

  • Het mag alleen worden gedemonteerd door getrainde specialisten die bekend zijn met en voldoen aan de standaard nationale voorschriften en aanvullende voorschriften van de lokale nutsbedrijven.
  • Koppel het apparaat veilig los van de netvoeding.
  • Werkzaamheden aan elektrische componenten mogen alleen worden uitgevoerd door getraind elektrotechnisch personeel.

Risico op elektrische schok door onjuiste ontkoppeling
Risico op elektrische schok door onjuiste ontkoppeling
Het onjuist loskoppelen van het apparaat van het elektriciteitsnet resulteert in een risico op elektrische schok.

  • Koppel het apparaat veilig los van de netvoeding.
  • Gebruik een geautoriseerd meetapparaat om er zeker van te zijn dat er geen stroom op het apparaat staat.
  • Raak geen blootliggende contacten op de elektronische eenheid aan, aangezien deze een restlading kunnen bevatten.

Risico op elektrische schok door restlading
Risico op elektrische schok door restlading
Elektrische componenten in het apparaat kunnen een restlading bevatten en een elektrische schok veroorzaken.

  • Raak geen blootliggende contacten aan.
  • Gebruik de ontladingsadapter voordat u aan het apparaat gaat werken.

Technische gegevens

X BO-stoomoven

Parameter Waarde
Meerfasige voedingsspanning 380–415 V 2N
1-fasige voedingsspanning 220–240 V
Frequentie 50 Hz
Maximaal opgenomen vermogen 6100 W
2-fasige zekering/voeding 2 x 16 A
1-fasige zekering/voeding 1 x 16 A
Afmetingen (breedte x hoogte x diepte) 598 x 599 x 580 mm
Afmetingen ovenruimte (breedte x hoogte x diepte) 480 x 308 x 405 mm
Volume kookruimte 53 l
Aantal inschuifniveaus 3
Gewicht (incl. accessoires/verpakking) 62 kg
Gewicht (netto) 47 kg
Materiaal oppervlak Glas en kunststof
Temperatuurbereik 30–230 °C
Energiebeheer naadloos
Lengte wateraanvoerslang 2,5 m
Aansluiting wateraanvoerslang 3/4" (sleutelwijdte 30)
Binnen-/buitendiameter waterafvoerslang 19 mm/27 mm
Materiaal geurfilter Actieve kool met ionenwisselaar
Maximale levensduur filter 1 jaar
Gegarandeerde beschikbaarheidsperiode voor software-updates (vanaf de datum van stopzetting van het product) 5 jaar

Tab. 3.1 Technische gegevens X BO

Afmetingen apparaat


Afb. 3.2 Bovenaanzicht XBO



Afb. 3.4 Vooraanzicht XBO glazen voorzijde

Beschrijving van het apparaat

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").

Werking

  • Stomer en oven in één apparaat
  • Stoomafzuiging rechtstreeks uit de ovenruimte
  • Zeer snelle bijstelling
  • Kookprocessen vereisen relatief minder warmte
  • Hete lucht wordt op hoge snelheid gecirculeerd
  • Sneller kookproces
  • Optimale en consistente kookresultaten
  • Actieve koolfilter zorgt voor frisse lucht

Opbouw

Opbouw - Deel 1

  1. Bedieningseenheid met aanraakdisplay (verhoogd)
  2. USB-interface
  3. Luidspreker
  4. Klep filter vervangen
  5. Kabelhouder voedselthermometer
  6. Aansluiting reinigingswater
  7. Aansluiting stoomwater
  8. Ovenruimte (volledig van roestvrij staal)
  9. Ventilatorwiel
  10. Afdichting ovenruimte
  11. Temperatuursensor ovenruimte
  12. Voedselthermometer

Opbouw - Deel 2

  1. Aan/uit-sensor
  2. Stelplaatje (x 2)
  3. Afstandhouder frame
  4. Druppelkanaal
  5. Deur (open)
  6. Afvoerfilter
  7. Ovenroosters (3 inschuifniveaus)
  8. LED-verlichting ovenruimte (x 3)
  9. Inlegframe
  10. Bedieningseenheid met aanraakdisplay (gesloten)

Aanraakdisplay

Het apparaat wordt bediend via een aanraakdisplay. Om het gebruik te vereenvoudigen, kan de bedieningseenheid met aanraakdisplay naadloos omhoog of omlaag worden gebracht.

  • Houd elke kant van de bedieningseenheid met één hand vast.
  • Kantel de bedieningseenheid omhoog of omlaag.

informatie Puntige of scherpe voorwerpen kunnen krassen op het oppervlak van het aanraakdisplay veroorzaken.

informatie Er mag geen water of vuil achter het aanraakdisplay komen.

Algemene symbolen

Symbool/functie Betekenis
BORA Choice Voldoet aan de BORA-richtlijnen voor voeding
Actie Gebruikersactie vereist
Plus Functie toevoegen
Vinkje Bevestiging
Doorgaan Ga naar
Einde Annuleren
Start Functie starten
Stop Functie pauzeren
Getimede bereiding Gedurende een bepaalde tijd koken
Kerntemperatuur Koken met voedselthermometer
Geen kerntemperatuur Geen kerntemperatuur geselecteerd
Scrollwiel Overschakelen naar scrollwielweergave
Schuifregelaar Overschakelen naar schuifregelaarweergave
Stoomafzuiging stoppen Stoomafzuiging stoppen, deur direct openen
Stoomstoot Stoomstoot toevoegen
Geen stoomstoot Stoomstoot kan niet worden toegevoegd
Temperatuur Temperatuurinstellingen
Vochtigheid Vochtigheidsinstellingen
Automatisch programma kopiëren Kopie maken in "Eigen programma's"
Gewijzigd automatisch programma Automatisch programma met gewijzigde kookparameters
Favoriet Voorkeursprogramma
Bevroren Programma voor diepvriesproducten

Tab. 4.1 Algemene symbolen

De deur openen

BORA Smart Open
Zodra het systeem voor het vooropenen is geactiveerd, wordt de stoom uit de ovenruimte afgevoerd. De deur gaat dan open. (BORA Clear View – voorkomt dat er stoom ontsnapt wanneer de deur wordt geopend). De duur van de stoomafzuiging kan worden ingesteld (10–20 seconden). De deur kan ook handmatig worden geopend zonder stoomafzuiging.

Voedselthermometer

Dankzij de vierpunts voedselthermometer kunt u de kerntemperatuur van het voedsel betrouwbaar bepalen. Deze bevindt zich boven in de ovenruimte en is via een kabel met het apparaat verbonden. De voedselthermometer wordt in het voedsel gestoken. De vier meetpunten detecteren te allen tijde het koudste deel van het voedsel. Zodra het voedsel de gewenste temperatuur heeft bereikt, wordt het kookproces automatisch beëindigd.

Hulpmiddelen voor het plaatsen van gerechten

Alle hulpmiddelen voor het plaatsen van gerechten kunnen op alle inschuifniveaus worden gebruikt. De hulpmiddelen voor het plaatsen van gerechten die voor een programma vereist zijn, worden aangegeven als accessoires in de voorinstellingen, pro-tips en speciale programma's.

Universele bakplaat

  • Materiaal: aluminium, gecoat met extreem hard keramiek, PFOA-vrije anti-aanbaklaag
  • Afmetingen (b x d x h): 469 x 354 x 25 mm
  • Inhoud: 3 l

Diepe universele bakplaat

  • Materiaal: aluminium, gecoat met extreem hard keramiek, PFOA-vrije anti-aanbaklaag
  • Afmetingen (b x d x h): 469 x 354 x 40 mm
  • Inhoud: 4,9 l

Geperforeerde roestvrijstalen bakplaat
geperforeerde roestvrijstalen bakplaat

  • Materiaal: roestvrij staal
  • Afmetingen (b x d x h): 469 x 361 x 41,5 mm
  • Inhoud: 5,2 l
  • Meer consistente kookresultaten dankzij verbeterde lucht- en stoomcirculatie
  • Overtollig vet of vloeistoffen druppelen naar beneden en worden opgevangen door er een universele bakplaat onder te plaatsen
  • Geschikt om alle soorten voedsel voorzichtig te garen

informatie De geperforeerde roestvrijstalen bakplaat is niet geschikt voor diepvriesproducten en kan alleen worden gebruikt voor temperatuurinstellingen tot 120 °C.

Ovenrooster
ovenrooster

  • Materiaal: roestvrij staal
  • Afmetingen (b x d x h): 469 x 358 x 38,5 mm
  • De verhoogde rand op het ovenrooster voorkomt dat het voedsel eraf glijdt (legbord met de verhoogde rand aan de voorkant).

informatie Wanneer het reinigingsprogramma wordt uitgevoerd, wordt het ovenrooster gebruikt als ondersteuning voor de reinigingscartridge.

Demomodus

Er zijn drie demomodi waaruit u kunt kiezen met beperkte functies:

  • Geen warmte of water
  • Water, maar geen warmte
  • Videosequentie – oven kan niet worden bediend

Functies en bediening

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").

Het apparaat in- en uitschakelen

De sensorbutton reageert op aanraking met de vinger. Met deze button schakelt u het apparaat in en uit.

  • Lang indrukken op .
  • Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, wordt het tijdelijk in de slaapstand gezet en na 15 minuten wordt de software volledig afgesloten.

informatie Bij gebruik van het apparaat moet de afvoerfilter geplaatst zijn. Grote voedselresten kunnen de waterafvoerpijp en de pomp blokkeren.

De deur openen/sluiten

De deur openen

  • Tik op
  • De deur gaat iets open.
  • Gebruik beide handen om de deur zo ver mogelijk te openen.

informatie Als u dit niet binnen 10 seconden na het openen van de deur doet, sluit deze automatisch weer.

De deur sluiten
Wanneer de deur volledig open is:

  • gebruik beide handen om de deur omhoog te kantelen totdat de automatische functie de deur sluit.

Wanneer de deur vooraf geopend is:

  • Gebruik beide handen om de deur zo ver mogelijk te openen.
  • gebruik beide handen om de deur omhoog te kantelen totdat de automatische functie de deur sluit.

informatie duw de deur niet dicht wanneer deze vooraf geopend is; dit kan het apparaat beschadigen.

De voedseldragers gebruiken

Voedseldragers plaatsen/verwijderen

  • Plaats de voedseldrager op de geleiders op het gewenste niveau en duw tot deze in de ovenruimte tot stilstand komt.
    Voedseldragers plaatsen

De voedseldragers hebben een beveiligingsmechanisme dat voorkomt dat ze uit de voorkant van de geleider schuiven.

  • Til de voedseldrager op om hem eruit te halen.

Hoe u voedseldragers zorgvuldig en correct gebruikt

  • Gebruik geen messen op de voedseldragers.
  • Gebruik geen metalen of scherpe voorwerpen om voedsel te draaien of te verwijderen.
  • Gebruik alleen plastic of houten keukengerei. Voedseldragers kunnen uitzetten wanneer ze worden verwarmd (thermisch gedrag). Als ze ongelijkmatig worden verwarmd, zal het metaal in verschillende mate uitzetten. De onderstaande maatregelen kunnen worden genomen om kromtrekken te voorkomen:
  • Verwarm de X BO voor zonder de voedseldragers.
  • Belast de voedseldragers gelijkmatig. Gebruik de voedseldragers zoals aangegeven.
  • Gebruik een geschikte bakplaat of blik voor pizza's, ronde taarten en dergelijke en plaats deze op het ovenrooster.
  • Vermijd het plaatsen van koud voedsel of water direct op hete voedseldragers.
  • Gebruik de universele bakplaat voor aanbraden en braden.

Het aanraakscherm bedienen

Het aanraakscherm reageert op aanraking met de vinger. Het herkent verschillende aanraakopdrachten:

Aanraakopdracht Contact Duur
Aanraken Kort aanraken 0,5 s
Lang indrukken Langer contact 1–8 s
Swipen Swipebeweging (verticaal + horizontaal) 0,1–8 s
Nummer scrollwiel Verticale swipebeweging over het nummer scrollwiel (totdat de gewenste waarde in het midden staat)

Tab. 5.1 Aanraakopdrachten

  • Raak het scherm alleen aan met uw vingers.
  • Zorg ervoor dat uw vingers schoon en droog zijn voordat u de aanraakbediening gebruikt.
  • Zorg ervoor dat geen andere delen van uw hand het scherm aanraken wanneer u de bediening gebruikt.
  • Houd het contactoppervlak zo klein mogelijk bij het gebruik van de aanraakzones.

Een schuifbalk aan de onderkant van het scherm toont het gebied dat momenteel zichtbaar is in het menu.

  • Swipe naar links of rechts over het scherm om andere gebieden in het menu weer te geven.

Hoe het werkt

Bediening Opdracht
Aanraken Een functie, button of menu-item selecteren
Lang indrukken Extra opties activeren
Swipen Waarde instellen, navigatie

Tab. 5.2 Bedieningsprincipe

Info, tips en instructies

informatie Het menu-item "Eerste stappen" bevat handige video's over het bedienen en hanteren van de X BO stoomoven.

Informatie en tips
De programma's bieden praktische informatie en tips:

  • Tik op in de voorinstellingen
  • Tik op de button "Info" (Info) onder "Speciale programma's"
  • Tik op de button "Pro tip" (Pro-tip) onder "Automatische programma's"

Instructies
Wanneer u op de button "Instructions" (Instructies) drukt, legt een animatie uit hoe u bepaalde dingen moet doen (bijv. het plaatsen van de BORA reinigingscartridge).

Statusberichten
Worden weergegeven aan de bovenrand van het scherm.

  • Let op statusberichten.

Standaardfuncties

Standaardfuncties zijn beschikbaar op elk menuniveau en worden weergegeven aan de rand van het scherm.

Symbool/functie Betekenis
Eén menuniveau terug Het volgende menu omhoog wordt weergegeven
Hoofdmenu Het hoofdmenu wordt weergegeven
De deur openen De deur wordt automatisch geopend
Ovenruimteverlichting Ovenruimteverlichting aan/uit
Tijd Uur: minuut

Tab. 5.3 Standaardfuncties

Globale functies

Globale functies kunnen op elk moment worden gebruikt.

Symbool/functie Betekenis
Eierwekker Aftellen in seconden, akoestisch en visueel signaal wanneer de tijd verstrijkt; de tijd blijft dan doorlopen in min-cijfers
Alarm Akoestisch signaal op een bepaald tijdstip; de tijd blijft dan doorlopen in min-cijfers
Zoeken Vrije tekst zoeken met suggestiefunctie
Bericht Informatie voor andere mensen, bericht op het scherm (bijv. De kooksessie niet stoppen)
Bedieningsvergrendeling Voorkomt onbedoelde of ongeoorloofde bediening
Reinigingsvergrendeling Het scherm is 10 seconden vergrendeld

Tab. 5.4 Globale functies

Globale functies openen

  • Swipe omlaag vanaf de bovenrand van het scherm.

Globale functies sluiten

  • Swipe omhoog.

De verschillende functies en instellingen worden geselecteerd in het hoofdmenu. Onder sommige menupunten worden andere opties weergegeven of kunnen instellingen worden gemaakt.

Symbool/functie Betekenis
Handmatig Handmatig koken
Automatisch Automatische programma's
Eerste stappen Leer de oven gebruiken
(kan verborgen zijn onder "Settings" (Instellingen))
Speciaal Andere handige programma's
Favorieten Favoriete automatische programma's
Klassiek Klassiek koken
Multilade BORA-multiladebediening
(alleen als een multilade is aangesloten)
Onderhoud Onderhoudsprogramma's en filtervervangingen
Settings Apparaatinstellingen
Basics Eenvoudige automatische programma's
(functie alleen te vinden in gastmodus – zie "Settings" (Instellingen))

Tab. 5.5 Hoofdmenu

Handmatig
De gewenste luchtvochtigheid en temperatuur, evenals de kooktijd, kunnen nauwkeurig worden ingesteld met behulp van twee selecteerbare weergaven (schuifregelaar of scrollwiel). De optionele handmatige stoomstoot kan ook afzonderlijk worden geactiveerd.

Temperatuurspecificaties die verwijzen naar conventionele ovenfuncties (bijv. boven-/onderwarmte, grill) en niet beschikbaar zijn op het apparaat, kunnen worden aangepast volgens de volgende vuistregels:

Temperatuurbereik van conventionele ovens Handmatige kookinstelling
120–140°C 5°C lager
140–160°C 10°C lager
160–180°C 15°C lager
180–230°C 20°C lager

Tab. 5.6 Omrekentabel

Presets
Onder de menu-items "Manual" (Handmatig) en "Classic" (Klassiek) zijn presets opgeslagen met kookparameters die indien nodig handmatig kunnen worden gewijzigd.

Er is een reeks presets beschikbaar, zoals "Crisp up rolls" (Broodjes afbakken), "Steam vegetables" (Groenten stomen), "Braise joint" (Braadstuk smoren), enz. Er is praktische informatie over elke preset.

Presets selecteren

  • Tik op "Manual of "Classic" .
  • Tik op
  • Tik op de gewenste preset.
  • Wijzig de instellingen indien nodig.

Automatisch
In het geval van automatische programma's zijn de optimale temperatuur, kooktijd en toevoeging van stoom vooraf ingesteld. Om de gewenste kookresultaten te garanderen, worden startvoorwaarden weergegeven voor veel programma's (bijv. temperatuur of aard van het voedsel). In sommige programma's kunnen de voorgestelde waarden voor de bruiningsgraad en gaarheid (bijv. stevig, al dente, zacht) worden aangepast. Automatische programma's kunnen afzonderlijk worden gewijzigd en onder nieuwe namen worden opgeslagen. Pro-tips geven nuttige adviezen over het bereiden van het gerecht.

informatie Plaats het voedsel op kamertemperatuur in de stoomoven. Laat bevroren voedsel eerst ontdooien.

informatie Hoge temperaturen worden gebruikt voor sommige automatische programma's (tot 230°C). Ongeschikte vetten of oliën kunnen rook veroorzaken. We raden daarom aan om vetten en oliën te gebruiken met een hoog rookpunt.

Automatische programma's wijzigen
De waarden van afzonderlijke kookstappen kunnen worden gewijzigd in de kookstapweergave.

  • Veeg omhoog vanaf de onderrand van het display in het automatische programma.
  • Selecteer de kookstap.

Het gewijzigde automatische programma kan worden opgeslagen wanneer het programma eindigt.

Een automatisch programma starten vanaf een bepaalde kookstap

  • Veeg omhoog vanaf de onderrand van het display.
  • Selecteer de kookstap.
  • Tik op "Start programme here" (Start programma hier)

Automatische kookprogramma's later starten
In programma's die later kunnen worden gestart, kunnen de start- en eindtijd worden gewijzigd (zie "First steps" (Eerste stappen)).

Indeling van automatische programma's in termen van hoeveelheid (richtwaarden)

  • Standaardinstelling: 4 porties/4 personen
  • Plaatgebak: 1 plaat
  • Vleesgerechten: 800–1000 g vlees (rauw gewicht)
  • Brood, gebak: ca. 750 g gebak TRijst, risotto: 300–400 g droge rijst zonder vocht

First steps
Nuttige video's met eenvoudige uitleg over het bedienen en hanteren van het apparaat.

  • Tik op "First steps" (Eerste stappen) .
  • Tik op de video.

De video vroegtijdig beëindigen:

  • Houd het display lang ingedrukt.

Special
Menu-item met handige speciale programma's zoals "Keep warm" (Warmhouden), "Defrost" (Ontdooien), "Sous-vide cooking" (Sous-vide koken), "Drying" (Drogen), enz.

Favourites
Favoriete automatische programma's kunnen onder dit menu-item worden opgeslagen.

Favorieten toevoegen
Ga naar het gewenste automatische programma.

  • Houd het gerecht lang ingedrukt.
  • Tik op .

Classic
Met de functie Classic kunnen alle conventionele kookmethoden worden gebruikt: braden, bakken, stomen en heteluchtgrillen. Deze werken door simpelweg hete lucht en stoom te combineren.

informatie Waar temperaturen en tijden op de voedselverpakking worden vermeld, gebruikt u de laagste waarden.

Symbool/bedrijfsmodus Functie

Hete lucht
De intense stroom hete lucht bruint gerechten gelijkmatig.

Bakken met vocht
Er wordt water toegevoegd aan de hete luchtstroom om een vochtige omgeving in de ovenruimte te creëren; gerechten drogen minder uit en blijven vochtig

Stoom
Temperatuur tot 100°C, maximale luchtvochtigheid, een bijzonder zachte kookmethode; koken op een lagere temperatuur behoudt de natuurlijke smaakstoffen, voedingsstoffen en vitaminen

Hete lucht grill
Gerichte verwijdering van vochtige lucht uit de ovenruimte en de toevoeging van verse lucht bruint het voedsel intensief en bevordert de vorming van kookresten

Ecomodus
Minder vermogen, dus minder energieverbruik, alleen hete lucht, geen toevoeging van stoom, langere opwarmtijden

Tab. 5.7 Klassieke bedrijfsmodi

Bedrijfsmodus Bijzonder geschikt voor...
Hete lucht Gebak (taarten, brood, koekjes), kant-en-klaarmaaltijden
Bakken met vocht Ovenschotels, vlees- en visgerechten, cheesecakes, droge taarten
Stoom Groenten, vis, mals vlees, dumplings
Hete lucht grill Gegrild vlees, gegrilde worstjes, gegrilde groenten, gerechten gratineren

Tab. 5.8 Hoe de klassieke bedrijfsmodi te gebruiken

Multilade
Als het apparaat is geïnstalleerd samen met een BORA-multilade, kan deze laatste worden bediend en gebruikt via het X BO-touchdisplay.

Onderhoud
Het apparaat heeft programma's voor reiniging en droging en voor het vervangen van het geurfilter (zie "Cleaning and maintenance" (Reiniging en onderhoud)).

Settings
Onder dit menu-item kunnen individuele instellingen op het apparaat worden gemaakt.

informatie Standaardcode voor het deactiveren van de gastmodus en het kinderslot: 2021

Cooldown

De Cooldown-functie koelt de ovenruimte snel af met water en brengt deze terug naar de gewenste doeltemperatuur. Een Cooldown wordt automatisch voorgesteld wanneer de temperatuur in de ovenruimte hoger is dan de ingestelde doeltemperatuur. Bij het instellen van een programma kunt u kiezen uit droge of natte Cooldown-opties, afhankelijk van de volgende kookstap.

De voedselthermometer gebruiken

  • Haal de voedselthermometer uit de houder.
  • Steek de voedselthermometer in het dikste deel van het voedsel.
    • Steek hem bij voedsel dat botten bevat, direct naast het bot.
    • Steek hem bij het koken van hele gevogelte langs het borstbeen.
  • Als u klaar bent met koken, reinigt u de voedselthermometer, plaatst u deze terug in de houder en wikkelt u de kabel om de kabelhouder.

Het menu aanpassen

De symbolen in de volgende menu's kunnen naar persoonlijke wens worden herschikt:

  • Hoofdmenu
  • Automatisch
  • Eerste stappen
  • Speciaal
  • Onderhoud

Symbolen verplaatsen

  • Houd het symbool ingedrukt en sleep het naar de gewenste positie.

De software van het apparaat bijwerken

Een USB-stick gebruiken
De nieuwste software is gratis beschikbaar op de website van BORA (www.bora.com).

informatie U hebt een USB-stick met FAT32-indeling nodig om het updatebestand op te slaan.

  • Laad het updatebestand op de USB-stick.
  • Tik op "Settings" (Instellingen) .
  • Voer de update uit onder "System and updates" (Systeem en updates) .
  • Na automatisch opnieuw opstarten bevestigt het apparaat de update.

Via Wi-Fi
Wanneer er een nieuwe softwareversie beschikbaar is, verschijnt het statusbericht "Update available" (Update beschikbaar) in het display.

informatie Om een update via Wi-Fi uit te voeren, moet het apparaat met internet verbonden zijn.

  • Tik op het statusbericht "Update available" (Update beschikbaar)
    of
  • Tik op "Settings" (Instellingen) .
  • Voer de update uit onder "System and updates" (Systeem en updates) .
    • Na automatisch opnieuw opstarten bevestigt het apparaat de update.

Informatie over de Wi-Fi-update opvragen

  • Tik op "Settings" (Instellingen) .
  • Tik op "System and updates" (Systeem en updates) .
  • Tik op naast "Latest SW" (Nieuwste SW).

De demomodus activeren/deactiveren

De demomodus activeren.

  • Tik op "Settings" (Instellingen).
  • Tik op "System and updates" (Systeem en updates).
  • Tik vijf keer op "Serial number" (Serienummer).
  • Voer de pincode "2007" in en bevestig.
  • Selecteer een demomodus.
  • Activeer de demomodus.

De demomodus deactiveren

  • Tik op "Demo mode" (Demomodus) op het display.
  • Deactiveer de demomodus.
  • Voer de pincode "2007" in en bevestig.

informatie Voordat u de demomodus deactiveert, moet de verswatertoevoer aangesloten zijn en de watertoevoer gecontroleerd zijn.

De videosequentie deactiveren

  • Houd het aanraakdisplay lang ingedrukt.
  • Voer de pincode "2007" in en bevestig.

Verbinding maken

De app installeren

De BORA JOY-app kan gratis worden gedownload in de Google Play Store™ of de Apple App Store®. Installeer de BORA JOY-app op uw smartphone.

www.apple.com
play.google.com

Koppelen

Connectiviteit inschakelen op de X BO

  • Tik op "Instellingen"
  • Tik op "BORA Connect"
  • Volg de instructies op het apparaat.

Verbinding maken met de BORA JOY-app

  • Open de BORA JOY-app op uw smartphone.
  • Selecteer het gewenste BORA-apparaat en start de verbinding.
  • Bevestig de verbinding.

BORA JOY-app

Verbinding met de BORA JOY-app biedt toegang tot extra functies en informatie. De BORA JOY-app bevat de exacte recepten voor de automatische programma's op de BORA X BO. Deze laatste kan ook gemakkelijk via de app worden bediend.

Directe link naar het bijbehorende recept

  • Ga naar het automatische programma op de BORA X BO.
  • Tik op "Recept openen in app".
  • Scan de QR-code.

Het bijbehorende recept wordt geopend in de BORA JOY-app.

Directe link naar het bijbehorende automatische programma

  • Open het gewenste recept in de BORA JOY-app.
  • Tik op "Nu koken".
    Het bijbehorende automatische programma wordt geopend. Het automatische programma wordt gestart wanneer het op de X BO wordt bevestigd:
  • Tik op "Start"

Reiniging en onderhoud

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").

informatie Regelmatige reiniging en onderhoud zorgen voor een lange levensduur van het product en een optimale werking.

  • Houd u aan de volgende reinigingsintervallen:
Component Reinigingsinterval
Ovenruimte

Snel reinigen/handmatig reinigen: naar behoefte Intensieve reiniging: naar behoefte of na een bepaalde gebruiksperiode (indicator op het apparaat)

Drogen: wanneer er vocht in de ovenruimte zit

Voedselthermometer Direct na elke verontreiniging
Voorkant van het apparaat Direct na elke verontreiniging
Binnendeurglas Direct na elke verontreiniging
Voedseldragers Na elk gebruik
Afvoerfilter Direct na elke verontreiniging
Ovenruimteafdichting Naar behoefte, na het bereiden van gevogelte
Geurfilter Jaarlijks vervangen (indicator op apparaat)

Tab. 7.1 Reinigingsintervallen

  • Gebruik nooit stoomreinigers, schuursponzen, schuurpads of chemisch agressieve reinigingsmiddelen (bijv. ovenspray).
  • Zorg ervoor dat het reinigingsmiddel geen zand, soda, zuren, logen of chloride bevat.
  • Gebruik geen vaatwastabletten ter vervanging van de X BO-reinigingscartridge.

informatie Het apparaat moet worden gereinigd voor lange perioden van afwezigheid (bijv. vakantie).

informatie Als de reinigingsintervallen niet worden nageleefd, kunnen functies worden beperkt.

De kookruimte reinigen

Handmatige reiniging

  • Reinig de ovenruimte met een schone sponsdoek en warm water.
  • Droog de ovenruimte met de hand met een zachte doek.

informatie Er mag geen water in de ovenruimte worden gegoten.

Onderhoudsprogramma's
Het apparaat is uitgerust met automatische reinigingsprogramma's en een droogprogramma.

Snel reinigen
Dit korte reinigingsprogramma is vooral geschikt voor een snelle reiniging wanneer het apparaat slechts licht vervuild is, er kalk aanwezig is of na het koken van zeer aromatische gerechten.

Intensieve reiniging
Dit automatische reinigingsprogramma reinigt en ontkalkt de ovenruimte grondig met heet water en de milieuvriendelijke actieve ingrediënten in de X BO-reinigingscartridge. Bij gebruik van de intensieve reinigingsfunctie wordt de reinigingscartridge in het midden van het ovenrooster geplaatst.

Intensieve reiniging moet om de twee tot vier weken worden uitgevoerd, afhankelijk van hoe vaak de oven wordt gebruikt. Een balk onder het symbool "Intensieve reiniging" geeft de resterende tijd aan tot de volgende reiniging moet worden uitgevoerd.

informatie Een intensieve reinigingscyclus kan alleen worden gestart wanneer het apparaat is afgekoeld tot onder 40 °C. Wacht tot de oven is afgekoeld voordat u de reinigingscartridge plaatst.

informatie De reinigingstijd kan variëren als gevolg van een aantal factoren (bijv. temperatuur van het verse water, stroomvoorziening).

informatie Als de stroom uitvalt tijdens een intensieve reiniging, is een automatische spoeling vereist wanneer het apparaat opnieuw wordt gestart en moet de reinigingscartridge worden verwijderd.

Het reinigingsprogramma starten

  • Verwijder alle voedseldragers uit de ovenruimte voordat u het programma start.
  • Verwijder het afvoerfilter.
  • Reinig het ovenrooster met de hand.
  • Verwijder grote resten zoals stukjes voedsel uit de ovenruimte.
  • Controleer voor het reinigen of de ovenruimteafdichting correct is geplaatst.
  • Tik op "Onderhoud"
  • Tik op "Intensieve reiniging" of "Snel reinigen" .
  • Ga verder zoals weergegeven wanneer u op de knop "Instructies" drukt.
  • Tik op "Start" .

Na het reinigen wordt de ovenruimte automatisch gedroogd.

Een intensieve reinigingscyclus beëindigen:

  • Verwijder alle reinigingsresten uit de ovenruimte, vooral van de ovenruimtebodem, het binnenglas en de ovenruimteafdichting.
  • Verwijder indien nodig hardnekkige resten die niet door het reinigingsprogramma zijn verwijderd.
  • Plaats het afvoerfilter in de ovenruimte.
  • Droog de ovenruimteafdichting met de hand met een zachte doek.

informatie Er kunnen rook en geuren waarneembaar zijn bij het voor het eerst verwarmen van het apparaat na het reinigen.

Drogen
Als de ovenruimte niet vuil is, maar alleen vochtig is van stoom, is het droogprogramma voldoende. Dit gebruikt warme, droge lucht om restvocht uit de ovenruimte te verwijderen.

  • Tik op "Onderhoud"
  • Tik op "Drogen"
  • Droog de ovenruimteafdichting met de hand met een zachte doek.

X BO-reinigingscartridge
De X BO-reinigingscartridge met zijn milieuvriendelijke actieve ingrediënten is vereist voor de intensieve reinigings- en snelreinigingsfuncties op de X BO. Het dubbele kamersysteem maakt het mogelijk om de oven in één cyclus te reinigen en te ontkalken. De cartridge is gemaakt van een recyclaat, dat na gebruik als plastic afval kan worden afgevoerd en gerecycled.

informatie Gedetailleerde instructies voor gebruik worden bij levering van de X BO-reinigingscartridge geleverd.

informatie U kunt de X BO-reinigingscartridge XBORK verkrijgen bij uw speciaalzaak of in de BORA-shop via de website www.mybora.com.

De voedselthermometer reinigen

Handmatige reiniging

  • Reinig de voedselthermometer met een schone sponsdoek, afwasmiddel en warm water.
  • Droog de voedselthermometer met een zachte doek.

Automatische reiniging
De voedselthermometer wordt ook gereinigd tijdens een intensieve reinigingscyclus en een snelle reiniging.

De voorkant van het apparaat reinigen

  • Reinig de voorkant van het apparaat met een schone sponsdoek, afwasmiddel en warm water of met een schone, vochtige microvezeldoek zonder reinigingsmiddelen.
  • Droog de voorkant van het apparaat met een zachte doek.

Voedseldragers reinigen

Handmatige reiniging

  • Gebruik een reiniger en ontvetter in één.
  • Reinig de voedseldragers met heet water en een zachte borstel.
  • Spoel de voedseldragers goed af.
  • Droog de voedseldragers met een zachte doek.

Reinigen in de vaatwasser

  • Leg de voedseldragers met de voorkant naar beneden in de vaatwasser.
  • Zorg ervoor dat er geen andere voorwerpen tegen de voedseldragers kunnen wrijven.

Het afvoerfilter reinigen

Handmatige reiniging

  • Gebruik een reiniger en ontvetter in één.
  • Reinig het afvoerfilter met heet water en een zachte borstel.
  • Spoel het afvoerfilter goed af.
  • Droog het afvoerfilter met een zachte doek.

Reinigen in de vaatwasser

  • Plaats het afvoerfilter in de vaatwasser.

De ovenruimteafdichting reinigen

  • Reinig de ovenruimteafdichting en het druppelkanaal met een schone sponsdoek, afwasmiddel en warm water of met een schone, vochtige microvezeldoek zonder reinigingsmiddelen.
  • Droog de afdichting en het druppelkanaal met een zachte doek.

informatie Een vervuilde ovenruimteafdichting kan lekkages veroorzaken.

X BO-geurfilter

Om geuren effectief te verminderen, moet het filter regelmatig worden vervangen. Een balk onder het symbool voor filtervervanging geeft de resterende tijd aan tot het geurfilter moet worden vervangen.

informatie U kunt het X BO-geurfilter XBOGF verkrijgen bij uw speciaalzaak of in de BORA-shop via de website www.mybora.com.

Filter vervangen

  • Tik op "Onderhoud"
  • Tik op "Filter vervangen"
  • Ga verder zoals weergegeven wanneer u op de knop "Instructies" drukt.

Het geurfilter activeren
Na het vervangen van het filter moet het nieuwe geurfilter worden geactiveerd.

  • Tik op de knop "Nieuw filter activeren".
  • Bevestig de filtervervanging.

Probleemoplossing

informatie U kunt storingen en fouten vaak zelf verhelpen. Dit bespaart tijd en geld, omdat u geen klantenservice hoeft te bellen.

informatie In geval van een storing informeert het apparaat gebruikers via het display. Verdere hulp en voorgestelde oplossingen zijn toegankelijk via een QR-code. U kunt ze ook vinden op www.bora.com onder "Service". Hierdoor kunt u de meeste problemen snel oplossen.

Bedieningssituatie Oorzaak Oplossing
Apparaat kan niet worden ingeschakeld Zekering/automatische stroomonderbreker defect Vervang de zekering; Schakel de automatische stroomonderbreker weer in
De zekering/automatische stroomonderbreker schakelt meerdere keren uit Neem contact op met het BORA-serviceteam.
De stroomtoevoer is losgekoppeld Laat een gespecialiseerde elektricien de stroomtoevoer inspecteren
Er is geen watertoevoer naar het apparaat Het vuilfilter in de waterinlaatpijp is verstopt Reinig het vuilfilter in de waterinlaatpijp
Er ontsnapt stoom tijdens gebruik
De ovenruimteafdichting zit niet op de juiste plaats Controleer of de ovenruimteafdichting op de juiste plaats zit
De ovenruimteafdichting is sterk vervuild Reinig de ovenruimteafdichting
De ovenruimteafdichting is beschadigd Neem contact op met het BORA-serviceteam
Tijdens gebruik is er een geluid (borrelen) hoorbaar uit de sifon De sifon is niet correct geventileerd Reinig de afvoerpijp, neem contact op met de pijpreinigingsdienst
De ovenruimteverlichting werkt niet De ovenruimteverlichting is defect Neem contact op met het BORA-serviceteam
Er lekt water uit het apparaat
De ovenruimteafdichting zit niet op de juiste plaats Controleer of de ovenruimteafdichting op de juiste plaats zit
De waterinlaatpijp of waterafvoerpijp is defect Schakel het apparaat uit, sluit de hoofdkraan van de verswatertoevoer, schakel het apparaat uit in de meterkast, neem contact op met het BORA-serviceteam
De pijpaansluiting op het apparaat is defect
Er druppelt water in de ovenruimte Deeltjes hebben ervoor gezorgd dat de klep lekt Koppel het apparaat niet los van het elektriciteitsnet, sluit de hoofdkraan van de verswatertoevoer, neem contact op met het BORA-serviceteam

Tab. 8.1 Probleemoplossing

Fouten en fouten die niet worden gedekt:

  • Schakel het apparaat uit.
  • Neem contact op met het BORA-serviceteam (zie "Garantie, technische service, reserveonderdelen, accessoires") en voer het weergegeven foutnummer en het apparaattype in.

Installatie

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").

Installatie-informatie

  • De installatiehoogte van het apparaat moet zodanig zijn dat de inhoud van de voedseldrager op de bovenste plank zichtbaar is.
  • Om te voorkomen dat het apparaat verschuift of omvalt, moet het in een inbouwkast worden geïnstalleerd.
  • Aan de zijkanten bevinden zich handgreepuitsparingen voor het dragen van het apparaat.

Inbouwkast

  • De achterwand van de keukenkast mag niet achter het apparaat worden aangebracht.
  • Om oververhitting te voorkomen, mag het apparaat niet achter een decoratieve deur worden geïnstalleerd.
  • Er moet een vrije ventilatiedoorsnede van ten minste 160 cm² in de kast aanwezig zijn.
  • Er moet een minimale afstand van 30 mm worden aangehouden tussen de achterkant van het apparaat en een aangrenzende constructie.
  • Als er twee X BO's op elkaar worden geïnstalleerd, moet er een stabiele inbouwplank of beugels voor apparaatmontage worden voorzien.
  • Het apparaat mag niet onder een kookplaat worden geïnstalleerd.

Aanvullende installatie-instructies voor Australië en Nieuw-Zeeland (AU/NZ)

  • Het apparaat mag alleen in een hoge kast worden geïnstalleerd.
  • Minimale installatiehoogte: 850 mm vanaf de grond.

Verswateraansluiting

  • Het apparaat moet een waterleidingaansluiting hebben.
  • Het apparaat moet worden aangesloten op de verswatertoevoer (koud water) (3/4" aansluitdraad).
  • De stopkraan voor de verswatertoevoer moet gemakkelijk toegankelijk zijn wanneer het apparaat is geïnstalleerd.
  • Gebruik alleen de meegeleverde waterslang. Er mogen geen knikken in de slang zitten en deze mag niet worden ingekort, verlengd of vervangen door een andere slang.
  • De waterslang mag niet in de muur worden ingebouwd.

Inlaatwaterdruk
De waterinlaatdruk moet minimaal 200 kPa (2 bar) zijn. Het apparaat is ontworpen om een maximale waterinlaatdruk van 600 kPa (6 bar) te weerstaan. Als de druk hoger is dan 600 kPa (6 bar), moet er een drukregelaar worden geïnstalleerd om een naadloze werking te garanderen.

Afvalwateraansluiting

  • De waterafvoerpijp moet ofwel worden aangesloten op een opbouw- of inbouwafvoerputje met een permanente slangaansluiting, of op de apparaataansluiting op de gootsteenafvoer.
  • De afvalwatertemperatuur kan oplopen tot 95°C.
  • De afvoerput moet gemakkelijk toegankelijk zijn wanneer het apparaat is geïnstalleerd.
  • Gebruik alleen de meegeleverde waterafvoerslang. Er mogen geen knikken in de slang zitten en deze mag niet worden ingekort of verlengd.
  • De waterafvoerslang mag niet in de muur worden ingebouwd.

Leveringsomvang

Leveringsomvang Hoeveelheid
X BO stoomoven 1
X BO ovenrooster 1
X BO geperforeerde roestvrijstalen bak 1
X BO universele bak 1
X BO diepe universele bak 1
X BO reinigingspatroon 1
X BO geurfilter 1
X BO framestuk (gemonteerd) 1
Waterslang 1
Waterafvoerslang 1
Afvoerfilter 1
Slangklem 2
Montageplaat voor kast 2
Installatiesjablonen 1
Bedienings- en installatie-instructies 1

Tab. 9.1 Leveringsomvang

Controleren van de leveringsomvang

  • Zorg ervoor dat de levering compleet is en controleer deze op schade.
  • Stel het BORA Service Team onmiddellijk op de hoogte als er onderdelen ontbreken of beschadigd zijn.
  • Installeer in geen geval beschadigde onderdelen.
  • Voer de transportverpakking op de juiste manier af (zie "Buitengebruikstelling, demontage en afvoer").

Gereedschap en hulpmiddelen

De volgende gereedschappen zijn onder andere vereist om het apparaat correct te installeren:

  • Waterpas
  • Inbussleutel van 4 mm
  • Platte schroevendraaier
  • Waterpomptang

informatie Alle installatiewerkzaamheden moeten met handgereedschap worden uitgevoerd. Als er machinegereedschap wordt gebruikt, bestaat het risico dat het aandraaimoment wordt overschreden.

Installatieafmetingen

informatie De minimale installatiediepte van het apparaat is 565 mm. Bij gebruik van een standaardkast van 560 mm diep moet u rekening houden met de afstand tot de muur. Dit is over het algemeen afhankelijk van de specifieke installatie en/of het aantal gebruikte X BO framestukken.

  • Bereid de inbouwkast voor met inachtneming van de aangegeven afmetingen.
  • Verwijder de achterwand van de kast naar de installatieuitsparing van het apparaat.
  • Houd een minimale afstand van 30 mm aan van de achterkant van het apparaat, de achterwand van de kast en de planken tot de aangrenzende elementen (vrije ventilatiedoorsnede). Kort de planken indien nodig in.
  • Gebruik een waterpas om de plank waarop het apparaat moet staan nauwkeurig af te stellen, zodat het vulniveau correct wordt gedetecteerd.
    Installatieafmetingen - Inbouwkast
  1. Vrije ventilatiedoorsnede ≥ 160 mm²
  2. Minimale afstand van 30 mm
  3. Geen achterwand van de kast achter het apparaat

BORA X BO framestuk

De framestukken kunnen worden gebruikt om de installatiediepte van het apparaat te variëren. Bij levering is er één framestuk voorgemonteerd. Afhankelijk van de installatiesituatie kan dit worden verwijderd of kan er een extra framestuk worden gemonteerd (verkrijgbaar als accessoire).

informatie Voor een betere toegankelijkheid moet het framestuk worden gemonteerd of verwijderd voordat het apparaat wordt geïnstalleerd.
Apparaatafmeting - framestuk

  1. Framestuk

Installatiediepte zonder framestuk
Installatiediepte zonder framestuk

Installatiediepte met één framestuk
Installatiediepte met één framestuk
Afb. 9.4 Installatieafmetingen met 1 framestuk

Installatiediepte met 2 framestukken
Installatiediepte met 2 framestukken
Afb. 9.5 Installatieafmetingen met 2 framestukken

Verwijderen van het framestuk

  • Verwijder de 4 delen van het framestuk met de hand uit de hoeken van het inlegframe.
    Verwijderen van het framestuk
    Afb. 9.6 Verwijderen van het framestuk

Monteren van extra framestukken

  • Verwijder het framestuk van het apparaat.
  • Bevestig de hoeken van de 2 framestukken aan elkaar en voeg vervolgens alle hoeken samen.
    Monteren van extra framestukken - Voorbeeld 1
  • Plaats de framestukken op het inlegframe.
    Monteren van extra framestukken - Voorbeeld 2

Installatie

Montageplaten voor de unit bevestigen

  • Schroef de montageplaten met behulp van de installatiesjabloon en de meegeleverde schroeven handvast aan de binnenkant van de installatie-uitsparing.
    Montageplaten voor de unit bevestigen
  1. Montageplaten voor de unit

Aansluitingen apparaat
Aansluitingen apparaat

  • Stroomvoorziening
  • Haak voor waterafvoerpijp
  • RJ45-aansluiting voor BORA-multilade (geen netaansluiting)
  • Afvalwateraansluiting
  • Schoonwateraansluiting

Waterafvoer

  • De sifon moet minimaal 100 mm onder de afvalwateraansluiting worden geïnstalleerd.
  • De waterafvoerpijp mag niet boven de onderkant van het apparaat worden geïnstalleerd.
    Waterafvoer
  1. Afvoersifon
  2. Waterafvoerslang
  3. Watertoevoerslang
  4. Schoonwateraansluiting
  5. Afvalwateraansluiting

informatie Als de sifon niet minimaal 100 mm onder de afvalwateraansluiting kan worden geïnstalleerd, moet de waterafvoerpijp boven de haak aan de achterkant van het apparaat worden geïnstalleerd. Hierbij moet ervoor worden gezorgd dat de sifon minimaal 100 mm onder de waterafvoerpijp in de haak wordt geïnstalleerd.

  • Leg de waterafvoerpijp van de afvalwateraansluiting zo dat deze omhoog gaat over de haak en dan weer naar beneden.
    Waterafvoer via haak
  1. Afvoersifon
  2. Waterafvoerpijp
  3. Watertoevoerpijp
  4. Schoonwateraansluiting
  5. Afvalwateraansluiting
  6. Haak

Schoon- en afvalwateraansluiting

  • Controleer of het vuilfilter correct in de watertoevoerpijp is geplaatst.
  • Zorg ervoor dat er een sluitring op elke schroefverbinding op de watertoevoerpijp zit en dat deze correct is geplaatst.
  • Plaats indien nodig een sluitring.
  • Schroef het gebogen uiteinde van de watertoevoerpijp (naar beneden gericht) op de schoonwateraansluiting van het apparaat.
  • Controleer of deze goed vastgeschroefd en waterdicht is.
  • Bevestig met behulp van de slangklem het gebogen uiteinde van de waterafvoerpijp aan de afvalwateraansluiting op het apparaat. Het gebogen uiteinde moet naar beneden wijzen. Als de voorgemonteerde haak aan de achterkant van het apparaat wordt gebruikt, moet het gebogen uiteinde van de pijp naar boven wijzen. De slangklem mag alleen handvast worden bevestigd.
  • Controleer of de slangklem stevig op zijn plaats zit.
  • Zorg ervoor dat er geen knikken in de slangen zitten.
  • Open langzaam de kraan voor de schoonwatertoevoer en controleer of de schoonwateraansluiting goed is afgedicht.
  • Controleer indien nodig of de sluitring en schroefverbinding stevig op hun plaats zitten.

Stroomvoorziening

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").
  • Neem alle nationale en regionale wetten en voorschriften in acht, evenals de aanvullende voorschriften van de lokale energiebedrijven.

informatie De apparaten mogen alleen door gecertificeerde specialisten op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De specialist is ook verantwoordelijk voor de correcte installatie en inbedrijfstelling.

informatie Aansluitingen via stekkercontacten (Schuko-stekkers) zijn niet toegestaan.

informatie Eenfase-aansluiting: het apparaat voldoet aan de eisen van IEC 61000-3-12.

Dit apparaat is bedoeld om te worden gebruikt op een voedingsnetwerk met een impedantie Zmax op het overdrachtspunt (netaansluiting) van maximaal 0,0416 ohm. De gebruiker moet ervoor zorgen dat het apparaat alleen wordt gebruikt op een voedingsnetwerk dat aan deze eis voldoet. Vraag indien nodig het plaatselijke energiebedrijf naar de systeemimpedantie.

  • Schakel de hoofdschakelaar/automatische stroomonderbreker uit voordat u het apparaat aansluit.
  • Beveilig de hoofdschakelaar/automatische stroomonderbreker tegen onbevoegd inschakelen.
  • Zorg ervoor dat de stroom naar het apparaat is uitgeschakeld.
  • Sluit het apparaat uitsluitend aan via een vaste aansluiting op een stroomkabel van het type H 05 VV-F met de bijbehorende minimale doorsnede.
2-fasen aansluiting Eenfase-aansluiting
Zekeringsbeveiliging 2 x 16 A 1 x 16 A
Maximaal stroomverbruik 6100 W 3600 W
Minimale doorsnede 2,5 mm2 2,5 mm2

Tab. 9.2 Zekeringsbeveiliging en minimale doorsnede

  • Sluit de stroomkabel aan op de stroomvoorziening van het apparaat in overeenstemming met het relevante aansluitschema.
  • Zet de stroomkabel vast met de trekontlastingsklem.
  • Sluit het deksel van de stroomvoorzieningsbehuizing.
  • Controleer of de installatie correct is uitgevoerd.
    Aansluitschema's
  1. Aansluitschema voor 2-fasen aansluiting, 16 A
  2. Aansluitschema voor enkelfasige aansluiting, 16 A

informatie Gebruik de meegeleverde bruggen niet.

De BORA-multilade aansluiten (optioneel)
Als de BORA X BO in combinatie met een BORA-multilade is geïnstalleerd, kunnen de twee apparaten worden aangesloten.

  • Sluit de communicatiekabel op de BORA-multilade aan op de RJ45-poort op het apparaat.

Positionering van de bedieningseenheid

  • Zorg ervoor dat er een gelijke afstand van 4 mm is tussen de bedieningseenheid en de deur.
  • Draai hiervoor aan de stelschroeven aan de voorkant van de bovenkant van de behuizing.
    De afstand tussen de bedieningseenheid en de deur aanpassen

Het apparaat installeren en vastzetten
informatie De afdichting van de ovenruimte mag niet worden verwijderd; in plaats daarvan moet deze eenvoudig in de bovenhoeken worden neergeklapt.

  1. Duw het apparaat in de gewenste positie in de installatie-uitsparing.
  2. Zorg ervoor dat de waterslangen en stroomkabel hierbij niet bekneld raken of beschadigd worden.
  3. Houd een minimale afstand van 30 mm aan tussen de achterkant van het apparaat en de aangrenzende elementen.
  4. Lijn het apparaat in het midden uit.
  5. Open de deur.
  6. Vouw de linker- en rechterbovenhoek van de afdichting van de ovenruimte ver genoeg naar beneden om toegang te krijgen tot de bevestigingsschroeven.
  7. Zorg ervoor dat u de afdichting van de ovenruimte niet te ver uittrekt. Door aan de bevestigingsschroef (4 mm inbussleutel) te draaien, beweegt de nivelleringsvulplaat aan de betreffende zijde naar buiten en drukt tegen de borgplaat.
  8. Draai de bevestigingsschroeven vast, afwisselend aan beide zijden.
  9. Duw de hoeken van de afdichting van de ovenruimte voorzichtig terug op hun plaats.
  10. Controleer of de afdichting van de ovenruimte helemaal rondom correct is geplaatst.
  11. Controleer of het apparaat correct is geïnstalleerd.
    Het apparaat vastzetten

Het geurfilter plaatsen

  • Haal het nieuwe geurfilter uit de verpakking.
  • Tik op "Onderhoud"
  • Tik op "Filter vervangen"
  • Ga verder zoals aangegeven wanneer u op de knop "Instructies" drukt.

Ventilatie

informatie Installatie mag niet plaatsvinden zonder retourstroomopeningen van ≥160 cm² in het plintgebied en de afwerking.

  • Zorg voor retourstroomopeningen in het plintgebied en in de afwerking van de unit.
    Ventilatie
  1. Retourstroomopening ≥ 160 cm²

Eerste gebruik

Wanneer het apparaat voor het eerst wordt ingeschakeld, kunnen de volgende instellingen worden gemaakt:

  • Taal selecteren
  • Wifi activeren
  • Datum en tijd instellen (tijdindeling)
  • Waterinstellingen (hardheidsgraad)
  • Voedselvoorkeuren selecteren De instellingen kunnen op een later tijdstip worden gewijzigd.
  • Plaats het afvoerfilter voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt.
  • Update indien nodig de apparaatsoftware.
    In zeldzame gevallen kunnen er resten van de productie in de ovenruimte aanwezig zijn.
  • Reinig de ovenruimte met de hand of met een reinigingsprogramma zonder reinigingspatroon.

informatie Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt opgewarmd, kan er lichte rook en geur vrijkomen.

Overdracht aan de gebruiker

Zodra de installatie is voltooid:

  • Leg de belangrijkste functies uit aan de gebruiker.
  • Leg alle veiligheidsaspecten van de bediening en de hantering uit aan de gebruiker.
  • Geef de accessoires en de bedienings- en installatie-instructies aan de gebruiker, die op een veilige plaats moeten worden bewaard.

Buitengebruikstelling, demontage en afvoer

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").
  • Volg de bijgesloten informatie van de fabrikant.

Buitengebruikstelling

Buitengebruikstelling verwijst naar definitieve buitengebruikstelling en demontage. Na buitengebruikstelling kan het apparaat in een andere unit worden geïnstalleerd, particulier worden doorverkocht of worden afgevoerd.

informatie De elektriciteitsaansluiting mag alleen door gecertificeerde specialisten worden losgekoppeld en afgesloten.

  • Schakel het apparaat uit voordat u het buiten gebruik stelt (zie de bedieningsinstructies)
  • Koppel het apparaat los van de stroomvoorziening.

Demontage

Om te worden verwijderd, moet het apparaat toegankelijk zijn voor demontage en losgekoppeld zijn van de stroomvoorziening.

  • Sluit de kraan van de verswatertoevoer.
  • Verwijder de twee bevestigingsschroeven links- en rechtsboven achter de afdichting van de ovenruimte.
  • Beweeg het apparaat lichtjes van links naar rechts om de vulplaatjes terug te brengen naar hun uitgangspositie.
  • Verwijder alle andere accessoires.
  • Voer het oude apparaat en eventuele vervuilde accessoires af zoals beschreven onder "Milieuvriendelijke afvoer".

Milieuvriendelijke afvoer

Afvoer van transportverpakking
informatie De verpakking beschermt het apparaat tegen schade tijdens transport. De verpakkingsmaterialen zijn geselecteerd met het oog op het milieu en de afvoer ervan en zijn daarom recyclebaar.

Het recyclen van de verpakking bespaart grondstoffen en vermindert afval. Uw speciaalzaak neemt de verpakking terug.

  • Geef de verpakking aan uw speciaalzaak of
  • voer de verpakking correct af met inachtneming van de regionale voorschriften.

Afvoer van accessoires
Voer onnodige of gebruikte accessoires (actieve koolstoffilters, enz.) dienovereenkomstig af met inachtneming van de regionale voorschriften.

Garantie, technische service, reserveonderdelen, accessoires

  • Neem alle veiligheids- en waarschuwingsinformatie in acht (zie "Veiligheid").

De fabrieksgarantie gaat in zodra het BORA-product aan de eindklant wordt overhandigd en is 2 jaar geldig. Registratie op www.mybora.com maakt het mogelijk om de fabrieksgarantie te verlengen tot 3 jaar.

U kunt contact met ons opnemen via:
BORA Vertriebs GmbH & Co KG, Innstraße 1, 6342 Niederndorf, Oostenrijk

  • Telefoon: 00800 7890 0987
    Maandag tot en met donderdag van 08:00-18:00 uur en vrijdag van 08:00-17:00 uur
  • E-mail: support@bora.com

Service

BORA Service:

  • Neem in geval van storingen die u niet zelf kunt verhelpen, contact op met uw BORA-speciaalzaak of het BORA Service Team Team. Het BORA Service Team Team heeft de typeaanduiding en het serienummer van uw apparaat (FD-nummer) nodig.

U kunt beide gegevens vinden op het typeplaatje op het garantiebewijs en in het hoofdmenu "Instellingen" onder "Systeem en updates".

Reserveonderdelen

  • Gebruik alleen originele reserveonderdelen voor reparaties. uReparaties mogen alleen worden uitgevoerd door het BORA Service Team.

informatie Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw BORA-dealer, de BORA-onlineservice website op www.bora.com/service of door te bellen naar het opgegeven servicenummer.

Accessoires

  • X BO reinigingscartridge (6 stuks) XBORK/6
  • X BO reinigingscartridge (12 stuks) XBORK/12
  • X BO geurfilter XBOGF
  • X BO geperforeerde roestvrijstalen stoomovenbak XBOGBG
  • X BO ovenrooster XBOBGR
  • X BO universele bakplaat XBOUB
  • X BO diepe universele bakplaat XBOUBT
  • X BO frame afstandsstuk XBORS

Productgegevensblad

Productinformatie volgens Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 65/2014 en Verordening (EU) nr. 66/2014 van de Commissie.

Fabrikant BORA
Modelidentificatie X BO
Type oven Stoomoven
Aantal ovenruimtes 1
Warmtebron van elke ovenruimte Elektriciteit
Symbool Waarde Eenheid
Apparaatmassa M 47.0 kg
Volume van elke ovenruimte V 53 l
Energieverbruik
Energieverbruik in conventionele modus ECelectric cavity * kWh/cyclus
Energieverbruik in ventilatormodus ECelectric cavity 0.74 kWh/cyclus
Energie-efficiëntie-index van elke ovenruimte EEIcavity 94.8
Energie-efficiëntieklasse A

Tab. 12.1 Energielabel

* Is niet van toepassing op dit product.

Informatie voor testinstituten

Productnorm Temperatuur Vochtigheid Tijd*/kerntemperatuur Voedseldrager Plaatsing rooster
Broccoli 98°C 100% 9 min Geperforeerde roestvrijstalen bakplaat Midden
Diepvrieserwten 100°C 100% 85°C Geperforeerde roestvrijstalen bakplaat Midden

Tab. 13.1 Testvoedsel volgens EN 60350-1

Productnorm Temperatuur Vochtigheid Tijd*/kerntemperatuur Voedseldrager Plaatsing rooster
Appeltaart (gedeeltelijke belading) 150°C 40% 90°C Ovenrooster Midden
Appeltaart (volledige belading) 160°C 40% 90°C Ovenrooster Midden en onder
Sponscake 150°C 20% 35 min Ovenrooster Midden
Kleine cake
(volledige belading)
150°C 0% 25 min. Universele bakplaat/diepe universele bakplaat Midden
Spuitkoekjes 150°C 20% 20 min. Universele bakplaat Midden

Tab. 13.2 Testvoedsel volgens EN 50304/EN 60350-1

* Alle tijden zijn inclusief de voorverwarmingstijd.

BORA Lüftungstechnik GmbH
Rosenheimer Str. 33
83064 Raubling
Deutschland
T +49 (0) 8035 / 9840-0
F +49 (0) 8035 / 9840-300
support@bora.com
bora.com

BORA Vertriebs GmbH & Co KG
Innstraße 1
6342 Niederndorf
Österreich
T +43 (0) 5373 / 62250-0
F +43 (0) 5373 / 62250-90
support@bora.com
bora.com

BORA Holding GmbH
Innstraße 1
6342 Niederndorf
Austria
T +43 (0) 5373 / 62250-0
F +43 (0) 5373 / 62250-90
support@bora.com
bora.com

BORA APAC Pty Ltd
100 Victoria Road
Drummoyne NSW 2047
Australia
T +61 2 9719 2350
F +61 2 8076 3514
info@boraapac.com.au
bora-australia.com.au

Referenties

Download handleiding

Hier kunt u de volledige pdf-versie van de handleiding downloaden. Deze kan aanvullende veiligheidsinstructies, garantie-informatie, FCC-regels, enz. bevatten.

Download bora X BO Handleiding

Beschikbare talen

Inhoudsopgave