Fig. 5-8 Voorbeeld van een knop
1. Tik op knop A om de actie uit te voeren.
Schakelaars
Schakelaars worden gebruikt om tussen twee verschillende
toestanden te schakelen, zoals ON (AAN) en OFF (UIT). De
huidige toestand is te zien op het scherm.
Fig. 5-9 Voorbeeld van een schakelaar
1. Tik op schakelaar A om de toestand te wijzigen.
Schuifregelaars
Schuifregelaars worden gebruikt om de waarde van een
instelling geleidelijk te wijzigen.
Fig. 5-10 Voorbeeld van een schuifregelaar
1. Tik en houd uw vinger op het rondje A in de
schuifregelaar.
2. Veeg het rondje naar rechts om de waarde te verhogen.
Veeg het rondje naar links om de waarde te verlagen.
1640739-I
5.2.2 Tijd instellen
1. Tik op de klok om de tijd te bewerken.
In de modus Tijd bewerken geeft de klok de tijdkiezer
weer. De waarden voor uur en minuten kunnen
onafhankelijk van elkaar worden gewijzigd.
2.
Tik op de pijlen A om de uurwaarde te wijzigen of op
B om de minuutwaarde te wijzigen.
3.
Tik indien nodig op schakelaar C om tussen 12- en
24-uursweergave te schakelen.
Fig. 5-11
Fig. 5-12
Gebruik
27