Pagina 121
All manuals and user guides at all-guides.com Inhoudsopgave Pagina Inleiding ................................123 Verklaring van de symbolen ..........................123 Doelmatig gebruik ............................124 Omvang van de levering ..........................124 Noodzakelijke accessoires ..........................125 Veiligheidsinstructies ............................126 a) Algemeen ..............................126 b) Motor & brandstof ............................127 c) Rijmodus ..............................127 Batterij- en accutips ............................129 a) Algemeen ..............................129 b) Ontvangeraccu ............................130...
Pagina 122
All manuals and user guides at all-guides.com Pagina 11. Instelmogelijkheden aan het voertuig ......................146 a) Finetuning van de motor ..........................146 b) Wielvlucht instellen ............................148 c) Spoor instellen ............................151 d) Schokdempers instellen ..........................152 e) Mechanische lagere wegligging ........................152 12. Reiniging en onderhoud ...........................153 a) Algemeen ..............................153 b) Onderhoud ..............................153 c) Banden vervangen ............................154...
All manuals and user guides at all-guides.com 1. Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor de aankoop van dit product. Dit product voldoet aan de nationale en Europese wettelijke voorschriften. Om dit zo te houden en een veilig gebruik te garanderen, dient u als gebruiker deze gebruiksaanwijzing in acht te nemen! Deze gebruiksaanwijzing behoort bij dit product.
All manuals and user guides at all-guides.com 3. Doelmatig gebruik Bij dit product gaat het om een modelvoertuig met 4WD dat met de meegeleverde afstandsbediening radiografisch bestuurd kan worden. Het voertuig (chassis en carrosserie) is rijklaar gemonteerd. Voor het gebruik van het voertuig is nog divers toebehoor nodig, dat niet met het voertuig wordt meegeleverd. Meer informatie hierover vindt u in hoofdstuk 5.
All manuals and user guides at all-guides.com 5. Noodzakelijke accessoires Voor het gebruik van het voertuig is nog divers toebehoor nodig, dat niet met het voertuig wordt meegeleverd. Een ervaren RC-modelautobestuurder heeft de hieronder beschreven componenten ongetwijfeld al in zijn bezit; een be- ginner in de sport met modelauto’s met verbrandingsmotor daarentegen moet echter de volgende accessoires aan- schaffen om het hier geleverde voertuig te kunnen gebruiken: • Accu's of batterijen voor de zender (type en benodigde aantal zie gebruiksaanwijzing van de afstandsbediening)
All manuals and user guides at all-guides.com 6. Veiligheidsinstructies In geval van schade, die ontstaat door het niet naleven van de gebruiksaanwijzing, komt de waar- borg/garantie te vervallen. We zijn niet aansprakelijk voor gevolgschade! Wij zijn niet aansprakelijk voor materiële schade of persoonlijk letsel veroorzaakt door verkeerd gebruik of het niet opvolgen van de veiligheidsinstructies! In dergelijke gevallen komt de waarborg/ garantie te vervallen.
All manuals and user guides at all-guides.com • U mag bij het gebruik van het product geen risico´s nemen! Uw eigen veiligheid en die van uw omgeving is uitsluitend afhankelijk van uw verantwoord gebruik van het model. • Laat het verpakkingsmateriaal niet rondslingeren, dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn. • Mocht u vragen hebben dien niet aan de hand van de gebruiksaanwijzing kunnen worden beantwoord, kunt u contact met ons (zie contactinformatie hoofdstuk 1) of met een andere vakman opnemen.
Pagina 128
All manuals and user guides at all-guides.com • Controleer voor en na elke rit alle schroefverbindingen en bevestigingen, aangezien deze door de tijdens het rijden optredende trillingen kunnen losraken. • Bij zwakke accu’s (resp. batterijen) in de zender neemt de reikwijdte af. Zwakke accu's in de ontvanger verhinderen een krachtige werking van de servo's.
All manuals and user guides at all-guides.com 7. Batterij- en accutips Het gebruik van batterijen en accu’s is vandaag de dag weliswaar vanzelfsprekend, maar er bestaan toch tal van gevaren en problemen. Houd daarom in ieder geval rekening met de volgende informatie en veiligheidsinstructies voor de omgang met batterijen en accu’s.
All manuals and user guides at all-guides.com • U mag accu’s nooit direct na het gebruik opladen. Laat de accu’s altijd eerst afkoelen (ten minste 5 à 10 minuten). • Zet de lader en accu op een hittebestendig, ontbrandbaar oppervlak. • Lader en accu’s worden warm tijdens het laden. Houd daarom voldoende afstand tussen lader en de accu; leg de accu nooit op het lader. Dek de lader en de accu nooit af. U mag de lader en de accu niet aan hoge/lage temperaturen en direct zonlicht blootstellen.
All manuals and user guides at all-guides.com 8. Ingebruikname a) Carrosserie verwijderen Verwijder de borgslips van de carrosserie en til deze vervolgens voorzichtig van het chassis. b) Antennekabel van de ontvanger plaatsen Zet de aan/uit-schakelaar (A) van de ontvanger op “OFF” (uitgeschakeld).
All manuals and user guides at all-guides.com d) Bougie erin draaien Mocht de bougie apart worden meegeleverd, dient deze met een geschikte bougiesleutel in de dienovereenkomstige opening van de cilinderkop te worden gedraaid. Pas hierbij echter geen geweld toe. Bougies zijn onderhevig aan slijtage, in het bijzonder tijdens de inloopfase. Mocht er een afzetting (schil- fers) op de gloeidraad ontstaan, kunnen er problemen ontstaan bij het starten of tijdens het gebruik.
All manuals and user guides at all-guides.com f) Zender en ontvanger in gebruik nemen Open het batterijvak op de zender en plaats de nieuwe batterijen of volledig opgeladen accu’s in het batterijvak. Let bij het plaatsen op de juiste polariteit (plus/+ en min/-), zie opdruk in het batterijvak. Sluit het batterijvak weer. Zet de zender aan.
All manuals and user guides at all-guides.com h) Inloopvoorschriften voor de motor Als u het nieuwe voertuig in gebruik neemt, moet de verbrandingsmotor eerst een inloopfase worden onderworpen, voordat u over kunt stappen naar het normale gebruik. Deze procedure heeft een beslissende invloed op het latere vermogen van de verbrandingsmotor en de levensduur.
All manuals and user guides at all-guides.com Tweede inloopfase • Stel de motor een beetje armer in door de hoofdsproeier een 1/16- tot 1/8 slag erin te draaien. Start vervolgens de motor. • Rijd nu opnieuw ca. 2 à 3 minuten met tussentijdse afkoelfases. De motor moet het gas nu een beetje beter opne- men, er komt echter nog rookontwikkeling uit de knaldemper. Voert de motor het toerental slechts kort op en blijft dan staan dan moet de hoofdsproeier er weer een beetje uit worden gedraaid.
All manuals and user guides at all-guides.com j) Motor starten/uitzetten Algemene informatie over de verbrandingsmotor Bij de ingebruikname van de nieuwe motor een zekere inlooptijd in acht genomen worden. Tijdens de inloopfase pas- sen de motoronderdelen zich perfect aan elkaar aan waardoor er een maximale prestatie bereikt wordt en voortijdige slijtage vermeden wordt.
All manuals and user guides at all-guides.com Brandstof verwijderen bij een “verzopen” motor • Draai de bougie eruit. Controleer diens functie; eventueel is een defecte bougie de oorzaak van het probleem bij het startproces. • Druk de brandstofslang tussen de tank en carburateur stevig samen, zodat er verder geen brandstof naar de car- burateur kan komen.
All manuals and user guides at all-guides.com 9. Technische informatie a) Functie van de besturing De stuurservo is met kanaal 1 van de ontvanger ver- bonden en wordt door draaien van het stuurwiel op de zender bewogen. De besturing van het voertuig is als zogenaamde wielas-besturing ontworpen.
All manuals and user guides at all-guides.com b) Controle van de werking van de sturing uitvoeren • Houd het model vooraan zo dat de wielen vrij in de lucht hangen. Omwille van het goede contact van de banden en het gewicht van het voertuig zouden de wielen hun stuuruitslag niet spontaan en direct volgen als het voertuig op de grond staat.
All manuals and user guides at all-guides.com d) Functionele controle van de gas/rem uitvoeren De posities van de stelringen (van de mechanische eindaanslagen), van de aanslagveren op de gasstang en de remstang zijn af fabriek ingesteld. Deze zijn aan de mechanische eindpunten van de carburateur en de schijfremmen aangepast.
All manuals and user guides at all-guides.com e) Beschrijving van de carburateur De carburateur van de ingebouwde “FORCE”-verbrandingsmo- tor onderscheidt zich door een materiaalcombinatie van kunst- stof en metaal. De lagere warmteopname van het kunststof tegenover een carburateur van volledig metaal vermindert de vroegtijdige verdamping van het brandstofmengsel reeds in de carburateur.
Pagina 142
All manuals and user guides at all-guides.com Beschrijving van de onderdelen van de carburateur: A = mengselregelschroef (hoofdsproeier) De mengselregelschroef bevindt zich boven de brandstofaansluiting (B) en regelt het lucht-/brandstofmengsel bij plankgas. Draai de schroef naar rechts met de klok mee (zie schets rechts, draai- richting “–”) om het mengsel te “verarmen”...
Pagina 143
All manuals and user guides at all-guides.com E = stationaire mengselregelschroef De stationaire mengselregelschroef is de kleine schroef aan de kant van de carburateurkoppeling; deze regelt het lucht-/brandstofmengsel in de stationaire stand en in het overgangsbereik naar plankgas. Draai de schroef naar rechts met de klok mee (zie schets rechts, schroef erin draaien “-”) om het mengsel te “verarmen”...
All manuals and user guides at all-guides.com 10. Rijmodus a) Algemeen Denk eraan dat de bediening van afstandsbediende modelvoertuigen stapsgewijs aan geleerd moet wor- den. Begin met eenvoudige oefeningen (bv. bochten rijden). Gebruik de pylonen of racing-discs, waarmee u een bepaalde route afbakent. Maak u vertrouwd met het bochtengedrag van het voertuig.
All manuals and user guides at all-guides.com b) Effect van de rijstijl op de afzonderlijke onderdelen Motor De “FORCE”-verbrandingsmotor van het model is luchtgekoeld. Dit betekent dat de rijwind voor de koeling van de motor moet zorgen. Vermijd daarom, het voertuig te versnellen met veelvuldige en heftige wisselingen van de snelheid (door kort stotend gas te geven vanuit een laag toerentalbereik en vervolgens met rukken het toerental terug te nemen).
All manuals and user guides at all-guides.com 11. Instelmogelijkheden aan het voertuig a) Finetuning van de motor Nadat de motor ingelopen is (zie hoofdstuk 8. h), kunt u met de finetuning beginnen voor de verhoging van het vermogen. Hiertoe moet u het opgewekte mengsel voor het stationair lopen (en de overgang naar plankgas) met de stationaire mengselregelschroef bijstellen en voor plankgas met de hoofdsproeier bijstellen.
Pagina 147
All manuals and user guides at all-guides.com • Verrijk het mengsel door de schroef 1/16 omdraaiing tegen de klok in te draaien terwijl de motor uitgeschakeld is. • Start de motor opnieuw en herhaal de procedure zo lang tot de overgang van stationair naar plankgas zacht en spontaan gebeurt.
All manuals and user guides at all-guides.com b) Wielvlucht instellen De wielvlucht kenmerkt de hoek van de wielen t.o.v. de verticale as. Negatieve wielvlucht Positieve wielvlucht (Bovenkant van het wiel is naar binnen gericht) (Bovenkant van de wielen is naar buiten gericht) De instelling van de wielen op de beide afbeeldingen boven is overdreven weergegeven, om het verschil tussen negatieve en positieve wielvlucht te tonen.
Pagina 149
All manuals and user guides at all-guides.com (Instelopties: • Om de wielvlucht te verstellen, verdraait u de metalen kogelkopschroeven met een kleine 4 mm-binnenzeskant- sleutel (D). • Om de stelschroeven verder aan te halen (of los te draaien), verdraai u ze met een grotere 8 mm-binnenzeskant- sleutel of steeksleutel (E).
Pagina 150
All manuals and user guides at all-guides.com Wielvlucht aan de achteras instellen: De verstelling van de wielvlucht gebeurt door het verdraai- en van de stang met schroefdraad (A) van de bovenste ophanging. Aangezien deze schroef een linkse en rechtse schroef- draad heeft, hoeft u de ophanging voor het verplaatsen van de wielvlucht niet te demonteren.
All manuals and user guides at all-guides.com c) Spoor instellen Het spoor (toespoor = afb. “A”, uitspoor = afb. “B”) geeft de hoek van de wielen ten opzichte van de rijrichting aan. Tijdens het rijden worden de wielen door de rolweerstand vooraan uit ¦...
All manuals and user guides at all-guides.com d) Schokdempers instellen Afbeelding 17: Vooras Afbeelding 18: Achteras Op het bovenste uiteinde van de schokdemper kan de instelling van de veervoorspanning door aan een kartelwiel (A) te draaien worden uitgevoerd. De schokdempers aan de voor- en achteras van het voertuig kunnen aan de bovenkant van de demperbrug (B) en de onderste ophanging (C) in verschillende standen worden gemonteerd.
All manuals and user guides at all-guides.com 12. Reiniging en onderhoud a) Algemeen Indien u zojuist met het voertuig heeft gereden, dient u alle onderdelen (bijv. motor, uitlaat enz.) eerst vol- ledig te laten afkoelen. Verwijder na het rijden stof en vuil van het gehele voertuig. Gebruik bijv. een schone kwast met lange haren en een stofzuiger.
All manuals and user guides at all-guides.com Andere onderhoudswerkzaamheden: • Als de auto langere tijd niet wordt gebruikt, doet u 2 à 3 druppeltjes zogenaamd afterrun-olie door de opening van de bougie in de motor. Draai de motor dan een paar keer door met behulp van de trekkabel. De speciale verzor- gende olie verwijdert agressieve verbrandingsresten en beschermt de motor tegen corrosie. • Als het voertuig wordt getransporteerd of niet langer wordt gebruikt, dient u de brandstof uit de tank te verwijderen.
All manuals and user guides at all-guides.com 13. Afvoer a) Product Elektronische apparaten zijn recyclebare stoffen en horen niet bij het huisvuil. Voer het product aan het einde van zijn levensduur volgens de geldende wettelijke bepalingen af. Verwijder batterijen/accu's die mogelijk in het apparaat zitten en gooi ze afzonderlijk van het product weg. b) Batterijen/accu’s Als eindverbruiker bent u conform de KCA-voorschriften wettelijk verplicht om alle lege batterijen/accu’s in te leveren;...
All manuals and user guides at all-guides.com 15. Verhelpen van storingen Het modelvoertuig werd volgens de nieuwste technische inzichten vervaardigd. Er kunnen desondanks problemen of storingen optreden. Wij willen u daarom uitleggen hoe u mogelijke storingen kunt verhelpen. Het model reageert niet (of niet juist) • Bij 2,4 GHz-afstandsbedieningen moet de ontvanger worden gekoppeld met de zender.
Pagina 157
All manuals and user guides at all-guides.com • Na langere stilstand of bij de eerste ingebruikname moet eerst meerdere keren aan de trekstarter worden getrok- ken, zodat de brandstof uit de tank wordt aangezogen (brandstofslang tussen de tank en de carburateur in de gaten houden, tot de brandstof bij de carburateur terechtkomt).
Pagina 158
All manuals and user guides at all-guides.com Het rechtuit rijden klopt niet • Stel de trimming voor de stuurfunctie aan de zender juist in. • Controleer de stuurstang, de servo-arm en diens schroefverbinding resp. de instelling voor het spoor. • Heeft het voertuig een ongeval gehad? Controleer het voertuig dan op defecte of gebroken onderdelen en vervang deze.
All manuals and user guides at all-guides.com 16. Technische gegevens Schaal ..............1:8 Ontvangeraccu ..........Een 5-cellig NiMH-accupack (nominale spanning 6,0 V, capaciteit minstens 1300 mAh) met BEC-aansluiting; niet inbegrepen, moet apart worden besteld Aandrijving ............2-takt verbrandingsmotor, 4,1 ccm, 1,54 kW (2,1 PS) Centrifugaalkoppeling Differentieel aan voor- en achteras Middendifferentieel...
Pagina 160
All manuals and user guides at all-guides.com Dies ist eine Publikation der Conrad Electronic SE, Klaus-Conrad-Str. 1, D-92240 Hirschau (www.conrad.com). Alle Rechte einschließlich Übersetzung vorbehalten. Reproduktionen jeder Art, z. B. Fotokopie, Mikroverfilmung, oder die Erfassung in elektronischen Datenverarbeitungsanlagen, bedürfen der schriftlichen Genehmigung des Herausgebers. Nachdruck, auch auszugsweise, verboten.