Luchtfilter plaatsen
Let op
Gebruik het apparaat nooit zonder geplaatst luchtfilter!
Zonder luchtfilter zal het apparaat inwendig vervuilen,
hierdoor kan de ontvochtigingscapaciteit worden
verminderd en het apparaat worden beschadigd.
• Zorg voor het inschakelen dat beide luchtfilters zijn
geïnstalleerd.
Luchttoevoerslang en luchtafvoerslang aansluiten
1. Verbind het vlakke mondstuk (15) met het uiteinde van de
luchtslang (12).
2. Verbind het andere uiteinde van de luchtslang met de
slangadapter.
3. Schroef de slangadapter in pijlrichting (zie afbeelding
hieronder) in de aansluiting van de luchtafvoer- (7) resp.
luchttoevoerslang (6) van de airconditioner.
NL
4. Controleer de stand van de luchtinlaat-regelknop (9). Deze
moet bij aangesloten luchttoevoerslang in de stand Closed
staan. De ventilatiesleuven bij de luchtinlaat (8) zijn
gesloten.
Sluit u de luchttoevoerslang niet aan, dan moet de
luchtinlaat-regelknop (9) in de stand Open staan. De
ventilatiesleuven bij de luchtinlaat (8) zijn geopend.
8
Lucht toevoeren via de luchttoevoerslang
• De lucht kan van buiten worden toegevoerd, zodat in de
ruimte geen onderdruk ontstaat.
• Het uiteinde van de luchttoevoerslangkan door het
geopende raam worden geleid. Zet het geopende raam evt.
met geschikte hulpmiddelen vast, zodat het uiteinde van
de luchttoevoerslang niet kan wegglijden.
• Het uiteinde van de luchttoevoerslang kan in het gekanteld
15
raam worden gehangen.
Hiervoor wordt het gebruik van een raamafdichting
aanbevolen (optioneel).
• Daarnaast moet worden gecontroleerd of de
ventilatiesleuven bij de luchtinlaat (8) gesloten zijn. Zijn de
ventilatiesleuven geopend, ga dan als volgt te werk:
12
1. Schuif de luchtinlaat-regelknop (9) naar de stand Closed.
ð De ventilatiesleuven bij de luchtinlaat (8) zijn gesloten.
6
lokale airconditioner PAC 3550 PRO
9
7