Met systeeminstallatie kunt u uw pc hardware beheren en BIOS-niveau-opties opgeven. Vanuit de systeeminstallatie kunt u:
● De NVRAM-instellingen wijzigen na het toevoegen of verwijderen van hardware;
● De configuratie van de systeemhardware bekijken;
● Geïntegreerde apparaten in- of uitschakelen;
● Grenswaarden voor prestatie- en energiebeheer instellen;
● De computerbeveiliging beheren.
Onderwerpen:
•
BIOS-overzicht
•
Het BIOS-installatieprogramma openen
•
Navigatietoetsen
•
Eenmalig opstartmenu
•
Opties voor System Setup
•
Het BIOS updaten
•
Systeem- en installatiewachtwoord
•
Het wissen van BIOS (System Setup)- en systeemwachtwoorden
BIOS-overzicht
De BIOS beheert de gegevensstroom tussen het besturingssysteem van de computer en de aangesloten apparaten, zoals de harde schijf,
video-adapter, toetsenbord, muis en printer.
Het BIOS-installatieprogramma openen
1. Schakel de computer in.
2. Druk meteen op F2 om het BIOS-installatieprogramma te openen.
OPMERKING:
Als u te lang hebt gewacht en het logo van het besturingssysteem verschijnt, wacht u tot u de desktop ziet.
Schakel vervolgens de computer uit en probeer het opnieuw.
Navigatietoetsen
OPMERKING:
Voor de meeste System Setup-opties geldt dat de door u aangebrachte wijzigingen wel worden opgeslagen, maar pas
worden geëffectueerd nadat het systeem opnieuw is opgestart.
Toetsen
Navigatie
Pijl Omhoog
Gaat naar het vorige veld.
Pijl Omlaag
Gaat naar het volgende veld.
Enter
Hiermee kunt u een waarde in het geselecteerde veld invullen (mits van toepassing) of de link in het veld volgen.
Spatiebalk
Vergroot of verkleint een vervolgkeuzelijst, mits van toepassing.
Tabblad
Gaat naar het focusveld.
Esc
Gaat naar de vorige pagina totdat het hoofdscherm wordt weergegeven. Als u in het hoofdscherm op Esc drukt,
wordt een bericht weergegeven met de vraag om de niet-opgeslagen wijzigingen op te slaan en wordt het
systeem opnieuw opgestart.
Systeeminstallatie
Systeeminstallatie
4
17