Gebruik van de notebook
3
Schuif het vergrendelingsnokje in de vergrendelingsstand (Lock) zodat de batterij niet kan loskomen uit
de notebook.
Als de notebook via de netadapter is aangesloten op de netstroom en het batterijcompartiment een batterij bevat, werkt de notebook op de netstroom
en niet op de batterij.
!
Vóór u de batterij plaatst, moet u eerst de klep van de notebook sluiten.
De batterij opladen
Om de batterij op te laden, gaat u als volgt te werk:
1
Sluit de netadapter aan op de notebook.
2
Plaats de batterij in de notebook.
De notebook laadt de batterij automatisch op. Het batterijlampje knippert telkens twee keer kort na
elkaar terwijl de batterij wordt opgeladen. Als de batterij voor 85% is opgeladen, gaat het
batterijlampje uit. Dit opladen tot 85% duurt ongeveer 2,5 uur als de notebook aan staat. Als u de
batterij volledig (100%) wilt opladen, rekent u met een oplaadtijd van 3 uur.
status van het batterijlampje
aan
enkel knipperen
dubbel knipperen
uit
Als de batterij bijna leeg is, knippert zowel het batterij- als het stroomlampje.
Laat de batterij in de notebook terwijl de notebook via de netadapter is aangesloten op de netstroom. De batterij wordt verder opgeladen terwijl u
met de notebook werkt.
Als de batterijlading daalt tot minder dan 10%, moet u de netadapter aansluiten zodat de batterij kan worden opgeladen, of moet u de notebook
uitschakelen en een volle batterij insteken.
U kunt ervoor zorgen dat de batterij minder snel leeg raakt door de energiebeheermodi te wijzigen in het hulpprogramma PowerPanel.
betekenis
De notebook werkt op de batterijstroom.
De batterij is bijna leeg.
De batterij wordt opgeladen.
De notebook werkt op netstroom.
n N
19