Algemene tips en instellingen
Welke HandyTone adapter u ook kiest: deze wordt altijd gebruikt in een
bestaand netwerk, met haar eigen specifieke instellingen. Derhalve is het niet
mogelijk om in deze handleiding alle instellingen te geven, maar zult u zelf
wellicht diverse instellingen in uw router moeten aanpassen.
Hieronder een aantal tips en opmerkingen inzake de configuratie van uw
router en van uw HandyTone, die wellicht behulpzaam zijn bij de
ingebruikname van uw HandyTone VoIP gateway:
Gebruikt u een vast IP-adres, dan raden wij u aan om op tabblad [Basic
settings] bij DNS-server het adres van een eigen DNS-server (mogelijk uw
eigen gateway) of een externe DNS-server in te vullen. Indien u een
dynamisch IP-adres gebruikt (default) dan is dit niet nodig.
LET OP: de IP-adressen die in onze schermprints worden getoond, hoeven
niet overeen te stemmen met de IP-configuratie van uw eigen netwerk.
Enige kennis van IP-netwerken en uw eigen netwerk is dan ook gewenst.
Indien u een Firewall gebruikt, en dat geldt in de meeste situaties, kunt u
bij de configuratie van uw VoIP-account bij outbound Proxy het IP-adres
van de VoIP-server invullen. Ook kunt u het veld Outbound Proxy leeg
laten en bij NAT traversal (tabblad Advanced settings) kiezen voor [yes]
en een willekeurige stunserver instellen, bijvoorbeeld
stun.voipbuster.com. STUN staat voor Simple Traversal of UDP over NATs.
De Grandstream-apparaten bieden diverse CODEC-instellingen. CODECs
zorgen ervoor dat de spraakgegevens worden gecomprimeerd en weer
gedecomprimeerd. In onze eigen tests bleken de CODEC's PCMU en PCMA
het beste te functioneren:
Meer informatie over CODECs vindt u op onze technotes-pagina
(www.tijdhof.com/technotes.php).
Pagina 4/11
1 februari 2006