uuControlelampjesu
Controlelampje
Waarschuwingslampje
systeemmelding
Controlelampje
automatisch
grootlicht
110
Naam
Aan/Knipperend
•
Brandt enkele seconden wanneer u de
voedingsmodus in de stand AAN zet en
gaat daarna uit.
•
Wordt samen met een zoemer
ingeschakeld wanneer een probleem
wordt geconstateerd. Tegelijkertijd
wordt een systeemmelding weergegeven
op de interface voor
bestuurdersinformatie.
•
Gaat branden wanneer aan alle
bedrijfsomstandigheden van het
automatisch grootlicht is voldaan.
Uitleg
•
Wanneer het controlelampje brandt, drukt u
op de knop
(display/informatie) om de
melding opnieuw te bekijken.
•
Raadpleeg de informatie over
controlelampjes in dit hoofdstuk wanneer er
een systeemmelding op de interface voor
bestuurdersinformatie verschijnt. Onderneem
de vereiste actie voor de weergegeven
melding.
•
De interface voor bestuurdersinformatie keert
niet terug naar het normale scherm, tenzij de
waarschuwing geannuleerd wordt of de knop
wordt ingedrukt.
Automatisch grootlicht
2
Bericht
—
—
BLZ. 229