M No.
BEDIENING
9.17.1
De lokale valuta is de uitgangsvaluta. Betaling en wisselgeld in lokale valuta.
Registratie volgens tabel 5, regel 1.
Stand functieschakelaar «R1» of «R2»
-
Registreer de artikelen.
-
Genereer met de toets [ST ZWISCHENSUMME] het subtotaal (in lokale valuta).
-
De klant geeft u een bedrag in de lokale valuta.
-
Wanneer de klant u het bedrag niet gepast geeft, voert u het ontvangen bedrag in.
-
Sluit de transactie af door op de toets [TL/TOTAL RÜCKGELD] te drukken.
-
In het display wordt het bedrag aan wisselgeld in lokale valuta weergegeven.
Een voorbeeld: De lokale valuta is de Zweedse kroon (SEK). Een klant koopt verschillende soorten drank (artikelgroep 6) voor
300,- Skr. en betaalt met 500,- Skr. Het bedrag aan wisselgeld moet in lokale valuta (SEK) worden teruggegeven.
alle bedragen in lokale
De bon ziet eruit als volgt:
CR2000-Sig-IM-NL-03.indb 105
valuta, hier: SEK
geregistreerde artikelen, hier: 300,- Skr. op
WGR 6 (met belast volgens btw-tarief 1)
ST = Subtotaal
Totaalbedrag aan btw (voor btw-tarief 1)
CA = Gegeven bedrag (contant)
CG = Wisselgeld
N
105
10/30/12 3:13 PM