Voorkeurinstellingen
In het venster Preferences (voorkeuren) kunt u de seriële poort en de
poortsnelheid wijzigen.
Als de computer niet herkent dat de camera is aangesloten en aan staat, kan het
zijn dat u de seriële poort en de poortsnelheid moet wijzigen.
Ga als volgt te werk om de seriële poort en de poortsnelheid te wijzigen:
1
Klik op de knop PREFERENCES (voorkeuren).
Het venster Preferences verschijnt.
Als de programmatuur de camera niet herkent, blijft u de snelheid van
COM1 en de andere COM-poorten aanpassen tot de camera wordt herkend.
Als de computer eenmaal met de camera kan communiceren, verhoogt u
geleidelijk de snelheid om de overdrachttijd van foto's te verkleinen.
Zo sluit u het venster: klik op OK. Als u het venster wilt sluiten zonder de
wijzigingen door te voeren, klikt u op CANCEL (Annuleren).
8-6
2
Klik indien nodig op de pijlen om de
volgende opties aan te passen:
Serial Port (seriële poort), als de
computer de camera niet herkent.
Port Speed (poortsnelheid) om de
overdrachttijd te verkorten.
3
Klik op de knop OK.
Als u weer de standaardwaarden
wilt instellen, klikt u op de knop
RESET (standaardwaarden).