Pagina 1
BEDIENUNGSANLEITUNG OPERATING INSTRUCTIONS NOTICE D´EMPLOI GEBRUIKSAANWIJZING Comfort Funk-Antrieb „CFA 1000“ Seite 3 - 39 Radio door opener set „CFA 1000“ Page 40 - 76 Système d’ouverture de porte radio „CFA 1000“ Page 77 - 113 Draadloos deuropener systeem „CFA 1000“ Pagina 114 - 150...
Pagina 2
Diese Bedienungsanleitung gehört zu diesem Produkt. Sie enthält wichtige Hinweise zur Inbetriebnahme und Handhabung. Achten Sie hierauf, auch wenn Sie dieses Produkt an Dritte weitergeben. Heben Sie deshalb diese Bedienungsanleitung zum Nachlesen auf! Eine Auflistung der Inhalte finden Sie in dem Inhaltsverzeichnis mit Angabe der entspre- chenden Seitenzahlen auf Seite 4. These operating instructions belong with this product. They contain important information for putting it into service and operating it. This should be noted also when this product is passed on to a third party. Therefore look after these operating instructions for future reference! A list of contents with the corresponding page numbers can be found in the index on page Ce mode d’emploi appartient à ce produit. Il contient des recommandations en ce qui concerne sa mise en service et sa manutention. Veuillez en tenir compte et ceci également lorsque vous remettez le produit à des tiers. Conservez ce mode d’emploi afin de pouvoir vous documenter en temps utile! Vous trouverez le récapitulatif des indications du contenu à la table des matières avec mention de la page correspondante à la page 78. Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product. Er staan belangrijke aanwijzingen in betreffende de ingebruikname en gebruik, ook als u dit product doorgeeft aan derden. Bewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat u deze later nog eens kunt nalezen! U vindt een opsomming van de inhoud in de inhoudsopgave met aanduiding van de paginanummers op pagina 115.
Inleiding Geachte klant, Hartelijk dank voor de aanschaf van dit product. Het product is EMC-goedgekeurd en voldoet daarmee aan de voorwaarden van de geldende Europese en nationale richtlijnen. De CE-conformiteit is aangetoond; de overeenkomstige verklaringen zijn bij de fabrikant gedeponeerd. Volg de instructies van de gebruiksaanwijzing op om deze status van het apparaat te handhaven en een gevaarloze werking te garanderen! Lees voor de ingebruikname van dit product de volledige gebruiksaanwijzing door en neem alle bedienings- en veiligheidsinstructies in acht! Alle vermelde bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de respectievelijke eige- naren. Alle rechten voorbehouden. Voor het toepassen van deze deur opener dient men rekening te houden dat het gevelement met knopcilinder moet worden goedgekeurd. Voor meer informatie kunt u kijken op www.abus.de.
Pagina 115
Inhoudsopgave Pagina 1. Voorgeschreven gebruik ....................117 . Leveringsomvang ......................117 3. Verklaring van symbolen .....................117 4. Eigenschappen en functies ..................118 5. Veiligheidsinstructies ....................119 6. Batterijen en accu´s ..................... 10 7. Voorbereiding ....................... 11 a) Gestelde eisen aan de deur ..................121 b) Gestelde eisen aan de sluitcilinder ................122 8. Beschrijving van het systeem ..................15 a) Bevestigingsplaat ..................... 125 b) Deurslotaandrijving ....................
Pagina 116
Pagina 1. Bediening ........................139 a) Vergrendelen ......................139 b) Ontgrendelen ......................140 c) Deur openen ......................140 13. Noodbediening ......................141 14. Overige ......................... 14 a) Bevestigingstoon instellen ..................142 b) Procedure bij het wisselen van slot ................142 c) Instructies voor het omgaan met het wisselcodesysteem ........143 d) De Master-afstandsbediening vervangen ..............143 15. Batterijen vervangen ....................144 a) Afstandsbediening ....................144 b) Deurslotaandrijving ....................
1. Voorgeschreven gebruik Het draadloze deuropenersysteem “CFA 1000” bestaat uit een deurslotaandrijving en een draad- loze afstandsbediening. Het systeem dient voor het motorgestuurd vergrendelen en ontgrendelen van cilindersloten in huisdeuren. Hiervoor wordt de deurslotaandrijving op de sluitcilinder (met ingestoken sleutel) gemonteerd. De aandrijfmotor in de deurslotaandrijving draait de sleutel om net als bij de gewone handmatige bediening. Een uitvoerige functiebeschrijving vindt u in hoofdstuk 4 “Eigenschappen en functies”. Het product mag niet vochtig of nat worden. De deurslotaandrijving is uitsluitend geschikt voor gebruik in gesloten, droge ruimten binnenshuis. Een andere toepassing dan hierboven beschreven, kan leiden tot beschadiging van dit product. Bovendien bestaan andere gevaren. Lees deze gebruiksaanwijzing volledig en zorgvuldig door; deze bevat belangrijke instructies voor de montage en bediening. . Leveringsomvang • Deurslotaandrijving en bevestigingsplaat • Draadloze afstandsbediening • Binnenzeskantsleutel voor montage van de bevestigingsplaat en deurslotaandrijving • Drie batterijen van het type “Mignon/AA” (voor deurslotaandrijving) • Een knoopcel van het type “CR2016” (voor draadloze afstandsbediening) • Gebruiksaanwijzing 3. Verklaring van symbolen Een uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke instructies in deze gebruiksaan- wijzing die absoluut moeten worden opgevolgd. Het “hand”-symbool vindt u bij bijzondere tips of instructies voor de bediening.
4. Eigenschappen en functies • Montage op gebruikelijke sluitcilinders mogelijk (nochtans adviseren we de plaatsing van een slotcilinder met noodbedieningsfunctie!) • Montage is mogelijk zonder beschadiging van de deurvleugel (extra bevestigingsgaten voor vastschroeven aan binnenbeslag van de deur of deurvleugel zijn toch aanwezig) • Deurslotaandrijving en draadloze afstandsbediening werken op batterijen dus er is geen ne- taansluiting in de buurt van de deur nodig • In optie is het ook mogelijk de deurslotaandrijving met een accu te voeden; een langdurig gebruik is mogelijk met de interface ”KM300 RI” met bijhorende accu • Eenvoudig handmatig te bedienen draaiknop, onafhankelijk van de motoraandrijving te bedienen (bijv. voor het in werking stellen van het slot in paniek- en noodsituaties of bij lege batterijen van de deurslotaandrijving resp. bij functiestoringen) • Bij een sluitcilinder met noodbediening is het vergrendelen en ontgrendelen van buitenaf via de bij het slot horende sleutel in alle gevallen mogelijk, ook indien de batterijen van de deur- slotbediening leeg zijn of de werking ervan gestoord • Vergrendelen en ontgrendelen is mogelijk via: a) Draadloze afstandsbediening De draadloze afstandsbediening (868MHz-techniek) heeft een bereik van max. 100m in open veld (in het ideale geval bij ononderbroken visueel contact zonder radiostoringen). Raadpleeg hiervoor ook hoofdstuk 16.
Het product mag niet vochtig of nat worden. De deurslotaandrijving mag alleen worden gebruikt in droge ruimten binnenshuis. Stel de deurslotaandrijving en de draadloze afstandsbediening niet bloot aan direct zonlicht, overmatige hitte, kou, vocht of neerslag. Houd de draadloze afstandsbediening buiten bereik van kinderen (gevaar van inslikken van kleine onderdelen zoals bijv. batterijen). Dit product is geen speelgoed. Om veiligheids- en keuringsredenen (CE) is het eigenmachtig ombouwen en/of veranderen van het product niet toegestaan. Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos slingeren. Plasticfolie, plastic zakken of stukken piepschuim kunnen voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn. Behandel het product voorzichtig. Door stoten, schokken of een val - zelfs van geringe hoogte - kan het beschadigd raken. Ontheffing van aansprakelijkheid Het product is een technisch systeem dat net als andere apparaten door verschillende oorzaken kan uitvallen. Neem daarom het volgende in acht: • Gebruik alleen een sluitcilinder met functie voor noodbediening die bij een aan de binnenzijde ingestoken sleutel ook van buitenaf met een andere sleutel kan worden ontgrendeld en vergrendeld. • Neem de sleutel die bij het slot hoort altijd mee of leg de sleutel op een plaats waar u deze in geval van storing kunt pakken (buren, kantoor, auto, etc.). • ABUS is in het kader van de productaansprakelijkheid alleen aansprakelijk voor het product “Draadloos deuropenersysteem CFA 1000” zelf; dus niet voor gevolgschade die tijdens gebruik of montage ontstaan!
6. Batterijen en accu´s • Houd batterijen/accu´s buiten bereik van kinderen. • Let bij het plaatsen van de batterijen/accu´s op de juiste poolrichting. • Laat batterijen/accu´s niet achteloos liggen; het gevaar bestaat dat ze door kinderen of huis- dieren worden ingeslikt. Raadpleeg bij inslikken onmiddellijk een arts. • Lekkende of beschadigde batterijen/accu´s kunnen bij huidcontact bijtende wonden veroorzaken; draag in dit geval beschermende handschoenen. • Let op dat batterijen of accu´s niet worden kortgesloten of in vuur worden geworpen. Er bestaat explosiegevaar! • Batterijen/accu´s mogen nooit worden geopend! • Bovendien mogen gewone batterijen niet worden opgeladen. Er bestaat explosiegevaar! • Verwijder de batterijen/accu´s als u het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt (bijv. bij opslag) om te voorkomen dat het apparaat door de lekkende batterijen/accu´s beschadigd raakt. • Vervang altijd de gehele set batterijen/accu´s; gebruik altijd batterijen/accu´s van hetzelfde type/merk.
7. Voorbereiding a) Gestelde eisen aan de deur De deurslotaandrijving is bestemd voor montage op gewone huisdeuren, voordeuren, zijdeuren, enz. die zijn uitgerust met een vervangbaar standaard cilinderslot. De deurslotaandrijving kan alleen op deuren worden gebruikt waarvan de deurscharnieren, sloten, sluitcilinders en grendels soepel lopen en niet klemmen. Let op: • Deuren, waarvan sluitcilinders/sloten zich niet door drukken, trekken, optillen, neer- drukken of verdraaien van de deur laten bedienen, zijn niet geschikt voor gebruik met de deurslotaandrijving! • Hout is een natuurproduct dat reageert op weersomstandigheden (hout werkt). Houten deuren kunnen daarom bij direct zonlicht, sterke kou of vocht kromtrekken hetgeen de functie van de deurslotaandrijving bemoeilijkt of zelfs onmogelijk maakt. Bij kunststof of aluminium deuren treedt dit probleem slechts zelden op. Bovendien moet men er rekening mee houden dat juist deuren die aan de buitenzijde van het gebouw zijn geplaatst (bijv. voordeuren, blootstaan aan enorme klimaatschom- melingen. Daarnaast heerst binnen in huis een gelijkmatige temperatuur die het tegenovergestelde is van het buitenklimaat. Daarom is het niet uit te sluiten dat er klimaatomstandigheden zijn waarbij de deur- slotaandrijving niet functioneert, aangezien deze de kracht niet kan opbrengen die de vervormde deur (en daarmee het slot) voor openen of sluiten nodig heeft. • Controleer voordat u de deurslotaandrijving installeert of de deur zich onder alle klimaatomstandigheden ter plaatse soepel laat vergrendelen en ontgrendelen. • Test de functie van deur en slot; kijk of het deurslot alleen door te draaien aan de sleutel in het slot wordt geopend of vergrendeld, zonder daarbij de deur of deurknop vast te houden. • Stel indien nodig de deurscharnieren en/of de sleutelgatplaat in de deurpost zo in, dat het ontgrendelen en vergrendelen zoals hierboven beschreven soepel gaat.
b) Gestelde eisen aan de sluitcilinder • De deurslotaandrijving kan alleen op een gewone sluitcilinder worden gemonteerd. Deze sluitcilinder is met een lange schroef in het slot van de deur bevestigd. • De deurslotaandrijving wordt rechtstreeks op de sluitcilinder gemonteerd. Deze draait op de eerder in de profielcilinder gestoken sleutel. Daarom is het nodig dat de sluitcilinder ongeveer 8mm-15mm boven het binnenbeslag van de deur uitsteekt. Meestal is dit echter niet het geval en ligt de sluitcilinder gelijk aan het binnenbeslag. Een mon- tage van de deurslotaandrijving is hier niet mogelijk; er moet een nieuwe geschikte sluitcilinder worden gemonteerd. Zoals hierboven reeds opgemerkt, is de sluitcilinder alleen met een lange schroef bevestigd hetgeen het vervangen zeer eenvoudig maakt. Vervangen van de sluitcilinder (uitvoerige beschrijving zie hoofdstuk 9): • Open de deur. • Steek een sleutel aan de binnenzijde van de deur in de sluitcilinder. • Draai de bevestigingsschroef er volledig uit (zie afbeelding 1 en 2). • Beweeg de sleutel een klein stukje naar links of rechts (tegen de klok in of met de klok mee), totdat de sluitcilinder uit het slot kan worden getrokken. • Het plaatsen van een nieuwe sluitcilinder wordt in omgekeerde volgorde uitgevoerd. Aan de buitenzijde van de deur mag de sluitcilinder in principe niet over het bui- tenste beslag van de deur uitsteken. Dit dient voor de beveiliging tegen inbraak, de sluitcilinder kan er zo niet met een grote pijptang worden afgehaald. Mogelijk zijn in het buitenste deurbeslag extra beveiligingssystemen geïnte- greerd (draaibare rozetten, enz.). Het buitenste deurbeslag mag niet vanaf buiten demonteerbaar zijn! Indien dit niet in acht wordt genomen, verliest u bij een inbraak in bepaalde...
Pagina 123
1 Schroef voor bevestiging van de sluitcilinder in het slot Sluitcilinder 3 Beweegbare sluitbaard (beweegt de sluitgrendel in het slot van de deur) 4 Binnenbeslag van deur 5 Deurvleugel (bijv. van hout, aluminium of kunststof) 6 Buitenbeslag van deur 7 Rozet (afhankelijk van buitensbeslag van de deur eventueel niet aanwezig resp. binnen in deurbeslag geïntegreerd) A Binnenmaat B Buitenmaat C Binnenmaat + extra uitstekend deel (8 mm tot 15 mm, ideaal is 10 mm) • Voor het nauwkeurig uitmeten van de sluitcilinder is het zinvol deze te demonteren (zoals op vorige pagina´s is beschreven). • Meet daarna uitgaande van boorgat (1) de binnenmaat (A) en de buitenmaat (B) van de sluit- cilinder. • Om de afmetingen van de nieuw te kopen sluitcilinder te bepalen, voegt u aan de binnenmaat (A) de genoemde 8mm tot 15mm toe (voor zover de sluitcilinder precies gelijk met het binnenste deurbeslag was). Als uw sluitcilinder bijvoorbeeld de afmetingen 40mm/40mm heeft, dan heeft u een nieuwe sluitcilinder nodig met de standaardmaat 50mm/40mm. De sluitcilinder steekt dan na vervanging 10mm uit wat ideaal is voor de montage van de deurslotaandrijving.
Pagina 124
Let op! De sluitcilinder moet zijn uitgerust met een functie voor noodbediening. Dit houdt in dat de sluitcilinder vanaf buiten kan worden geopend, onafhankelijk van het feit of aan de binnenzijde een sleutel in het slot is gestoken of niet. Bij “normale” sluitcilinders blokkeert de aan de binnenzijde ingestoken sleutel het opendoen van buitenaf. De deur kan van buitenaf niet meer met een sleutel worden geopend. Bij lege batterijen van de deurslotaandrijving of bij een defect kan de deur alleen nog met geweld worden geopend! De toegang tot de woning wordt daarmee geblokkeerd! Sluitcilinders met noodfunctie zijn doorgaans alleen bij een vakhandelaar verkrijgbaar; waar- schijnlijk ook in een goed gesorteerde bouwmarkt. Indien uw woning beschikt over een tweede ingang (en natuurlijk wanneer u altijd een sleutel bij de hand heeft), kan in uitzonderlijke gevallen ook een traditionele “normale” sluitcilinder worden gebruikt (openmaken vanaf de buitenkant is dan niet mogelijk!). Tip: Wanneer u uw sleutel wilt houden en de aanwezige “oude” sluitcilinder bijv. in de achterdeur wilt/kunt plaatsen (voordeel: slechts één sleutel nodig voor alle deuren), dan geeft u uw sleutel bij de aanschaf van een nieuwe sluitcilinder in de vakhandel af om een voor deze sleutel passende sluitcilinder te verkrijgen (het kan zijn dat dit niet...
8. Beschrijving van het systeem a) Bevestigingsplaat Montagegaten, afstand 41 mm (indien nodig vastschroeven) Houtschroeven (3 x 20 mm) Montagesleutel b) Deurslotaandrijving Draaiknop voor handmatig ver- en ontgrendelen vanaf bin- nenzijde (knopfunctie) Kleine setup-toets voor instellen en programmeren Toets “Ontgrendelen” LC-display Toets “Vergrendelen” Sleuf voor openen batterijvak Vierpolige aansluiting voor interface ”KM 300 RI” Batterijvak Batterijvak- Tweepolige aansluiting LED „Charge“ deksel voor signaallamp c) Draadloze afstandsbediening Status-LED Ontgrendelingstoets (rechts) Vergrendelingstoets (links) Toets “Deur openen” Batterijvakdeksel Batterijvak (met knoopcel, plus wijst naar buiten)
9. Montage en ingebruikneming a) Vervanging van de sluitcilinder Wanneer de reeds aanwezige sluitcilinder niet voldoet aan de eisen (zie hoofdstuk 7. b) dan dient na het uitmeten eerst een nieuwe sluitcilinder te worden gekocht. - Open de deur - Trek de sluitcilinder aan de sleutel uit de deur, indien nodig sleutel iets - Steek de sleutel in het slot draaien - Verwijder de bevestigingsschroef met een passende schroevendraaier - Plaats de nieuwe sluitcilinder met ingestoken sleutel - Bevestig de sluitcilinder met de be- - Duw de sluitcilinder net zo ver dat vestigingsschroef de bevestigingsschroef in het betref- - Vergrendel de deur van binnen en fende gat van de sluitcilinder kan buiten met de sleutel en kijk of dit worden gedraaid...
b) Montage van bevestigingssokkel en de bediening van het deurslot - Draai de schroeven (links en rechts op de - Plaats de bevestigingsplaat op het uitsteken- deurslotaandrijving) voor de bevestigings- de deel van de sluitcilinder. plaat los. - Neem de bevestigingsplaat uit de deurslot- aandrijving. - Zorg hierbij dat de moeren in de bevesti- gings-plaat blijven. - Maak de bevestigingsplaat met de schroef - Indien nodig kan de bevestigingsplaat boven en onder op de sluitcilinder vast. nog met twee houtschroeven aan de deur worden bevestigd (zie pijlen). Door deze beide schroeven wordt echter de deurvleugel resp. het deurbeslag beschadigd. Bij huurwoningen kan dit leiden tot een eis tot schadevergoeding of tot inhouding van de huurwaarborg. Normaliter volstaan de beide schroeven aan de boven- en onderzijde van de beves- tigingsplaat waarmee de deurslotaandrijving stevig wordt bevestigd.
Pagina 128
• Steek de sleutel in de sluitcilinder, ontgrendel het slot en breng de sleutel in de neutraalstand (waarin men de sleutel eruit kan trekken). • Plaats de deurslotaandrijving over de sleutel; steek deze volledig op de bevestigingsplaat. • Met de beide aan het begin uitgedraaide bin- nenzeskantschroeven (M3 * 14 mm) dient de deurslotaandrijving op de bevestigingsplaat te worden gemonteerd. Draai de schroeven met de meegeleverde bin- nenzeskantsleutel geheel aan; gebruik echter geen geweld. De schroeven enkel met de hand vastdraaien. Anders kan de aandrijving scheef gaan trekken. Hierdoor kan een foutieve werking ontstaan (bijv. openen van de deur aan de buitenkant gaat moeilijk met de sleutel. • Open de deur. Dit is nodig omdat de deurslotaan- drijving tijdens de volgende initialisatiebeurt zo de eindaanslagen van het slot zonder hindernis kan vaststellen.
c) Signaallampje en interface ”KM 300 RI” Onder aan de deurslotaandrijving bevinden er zich twee kleine bussen. Op de tweepolige bus kan het signaallampje worden aangesloten; de vierpolige bus dient voor de aansluiting van de interface ”KM 300 RI”. De signaallamp noch de interface worden met de ”CFA 1000” meegeleverd, ze zijn afzonderlijk verkrijgbaar. Tweepolige aansluiting Vierpolige aansluiting voor voor signaallamp interface ”KM 300 RI” Voor de montage van de signaallamp is het soms nodig in de deurvleugel een gat te boren om de kabel doorheen te voeren. Indien u in een huurwoning woont, vraag dan eerst bij uw huurbaas of verhuurder of dit wel of niet is toegestaan. Anders kunt u aansprakelijk worden gesteld voor het beschadigen van de deur. Ev. kan de signaallamp aan de binnenzijde van een glazen deel van het deurblad worden gekleefd. Steek de kleine connector van de signaallamp in de bus aan de onderzijde van de deurslotaan- drijving. Gebruik geen geweld; dit kan slechts op één manier. Met de signaallamp verkrijgt u een optische bevestiging van de radiografische opdrachten van de draadloze afstandsbediening. Zo verkrijgt u een van veraf zichtbare terugmelding over de actuele activiteiten van de deurslotaandrijving. De signaallamp levert de volgende informatie: Kort oplichten radiografisch commando ontvangen, uitvoering begint Knipperen Aandrijving in werking 1 x langer oplichten Vergrendelen beëindigd 2 x kort oplichten...
d) Batterijen in de deurslotaandrijving plaatsen Schuif het deksel aan de onderzijde van het batterijvak Afbeelding in het batterijvak voor de juiste poolrichting van de batterijen Plaats drie batterijen (AA, Mignon) volgens de juiste poolrichting in het vak Plaats het batterijvakdeksel terug totdat het vastklikt Na het plaatsen van de batterijen start de deurslotaandrijving met het opvragen van de basisinstellingen, zie hoofdstuk 10. De basisinstellingen zijn bij de eerste ingebruikneming absoluut noodzakelijk zodat de deurslotaandrijving op de juiste manier kan functioneren. Voer de instelwerkzaamheden goed en zorgvuldig uit, aangezien alleen dan een probleemloze werking is gegaran- deerd. De basisinstellingen dienen alleen opnieuw te worden ingevoerd wanneer de deur- slotaandrijving op een andere sluitcilinder of op een andere deur wordt gemonteerd.
10. Basisinstellingen Let op: Het afvragen en invoeren van de basisinstellingen vindt in principe automatisch plaats bij de eerste ingebruikneming en moet volledig gebeuren (alle menupunten). Alle menu’s kunnen met een lange druk op een willekeurige toets worden afgebroken. Nadat er gedurende zowat 3 minuten geen toets werd ingedrukt worden alle menu’s automatisch afgebroken (laat u dus tussen de menu’s niet teveel tijd verstrijken). Voor een handmatige start van het opvragen/invoeren van de basisinstellingen (bijv. indien er sedert het plaatsen van de batterijen meer dan 3 minuten verliepen, of indien het apparaat voor een andere sluitcilinder wilt ombouwen) drukt u gedurende ongeveer 2 seconden op de kleine ronde toets ”Setup” (zie hoofdstuk 8 b). Aan het begin van de gegevensopvraag/invoer verschijnt de indicatie “1” voor de eerste setup-stap (zie onder, 10. a) en het symbool “vergrendeld” ( ), daarna het draaiende richtingssymbool. Dit geeft aan in welke richting de sleutel wordt gedraaid om het slot te vergrendelen. a) Selectie van de draairichting • Test het slot en de sluitcilinder op uw deur om vast te stellen welke draairich- ting voor het afsluiten nodig is (afsluiten betekent dat de grendel naar buiten komt). • Met de onderste toets wordt de draairichting omgeschakeld naar “links”. • De streepjes op het LC-display draaien naar links om de draairichting “naar links” aan te geven. • Met de bovenste toets wordt de draairichting omgeschakeld naar “rechts”. • De streepjes op het LC-display draaien naar rechts om de draairichting “naar rechts” aan te geven. Selecteer de gewenste draairichting door de bijbehorende toets kort in te drukken. Herinnering: Indien de deur tot hier toe niet open was, opent u haar nu, zodat de eindaanslagen correct worden herkend. • Om naar de volgende menuoptie te gaan, drukt u met een puntig voorwerp kort op de kleine ronde toets ”Setup”; de initialisatie (zie volgende pagina) begint. • Op het display wordt ”2” weergegeven voor de tweede Setup-stap (zie b).
b) S tand ”Vergrendeld”/”Ontgrendeld”kiezen, deurval-houdtijd kiezen • Wacht de eerste initialisatiecyclus af. Hierbij komt de aandrijving meerdere keren tegen de aanslag in de richting ”Ontgrendelen”. De deurval moet daarbij volledig worden ingetrokken. • Ter afsluiting van deze cyclus gaat de aandrijving naar de zelf herkende stand ”Ontgrendeld”. Deze instelling kan desgewenst in stappen van 90 graden worden aangepast, om de aandrijving aan te passen aan de betrokken situatie: 1. voor een overwegend gebruik als deuropener kan de instelling verder wor- den doorgevoerd in de richting ”Ontgrendeld”, om de tijd voor het intrekken van de deurslotval kleiner te maken. 2. Voor een overwegend gebruik voor het vergrendelen en het ontgrendelen kan de instelling verder in de richting ”Vergrendelen” worden doorgevoerd zodat de verplaatsingsafstand en dus ook het batterijverbruik beperkt blijven. Dit is zinvol bijv. bij deuren, die ook een deurklink hebben. Instelling van de stand ”Ontgrendeld”: • De toets ”Ontgrendelen” kort indrukken, de aandrijving gaat telkens 90 graden in de richting ”Ontgrendelen” (deze trip is meermaals mogelijk) • De toets ”Ontgrendelen” kort indrukken, de aandrijving gaat telkens 90 graden in de richting ”Vergrendelen” (deze trip is meermaals mogelijk) • De toets ”Setup” kort indrukken; op het display verschijnt ”3” voor menupunt 3 (instelling ”Vergrendeld”)
Pagina 133
• Nu start de initialisatietrip richting ”Vergrendeld”. Dit proces gebeurt in tegen- stelling tot de ontgrendelen-initialisatie maar één keer. Ook hier is een aanpassing mogelijk in stappen van 90 graden, bijvoorbeeld indien bij het vergrendelen maar ”1 x Vergrendelen” is gewenst. Dit bespaart batterijcapaciteit, en maakt een snel vergrendelen en ontgrendelen moge- lijk. Instelling van de stand ”Vergrendeld”: • De toets ”Ontgrendelen” kort indrukken, de aandrijving gaat telkens 90 graden in de richting ”Ontgrendelen” (deze trip is meermaals mogelijk) • De toets ”Vergrendelen” indrukken, de aandrijving gaat telkens 90 graden in de richting ”Vergrendelen” (deze trip is meermaals mogelijk) • De toets ”Setup” indrukken; de trip naar de geprogrammeerde stand ”Ont- grendeld” begint Op het display verschijnt ”4” voor menupunt 4 (instelling ”Houdtijd deurval”). Het ontgrendelen-symbool gaat knipperen. Nu kunt u de houdtijd van de deurval voor de functie ”Deur openen” instel- len. Denkt u er hierbij om, dat het batterijverbruik bij een verhoogde houdtijd toeneemt. Instelling houdtijd: • De toets ”Ontgrendelen” kort indrukken: verlengde houdtijd (ca. 2,5 seconden) • De toets ”Vergrendelen” kort indrukken: korte houdtijd...
Pagina 134
• Druk na deze instellingen kort op de toets “set-up”. Vervolgens worden alle instellingen opgeslagen; de deurslotaandrijving ont- grendelt het slot en brengt het in de neutraalstand. Op het display verschijnen de symbolen “ontgrendeld” en “M”. Hiermee zijn de basisinstellingen beëindigd.
11. Draadloze afstandsbediening De draadloze afstandsbediening is speciaal ontwikkeld voor het aansturen van de deurslotaandrijving “CFA 1000”. Deze zendt de besturingstaken gecodeerd met behulp van een wisselcodesysteem uit en biedt daarmee een zeer hoge beveiliging tegen codediefstal (“afluisteren” en later uitzenden van het radiografische signaal door onbevoegde personen). Het is ook niet mogelijk van de draadloze afstandsbediening een kopie te laten maken, hetgeen bij een gewone sleutel wel eenvoudig is. Bij verlies van een draadloze afstandsbediening is geen nieuwe sluitcilinder of een nieuw slot nodig. U kunt volstaan met het wissen van de verdwenen draadloze afstandsbediening uit het geheugen van de deurslotaandrijving. Let op de tips voor het omgaan met het wisselcodesysteem in hoofdstuk 14. Overi- De eerste bij de deurslotaandrijving aangemelde afstandbediening is de zgn. ”Master”- afstandsbediening, waarvoor geheugenplaats ”1” is gereserveerd. Alleen met deze ”Master”-afstandsbediening kunnen later nog meer ”normale” afstandsbedieningen worden aangeleerd. Deze bijzondere functie van de eerst aangemelde afstandsbediening dient voor het verhogen van de veiligheid. Zonder de”Master”-afstandsbediening is er geen leerproces mogelijk van een afstandsbediening op uw ”CFA 1000”, ook indien bijvoorbeeld een bezoeker het aanleerproces zou kennen! Bij de levering van de deurslotaandrijving is een draadloze afstandsbediening inbegrepen; in totaal kunnen maximaal negen draadloze afstandsbedieningen bij de deurslotaandrijving worden aangemeld. a) Batterij plaatsen • Open het batterijvak aan de achterzijde van de afstandsbediening door het deksel van het batterijvak een stukje rechtsom met de klok mee te draaien, bijv. met een munt.
b) Draadloze afstandsbediening bij deurslotaandrijving aanmelden In de levertoestand is er geen afstandsbediening aangemeld/aangeleerd. De deurslotaandrijving reageert bijgevolg nog NIET op de meegeleverde draadloze afstandsbediening. Let op: De eerste afstandsbediening die wordt aangeleerd, is automatisch de ”Master”- afstandsbediening. Hiervoor is geheugenplaats ”1” voorbehouden. Eerste afstandsbediening aanmelden/aanleren: • Druk gedurende twee seconden op de bovenste toets “ontgrendelen” om de aanmeldprocedure te starten. Door nogmaals op de bovenste toets “ontgrendelen” te drukken (gedurende twee seconden) wordt de aanmeldprocedure afgebroken, zonder een draadloze afstandsbediening aan te melden. Als na het oproepen van het menu gedurende drie minuten niet op een toets op de deurslotaandrijving of afstandsbediening is gedrukt, wordt de aanmeldprocedure automatisch beëindigd. • Op het LCD-display verschijnt geheugenplaats ”1”. De symbolen voor de radiografi sche ontvangst en “ontgrendelen” knipperen; de deurslotaandrijving is bedrijfsklaar, de gewenste zendercode is ontvangen.
Pagina 137
• Druk ongeveer 1 seconde op een willekeurige toets van de draadloze af- standsbediening om de deze aan te melden. • Zodra de code correct werd ontvangen, verschijnt “OK” op het display en wordt het menu met drie korte geluidssignalen afgesloten. Let op: Er verschijnen alleen geheugenplaatsen die nog niet zijn toegewe- zen. De geheugenplaatsen ”1” tot ”9” zijn bestemd voor draadloze afstandsbedieningen; de geheugenplaats ”C” voor de uitbreiding met het ”Radiocodeslot CFT 1000, de geheugenplaats ”Z” voor de uitbreiding met ”Centrale”. Als geen geheugenplaats vrij is, volgt de foutmelding (“FULL”) op het LC-display en wordt het menu afgebroken.
c) Aangemelde draadloze afstandsbedieningen wissen • Druk op de onderste toets “vergrendelen” gedurende twee seconden. Door nogmaals op de toets “vergrendelen” te drukken (gedurende twee seconden) wordt het wissen beëindigd, zonder een geheugen- plaats leeg te hebben gemaakt (bijv. wanneer u per ongeluk op de toets heeft gedrukt). Als na het oproepen van het menu gedurende drie minuten niet op een toets op de deurslotaandrijving is gedrukt, wordt het menu automatisch afgesloten zonder een geheugenplaats te wissen. • Op het display verschijnt ”X”: de symbolen voor radio-ontvangst en ”Vergren- delen” knipperen. • Neem nu de ”Master”-afstandsbediening, en druk gedurende zowat een seconde op een willekeurige toets, tot de ”X” verdwijnt en de eerste geheugenplaats wordt zichtbaar. • Selecteer met de toetsen “vergrendelen” of “ontgrendelen” de geheugenplaats die moet worden gewist, bijv. “3”. Let op: Er verschijnen alleen geheugenplaatsen die reeds zijn toegewezen. Indien er geen draadloze afstandsbediening is aangemeld (lever- toestand) of alleen de ”Master”-afstandsbediening werd aangemeld, verschijnt op het display de melding ”MASTER”. Het wissen van de ”Master”-afstandsbediening (geheugenplaats ”1”) is op deze plaats niet mogelijk. Zie hiervoor hoofdstuk 14. • Druk kort op de kleine toets “set-up” op de deurslotaandrijving om de gese- lecteerde geheugenplaats te wissen. • Zodra de geheugenplaats is gewist, verschijnt “OK” op het display en wordt het menu met drie korte geluidssignalen afgesloten.
1. Bediening a) Vergrendelen Het vergrendelen is mogelijk op twee manieren: • Druk op de toets “vergrendelen” op de deurslotaandrijving (onderste toets). Op het display wordt “M” ingevoegd. • Druk ongeveer een seconde op de toets “vergrendelen” (linksboven) op de draadloze afstandsbediening. Op het display verschijnt het radiomast-symbool en de geheugenplaats van de gebruikte draadloze afstandsbediening wordt ingevoegd. Door het langer indrukken van de toets op de draadloze afstandsbe- diening worden onbedoelde vergrendelings- en ontgrendelingspro- cessen zo verregaand mogelijk vermeden (bijv. door kort indrukken van een toets tijdens het transport van de afstandsbediening in een broekzak o.a.). Dit geldt natuurlijk voor de drie toetsen van de afstandsbediening. De sluitgrendel wordt in de eerder vastgelegde afsluitstand gebracht, het symbool “vergrendeld” ( ) verschijnt. Na afsluiting van de procedure klinkt een langer geluidssignaal bij de deurslotaandrijving. Werd het slot intussen met de klink of met een sleutel van buitenaf verdraaid, dan wordt omwille van de veiligheid niet naar de geprogrammeerde stand ”Vergrendeld” gegaan, maar in de plaats daarvan gedraaid tot bij de aanslag in de richting ”Vergrendeld”.
b) Ontgrendelen Het ontgrendelen is mogelijk op twee manieren: • Druk op de toets “ontgrendelen” op de deurslotaandrijving (bovenste toets). Op het display wordt “M” ingevoegd. • Druk ongeveer een seconde op de toets “ontgrendelen” (rechtsboven) op de draadloze afstandsbediening. Op het display verschijnt het radiomast-symbool en de geheugenplaats van de gebruikte draadloze afstandsbediening wordt ingevoegd. Na het afsluiten van de procedure klinken bij de deurslotaandrijving twee korte geluidssignalen. c) Deur openen Deze functie is alleen mogelijk wanneer de voorspanning van de deurafdichtingen toereikend is om de deur een klein stukje open te duwen nadat de deurslotaandrijving de schoot heeft ingetrokken. • Druk ongeveer een seconde op de toets “deur openen” op de draadloze afstandsbediening. • Op het LC-display knippert het symbool “ontgrendelen”, de deurslotaandrijving trekt de schoot in. • Door de voorspanning van de deurafdichtingen gaat de deur een klein stukje open.
13. Noodbediening Wij raden u dringend aan een sluitcilinder met functie voor noodbediening te gebrui- ken. Hiermee kan het slot vanaf buiten en binnen onafhankelijk van elkaar worden vergrendeld en ontgrendeld. Dit is belangrijk aangezien na de montage van de deurslotaandrijving aan de binnen- zijde een sleutel in het slot steekt! Bij een gewone sluitcilinder kan van buitenaf de deur dan niet meer worden geopend. Bij een defect of bij lege batterijen kan de deur dan niet meer zonder geweld worden geopend. Om het slot te vergrendelen/ontgrendelen zijn er twee mogelijkheden: 1. Vanaf binnen met de draaiknop In rusttoestand is de deurslotaandrijving ontkoppeld, dat wil zeggen mechanisch gescheiden van de sleutel. Door te draaien aan de draaiknop van de deurslotaandrijving kan het slot worden vergrendeld of ontgrendeld en ook het openen van de deur is mogelijk. De functie van de draaiknop werkt precies hetzelfde als wanneer u een “normale” sleutel zou gebruiken. De deurslotaandrijving moet zich in de ruststand bevinden (motor beweegt niet). . Vanaf buiten met een sleutel Hiervoor is een sluitcilinder met functie voor noodbediening nodig, anders blokkeert de aan de binnenzijde ingestoken sleutel het activeren van de sluitcilinder. Het slot kan (wanneer een sluitcilinder met noodbediening wordt gebruikt) vanaf buiten worden vergrendeld of ontgrendeld resp. de deur kan met een sleutel worden geopend. De deurslotaandrijving moet zich in de ruststand bevinden (motor beweegt niet). Draai de schroeven met de inbussleutel niet te vast op de montageplaat. Anders kan de aandrijving gaan klemmen. Van buitenaf openen wordt dan bemoeilijkt.
14. Overige a) Bevestigingstoon instellen De bevestigingstoon van de deurslotaandrijving is in meerdere variaties instelbaar. Er zijn vier verschillende toonhoogtes beschikbaar evenals de optie “toon uit”. Ga als volgt te werk: • Druk kort op de kleine toets “set-up”, waarna de volgende bevestigingstoon wordt geselecteerd en ter controle wordt uitgegeven. Bij de optie “toon uit” klinkt een zeer korte toon ter bevestiging van de instelling. • Door nogmaals kort op de toets “set-up” te drukken, wordt de volgende bevestigingstoon geselecteerd, enz. b) Procedure bij het wisselen van slot Bij het wisselen van de deurslotaandrijving op een andere sluitcilinder resp. een andere deur/ deurslot moet deze opnieuw worden afgesteld op de sluitcilinder/deur/slot. De basisinstellingen dienen opnieuw te worden uitgevoerd! • Druk twee seconden op de kleine toets “set-up” om de instelmodus te activeren. • In het begin verschijnt het symbool “vergrendeld” ( ), de indicatie “1” voor de eerste setup-stap en het draaiende richtingssymbool. • Voer de instellingen uit zoals beschreven in hoofdstuk 10, “Basisinstellingen”. c) Instructies voor het omgaan met het wisselcodesysteem Als de toetsen van de draadloze afstandsbediening te vaak zijn gebruikt terwijl deze zich buiten het ontvangstbereik van de deurslotaandrijving bevond, is een nieuwe synchronisatie nodig. Dit vindt plaats wanneer de deurslotaandrijving niet reageert bij de eerste keer drukken op een toets, maar bij het nogmaals drukken op dezelfde toets.
d) De Master-afstandsbediening vervangen Bij verlies of defect van de ”Master”-afstandsbediening kan vanzelfsprekend een andere afstands- bediening als ”Master”-afstandsbediening worden aangeleerd: • Neem de deurslotaandrijving van de deur (de twee zeskantige inbusschorven losdraaien met de meegeleverde inbussleutel en van de bevestigingssokkel nemen). • Druk gedurende twee seconden op de ”Ontgrendelen”. • Op het display verschijnt ”X”: de symbolen voor radio-ontvangst en ”Ontgrendelen” knippe- ren. • Draai de klink zowat 10 omwentelingen in de richting ”Vergrendelen”. • Op het display wordt geheugenplaats ”1” weergegeven (geen keuze van een andere gheugen- plaats mogelijk!). • Druk gedurende zowat één seconde op een willekeurige toets van de nieuwe ”Master”-afstands- bediening. • Op het display verschijnt “OK”. Let op: Indien de nieuwe ”Master”-afstandsbediening al eerder op een andere geheugenplaats was aangeleerd, dan wordt deze automatisch vrijgegeven/gewist. • Voer na de montage van de aandrijving een volledig nieuwe initialisatie door van de deur- slotaandrijving, zoals beschreven in hoofdstuk 10.
15. Batterijen vervangen Verwijder of vervang lege batterijen direct om lekken van batterijen te voorkomen. Neem de instructies voor het weggooien van lege batterijen in acht, zie hoofdstuk 19, “Afvalverwijdering”. a) Draadloze afstandsbediening De batterijen moeten worden vervangen wanneer: • het draadloze bereik duidelijk afneemt • het controlelampje op de draadloze afstandsbediening knippert • geen reactie van de deurslotaandrijving volgt op de bediening per afstandsbediening De draadloze afstandsbediening werkt op een 3V lithium knoopcel van het type “CR2016”. Vervang de batterij zoals beschreven in hoofdstuk 11. b) Deurslotaandrijving • Bij het afnemen van de batterijspanning wordt op het LC-display een knipperend batterijsymbool ) weergegeven.
16. Instructies voor het bereik Het product werkt in het 868 MHz-bereik dat ook door andere radiografische diensten wordt gebruikt. Daarom kan, door apparaten die op dezelfde of een aangrenzende frequentie werken, het gebruik en bereik worden beperkt. Het in de technische gegevens vermelde bereik is het bereik in het open veld, dat wil zeggen het bereik bij zichtcontact tussen zender (draadloze afstandsbediening) en ontvanger (deurslotaan- drijving). In de praktijk bevinden zich echter muren, plafonds enz. tussen zender en ontvanger waardoor het bereik uiteraard wordt beperkt. Het bereik kan aanzienlijk worden verminderd door: • muren, plafondconstructies met gewapend beton • Beklede/beslagen ramen van isolatieglas • Voertuigen • Bomen, struiken, aarde, rotsen • Nabijheid van metalen voorwerpen (bijv. deur van metaal) • Nabijheid van mensen • Breedbandstoringen, bijv. in een woonwijk (DECT-telefoon, gsm, draadloze koptelefoon, draad- loze luidspreker, babyfoon, enz.) • Nabijheid van elektrische motoren, trafo´s, netvoedingen, computers • Nabijheid van slecht afgeschermde of vaak gebruikte computers of andere elektrische appara- tuur Aangezien de plaatselijke omstandigheden op elke montageplaats anders zijn, kan...
17. Onderhoud en reiniging Controleer regelmatig de technische veiligheid van het product, bijv. op beschadiging van de behuizing. Indien kan worden aangenomen dat gebruik zonder gevaren niet meer mogelijk is, dan moet het product buiten bedrijf worden gesteld en worden beveiligd tegen onopzettelijk gebruik. Verwijder de batterijen. Er mag worden aangenomen dat gebruik zonder gevaar niet meer mogelijk is, wanneer • het apparaat zichtbaar is beschadigd • het apparaat niet meer functioneert en • het apparaat gedurende langere tijd onder ongunstige omstandigheden is opgeslagen of • het apparaat tijdens transport te zwaar is belast. Let op: Voor u is het product onderhoudsvrij. Het product bevat geen onderdelen die u zelf dient te controleren of onderhouden. Open het product niet (met uitzondering van het in deze gebruiksaanwijzing beschreven vervangen van batterijen). Reinig het product met een schone droge doek. Voor moeilijker te verwijderen vuil kunt u de doek iets vochtig maken met lauwwarm water. Zorg dat geen vloeistof in de deurslotaandrijving of draadloze afstandsbediening terecht komt; hierdoor raken de apparaten defect. Gebruik geen chemische reinigingsmiddelen; hierdoor kan de kunststof behuizing worden aangetast (verkleuring).
18. Gebruik Neem alle veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing in acht! Het product mag niet worden geopend of gedemonteerd (alleen voor het vervangen van batterijen, zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing). In het product bevinden zich geen onderdelen die door de gebruiker kunnen worden onderhouden. Bovendien vervalt door het openen/demonteren de goedkeuring (CE) en de garantie. Door het vallen van slechts geringe hoogte raakt het product beschadigd. Vermijd de volgende ongunstige omstandigheden bij het gebruik: - vocht of een te hoge luchtvochtigheid - extreme kou of hitte - direct zonlicht - stof of brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen - sterke trillingen - sterke magnetische velden, bijv. in de buurt van machines of luidsprekers Gebruik het product nooit direct wanneer het van een koude in een warme ruimte is gebracht. Het condenswater dat wordt gevormd, kan onder bepaalde omstandigheden het apparaat be- schadigen. Wacht tot het product op kamertemperatuur is gekomen. Dit kan een paar uur duren. Let op! De deurslotaandrijving bevindt zich door de montageplaats binnen het bereik van kin- deren. Daarom is het zinvol (afhankelijk van de leeftijd) de kinderen leren het systeem te bedienen. Dit geldt uiteraard ook voor alle andere mensen die in het huis wonen. Met name in geval van nood (bijv. brand) moet men er zeker van zijn dat alle in de woning aanwezige personen het pand onmiddellijk kunnen verlaten! Bij een vergrendelde deur kan de opening zowel door te drukken op de bovenste toets als via de draaiknop plaatsvinden. De draadloze afstandsbediening mag op grond van het gevaar van inslikken van kleine onderdelen (knoopcel) niet aan kinderen worden gegeven.
19. Afvalverwijdering a) Algemeen Als het product niet meer werkt, moet u het volgens de geldende wettelijke bepalingen voor afvalverwerking inleveren. b) Verwijderen van batterijen/accu´s U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle lege batterijen en accu’s in te leveren; verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan! Op batterijen/accu´s die schadelijke stoffen bevatten, vindt u de hiernaast vermelde symbolen. Deze mogen niet via het huisvuil worden verwijderd. De aanduidingen voor zware metalen zijn: Cd=cadmium, Hg=kwik, Pb=lood (aanduiding staat op de batterij/accu bijv. onder de hiernaast afgebeelde containersymbolen). Lege batterijen en niet meer oplaadbare accu´s kunt u gratis inleveren bij de verza- melplaatsen van uw gemeente, onze filialen of andere verkooppunten van batterijen en accu´s. Zo voldoet u aan de wettelijke verplichtingen voor afvalscheiding en draagt u bij aan de bescher- ming van het milieu!
1. Verklaring van conformiteit (DOC) Hierbij verklaren wij, ABUS KG, dat dit product in overeenstemming is met de fundamentele eisen en andere relevante voorschriften van de richtlijn 1999/5/EG. De bij dit product behorende Verklaring van conformiteit kunt u vinden op www.abus.de...