Normale tekstinvoer
☛
Als het tekstinvoerscherm is weergegeven, druk dan op Softkey 1 totdat de invoermodus voor normale tekst (ABC) verschijnt.
☛
Gebruik de cijfertoetsen om letters in te voeren. Bijvoorbeeld: om een "e" in te voeren drukt u tweemaal op 3; en om een "f" in te voeren, drukt
u driemaal op 3. Voor de overige functies zie de tabel rechts.
Toets
Functie
Om te wisselen tussen kleine letters, shift (één hoofdletter) en caps lock (allemaal
hoofdletters).
0
Om een spatie in te voegen.
CLR
Om een bepaalde letter te wissen.
Om de cursor te plaatsen.
of
Om symboolfunctie te activeren.
Numerieke invoer
☛
Wanneer het tekstinvoerscherm is weergegeven, druk dan op Softkey 1 totdat de invoermodus de numerieke invoer weergeeft.
Toewijzing van de toetsen
Als u tekst wilt invoeren (voor het opstellen van SMS-berichten, het opslaan van namen met bijbehorende nummers, etc.), dan kunt verschillende
karakters invoeren door herhaaldelijk op een bepaalde cijfertoets te drukken. Door te drukken op
hoofdletter) en Caps Lock (allemaal hoofdletters). In het tekstinvoerscherm kunt u drukken op Softkey 1 om te kiezen voor normale tekstinvoer (ABC),
®
T9
Tekstinvoer of numerieke invoer (123).
•
Normale tekstinvoer (ABC)
•
®
T9
tekstinvoer
•
Numerieke invoer
•
Symboolmodus
In de symboolmodus staat elke toets voor een symbool, al naar gelang de kandidatapagina. Als u op de
de symboolmodus aan. Gebruik de toetsen
28
en
om de kandidaatpagina's te selecteren en druk dan op het cijfer van het gewenste symbool.
wisselt u tussen kleine letters, Shift (één
drukt in een tekstinvoermodus, dan gaat
O
Als u zich heeft vergist, gebruik dan de
toetsen
en
om de cursor
rechts van de onjuiste karakters te
plaatsen en druk dan op CLR .
O
Als u normale tekst (ABC) invoert en
het gewenste karakter wordt
weergegeven, druk dan op de toets
om naar de positie van het volgende
karakter te gaan (als u langer dan 1
seconde wacht, dan zal de cursor
automatisch één karakter naar rechts
opschuiven).