1. Veiligheidsvoorschriften
Dit hoofdstuk geeft algemene richtlijnen voor een goede
omgang met het meetinstrument.
Verwondingen en schade vermijden
® Niet aan of in de buurt van spanningsvoerende delen
meten.
® Het apparaat en voelers nooit samen met
oplosmiddelen opslaan, geen droogmiddelen
gebruiken.
Productveiligheid/aansprakelijkheid
® Het meetinstrument alleen gebruiken binnen de onder
Technische gegevens voorgeschreven parameters.
® Het meetinstrument alleen vakkundig en volgens de
voorschriften gebruiken. Geen geweld gebruiken.
® De handgreep en kabels niet aan temperaturen boven
70ºC blootstellen, wanneer deze niet uitdrukkelijk voor
hogere temperaturen geschikt zijn bevonden.
Temperatuurindicaties op de voelers betreffen alleen
het meetbereik van de sensor.
® Het meetinstrument alleen openen wanneer dat voor
het onderhoud uitdrukkelijk in de documentatie
beschreven is. Alleen die onderhouds werkzaamheden
uitvoeren die in de documentatie beschreven staan.
Daarbij de voorgeschreven handelingen uitvoeren. Uit
veiligheids overwegingen alleen originele testo-
onderdelen gebruiken.
Milieuvoorschriften
® Het apparaat aan het einde van zijn nuttige leven
inleveren bij de daartoe bestemde verzamelplaatsen of
retourneren aan testo. Wij dragen dan zorg voor een
milieuvriendelijke verwerking.
2
® Defecte accu's/lege batterijen op de
daarvoor bestemde inzamelplaatsen
inleveren.
® testo meters bevatten geen schadelijke
stoffen conform de RoHs richtlijn.
1. veiligheidsvoorschriften