Inhoud Inhoud Uitpakken van de cv-ketel ..... . . 21 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen ..4 Posities leidingen en rookgasafvoerbuis-opening .
Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen Algemene veiligheidsinstructies Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaan- Deze installatiehandleiding is bedoeld voor elektroin- wijzingen stallateurs, loodgieters en verwarmingsinstallateurs. ▶ Lees installatiehandleidingen (voor cv-ketel, ver- Verklaring van de gebruikte symbolen warmingsregelingen, etc.) zorgvuldig voor aanvang Waarschuwingen van de installatiewerkzaamheden.
Voorschriften Installatie, inbedrijfstelling en onderhoud Overdracht aan de gebruiker De installatie, de inbedrijfstelling en het onderhoud Instrueer bij overdracht de gebruiker voor wat betreft mogen alleen door een erkend installateur worden uit- de bediening van de cv-installatie en informeer de ge- gevoerd.
Toestelinformatie Kwaliteit van het cv-water Rookgassystemen type C Gebruik drinkwater voor het vullen en bijvullen van de cv-installatie. Type C rookgassystemen halen de verbrandingslucht van buiten het ge- bouw. Rookgas verlaat het toestel via het rookgasafvoersysteem naar De waterkwaliteit vormt een belangrijke factor voor het buiten.
Neem goed nota van de informatie op het typeplaatje en de technische ge- maximum vermogen gevens, om de voorgeschreven toepassing van dit toestel te garanderen. Max. toelaatbare werkdruk Bosch levert rookgasafvoersystemen die geschikt zijn voor gebruik in van het systeem combinatie met deze cv-ketel. Het toestel is ook geschikt voor gebruik Debietbegrenzer...
De volgende productspecificaties voldoen aan de vereisten van de EU-verordening nr. 811/2013 en nr. 812/2013 bij richtlijn 2010/30/EU. Productkenmerken Symbool Eenheid 7731600221 7731600222 Producttype – – Olio Condens 2500FT 25 kW Olio Condens 2500FT 32 kW Condensatietoestel – – Lage temperatuur cv-ketel – – B1 cv-ketel –...
Pre-installatie Het schema toont niet het bovenste, voorste of rechter zijpaneel. De volgende pre-installatie secties moeten worden gele- Legenda: zen en er moet aan alle eisen worden voldaan voordat het cv-toestel of rookgasinstallatie in bedrijf kan worden ge- MONTAGE BESTURINGSBOX nomen.
Pre-installatie Netvoeding 4.2.1 Elektrische voeding • Voedingsspanning: 230 V - 50 Hz • Kabel: PVC geïsoleerd 0,75 mm2 (24 x 0,2 mm) geschikt voor 90 °C. • Externe zekering van 5A. • Het toestel moet geaard zijn. • Dit toestel mag niet op een driefasenvoeding worden aangesloten. •...
Pre-installatie Olieaansluiting Oliepomp layout Een dubbele buis wordt gebruik voor de brandstofaansluiting op de brander. Uitvoeren van een enkele buisverbinding is mogelijk. Er moet een oliefilter worden gemonteerd op de olie-in- laat van het toestel. OPMERKING: Schade aan interne componenten ▶...
Pre-installatie Olietoevoersysteem ▶ Voor de systemen van afbeelding 7 en afbeelding 8, start de brander en wacht totdat de pomp gevuld is. Als er een blokkering optreedt voorafgaand aan het vullen van de pomp, wacht dan ten minste 20 seconden voordat u de bewerking herhaalt.
Pre-installatie Watersystemen en leidingen Het vullen van primaire gesloten systemen Vullen van het systeem De ketel mag niet werken met een retourtemperatuur la- ger dan 30 °C wanneer het systeem op bedrijfstempera- ▶ Het systeem mag niet worden gevuld met onthard tuur is.
Pre-installatie Kunststof leidingwerk Condensaatafvoer Bij aansluiten van de condensaatafvoer op het riool, is het van belang dat: • Eventuele kunststof leidingen voor het warmwatersysteem moeten zijn voorzien van een polymeer barrière en (minimaal) 1000 mm lange ko- • Een afschot naar de afvoer wordt aangehouden (52 mm minimale af- peren of roestvrij stalen leidingen aangesloten op het cv-toestel.
Pre-installatie Locaties cv-toestel en vrije ruimtes Aansluiting op verbrandingslucht- en rookgassystemen 4.8.1 Locatie cv-toestel • Houd altijd de laatste versie van de geldende plaatselijke voorschrif- ten en regelgeving aan. GEVAAR: Levensgevaar • Raadpleeg ook de documentatie die wordt meegeleverd met het Opslag van explosieve en brandbare materialen.
Pre-installatie 4.10 Benodigde ruimte voor cv-ketel Benodigde ruimte voor onderhoud afbeelding 15 toont de benodigde ruimte voor onderhoud. Benodigde ruimte voor installatie * Als deze ruimte minder is dan 75 mm, verwijder dan de 'knock out' pa- afbeelding 13 toont de minimale ruimte die wordt aanbevolen voor in- nelen van de rookgasafvoerbuis om de ventilatie van gedeeltelijk inge- stallatie van de cv-ketel.
Pre-installatie 4.11 Rookgasafvoerbuis-opties 4.11.1 Gesloten rookgasafvoerbuizen C13, C33 en C93 VOORZICHTIG: Niet toegankelijke 130mm rookgasafvoersystemen: ▶ Wanneer een rookgasafvoersysteem niet toeganke- lijk is, moeten voorzieningen worden getroffen voor onderhoud en inspectie. ▶ Ruimten met verborgen rookgasafvoerbuizen moe- ten ten minste een inspectieluik hebben van mini- maal 300 mm in het vierkant.
Installatie Installatie Uitpakken van de cv-ketel Voorzorgsmaatregelen bij tillen en dragen: ▶ Til uitsluitend een hanteerbaar gewicht, of vraag om hulp. ▶ Buig bij het tillen of neerzetten van dingen de knieën en houd de rug recht en de voeten iets uit elkaar. ▶...
Installatie Installatie cv-ketel Installatie rookgasafvoerbuis De rookgasafvoerbuis kan alleen aan de achterkant van de cv-ketel wor- 5.3.1 Toegang tot interne onderdelen den geplaatst. ▶ De boven- en voorpanelen zijn verwijderd tijdens het uitpakken waar- De rookgasafvoer aan de achterkant van de cv-ketel maakt het mogelijk door toegang tot interne onderdelen mogelijk is.
Installatie Controle verbrandingskamer en secundaire warmte- Leidingaansluitingen wisselaarkeerplaten VOORZICHTIG: Sluit de olie- en watertoevoer af voor- 5.5.1 Controle warmtewisselaarplaten en keerplaatborgingen dat u met de werkzaamheden begint en houd alle rele- ▶ Verwijder het deksel van het rookgasafvoerverdeelstuk [1]. vante veiligheidsmaatregelen aan. ▶...
Installatie Brandklep Controleer waar nodig of de olietoevoerleiding is voorzien van een brandklep die buiten het gebouw is geplaatst en een brandklepsensor die in de behuizing van het toestel is gemonteerd. Op de steunbalk tussen de zijpanelen is een sensorclip voor de brand- klep [1]aangebracht.
Installatie Oliebrander en -pomp Monteer de brander weer VOORZICHTIG: TOEVOER GEVAAR: Rookgaslek ▶ Sluit de olie- en watertoevoer af voordat u met de De afdichting tussen de brander en de montageflens werkzaamheden begint en houd alle relevante veilig- moet een gasdichte afdichting vormen om het ontsnap- heidsmaatregelen aan.
Installatie Elektrisch GEVAAR: 230 Volt Scheid de installatie voor aanvang van de werkzaamhe- den van het elektriciteitsnet en houd alle relevante vei- ligheidsmaatregelen aan. OPMERKING: Neem de voorzorgsmaatregelen voor elektrostatische ontlading in acht ▶ Raak de printplaten niet aan. • De cv-ketel is uitgerust met een netvoedingskabel. •...
Installatie Laagspanningsaansluitingen 5.9.2 Montage optioneel plug-in bedieningselementen Het bedieningspaneel moet volledig naar voren worden getrokken om toegang te krijgen tot de plaat van de bovenklep (zie pagina 21 voor toe- gang tot het bedieningspaneel). Verwijderen van de blindplaat ▶ Maak de drie geborgde schroeven [1] los en verwijder het toegangs- deksel [2].
Installatie 5.9.3 Externe bedieningselementen - Huishoudelijke installaties Vorstbeveiliging ▶ Sluit de vorstbeveiligingsthermostaatkabels aan op de klemmen FS Voorbeelden van externe bedieningselementen en FR. – Deze aansluitingen zijn niet gevoelig voor polariteit. – De interne vorstbeveiliging zal indien nodig de brander activeren. Afb.
Installatie 5.11 Weersafhankelijk De optimale positie van de sensor voor de weersafhankelijke regeling wordt aangegeven door een zwart vinkje. Het toestel bepaalt de CV-aanvoertemperatuur op basis van de buiten- temperatuur wanneer een buitensensor is aangesloten op de besturings- printplaat en de weersafhankelijke regeling actief is. Deze regeling is ontworpen voor gebruik met een systeem met ther- mostatische radiatorkranen en een kamerthermostaat.
Inbedrijfstelling De stookcurve aanpassen Inbedrijfstelling ▶ De curve van de weersafhankelijke regeling kan worden aangepast via het tekstdisplay door de aanvoertemperatuur in te stellen op -10 °C Controles voorafgaand aan de inbedrijfstelling van (punt A), Menu 1 W2 (pA) en 20 °C (punt B), W3 (pB), waardoor de hel- het toestel ling en de curve kunnen worden aangepast aan de installatie.
Inbedrijfstelling Vullen van het systeem ▶ Ontlucht de pomp met behulp van de ontluchtingsschroef[3]. ▶ Sluit een geschikte slang [4] aan op de tankafvoer van het toestel. OPMERKING: Schade aan het systeem als gevolg van Open de aftapkraan om het systeem op de juiste druk te brengen en het binnendringen van lucht.
Inbedrijfstelling 6.3.1 Opvullen van de oliepomp Trechtersystemen met enkele buis: ▶ Verwijder de flexibele olieslang en open de isolatieklep om de olie in een geschikte container af te voeren. ▶ Als er een tank met een hoge opening wordt gebruikt, moeten de lei- dingen worden opgevuld voordat de olie door middel van zwaarte- kracht zal worden afgevoerd.
Inbedrijfstelling 6.3.3 Verbrandingscontroles Stroomvoorziening De brander is voorzien van een olievoorverwarmer, dus er zal een vertraging van één tot twee minuten zijn voor- Toestel warmtevraag dat de brander start. Deze status wordt aangegeven Voorverwarming door een knippersequentie op de brandersturing; een Inschakelen thermostaat voor opstarten na voorverwarmen groene flits van 0,5 seconde gevolgd door een pauze van Ventilatormotor...
Inbedrijfstelling Werkingscontrole vlambeveiliging via fotocel 6.3.5 Vergrendeling cv-toestel ▶ Verwijder de fotocel van de brander Wanneer de brander niet in staat is een normaal brandpatroon te realiseren of er treedt vlamdoving op, zal de vlambewakingsfotocel in het branderhuis ▶ Startpoging met vlambeveiliging blootgesteld aan omgevingslicht de branderregeling het signaal geven de brander af te sluiten en over te [1] om “Valse vlam gedetecteerd”...
Inbedrijfstelling 6.3.6 Rooktest 6.3.8 Toestel aan/uit schakelen 1. Start het toestel en laat deze 20 minuten werken. ▶ Schakel de voedingsspanning in en het “opstartscherm van de cv-ketel” zal worden weergegeven (zie afbeelding 57:) 2. Controleer of de oliedruk is ingesteld volgens tabel 18 op pagina 35 ▶...
Pagina 37
Inbedrijfstelling Displayweergave Statuscode Alle mogelijke schermsymbolen worden kort weergegeven bij het opstar- Tijdens normaal bedrijf kunnen diverse statuscodes worden weergege- ten. Dankzij de uitgebreide diagnostische functies zijn de symbolen met ven door op de serviceknop te drukken. grijze achtergrond overbodig geworden voor de werking van dit toestel. Het eerste scherm van het informatiemenu toont de huidige statuscode, dit zal veranderen naarmate de cv-ketel door de diverse modi en sequen- ties loopt.
Pagina 38
Inbedrijfstelling 2. Scrol omhoog en omlaag door de menu's met de pijltoetsen Menu 2 parameter 2,7A Vraag/storing 0 = De blauwe lamp fungeert als een knip- indicator perende storingswaarschuwing. (blauw lampje) 1 = De blauwe lamp fungeert als een cv- activering vraag en storingswaarschuwing.
Inbedrijfstelling 6.3.10 Voltooien van de controles voorafgaand aan de inbedrijfs- Waterbehandeling stelling van de cv-ketel OPMERKING: ▶ Controleer de CO -niveaus, zie tabel 18, en stel de luchtklep in [6]. ▶ Gebruik geen onthard water voor het vullen van het ▶...
▶ Laat de klant zien hoe het toestel veilig kan worden losgekoppeld. ▶ Vertel de klant waar ze informatie kunnen vinden op de Bosch Group- website. ▶ Vertel de klant dat de variërende buitentemperaturen invloed heb- 6720820042-45.1Wo...
Inbedrijfstelling Checklist inbedrijfstelling ▶ Vul na de inbedrijfstelling dit formulier in om de uitgevoerde werk- zaamheden te bevestigen; voer de waarden in, plaats een handteke- ning en vul de datum in. Inbedrijfstelling Pagina Eenheid Waarden Opmerking CV-installatie vullen en op dichtheid controleren Vastleggen olietype ...
Onderhoud en Reserve-onderdelen Brandklep Onderhoud en Reserve-onderdelen Controleer waar nodig of de olietoevoerleiding is voorzien van een brandklep die buiten het gebouw is geplaatst en een brandklepsensor Inspectie en onderhoud die in de behuizing van het toestel is gemonteerd. Op de steunbalk tussen de zijpanelen is een sensorclip voor de brand- GEVAAR: Elektrische schokken klep [1]aangebracht.
Onderhoud en Reserve-onderdelen 7.1.3 Toegang tot de brander 7.2.2 Reinig het rookgasafvoerbuisverdeelstuk ▶ Maak de branderstekker los van de besturingsbox[1]. Raadpleeg figuur 74 ▶ Draai het expansievat [2] op de steunbeugel uit de cv-ketel en zorg ▶ Verwijder de keerplaatborgingen [1] en keerplaten [2] van de secun- ervoor dat u geen elektrische kabels raakt of de flexibele slang knikt.
Onderhoud en Reserve-onderdelen 7.2.3 Verbrandingskamer 7.2.4 Condensaatsysteem Raadpleeg figuur 76 Controleer de afvoerleiding op lekkage of schade. ▶ Verwijder de borgmoeren en ringen [3]. De condenssifon [4] moet worden verwijderd en gereinigd. ▶ Verwijder het deksel van de verbrandingskamer/keerplaat [1]. ▶...
Onderhoud en Reserve-onderdelen 7.2.5 Brander reinigen Zie onderstaande afbeelding 80. ▶ Trek de fotocel [2] uit de behuizing, veeg deze schoon en plaats deze OPMERKING: Risico voor olielekkage! weer in de behuizing. Mogelijkheid voor lekkage vanwege veroudering van de Zorg ervoor dat de fotocel is uitgelijnd met het kijkgat. olietoevoerleidingen.
Pagina 46
Onderhoud en Reserve-onderdelen ▶ De interne filter is bereikbaar door de vier inbusschroeven [3] en het Stel de brander weer in bedrijf deksel van de oliepomp [1] te verwijderen. Verbrandingsinstellingen ▶ Zie tabel 22, pagina 47. ▶ Plaats een passende manometer op de ontluchtings- en drukpoort [1] van de oliepomp.
Onderhoud en Reserve-onderdelen Voor de overdracht Overdracht na service ▶ Zorg ervoor dat de flexibele olieleidingen correct zijn geïnstalleerd ▶ Noteer de datum van de eventuele waterbehandeling. om schade en beknelling te voorkomen. ▶ Zet de instellingen terug zoals gewenst door de gebruiker. ▶...
Storingsdiagnose Informatiemenu Storingsdiagnose Informatiemenu selecteren Status oorzaakcodes Het informatiemenu is een “alleen lezen” menu. Informatie over de ketel wordt hier weergegeven, sommige waarden worden real-time bijge- Deze oorzaakcodes worden weergegeven tijdens normaal bedrijf van de werkt en geven de actuele status van de cv-ketel weer. cv-ketel.
Pagina 49
Storingsdiagnose Informatiemenu lijst i1 Huidige status Elk bedrijf en modus van de cv-ketel heeft een ge- relateerde cv-ketelstatuscode. De cv-ketelstatuscode wordt weergegeven op het scherm als getal van drie posities. i2 Laatste storing Dit kan worden bekeken tijdens normaal bedrijf. Toont de laatste diagnose code met cv-ketelsta- tuscode.
Storingsdiagnose Servicemenu Selecteren van servicemenu's 1. Houd de knoppen 1 seconde ingedrukt en Menu 1 ver- schijnt op het display. – Dubbele omhoog of omlaag pijlen geven aan dat alleen omhoog/ omlaag scrollen mogelijk is en de omhoog en omlaag pijl geven de posities in het menu aan vanaf waar omhoog of omlaag kan wor- den gescrold.
Storingsdiagnose Fabrieksinstellingen terugzetten en storingscodes 8.4.1 Fabrieksinstellingen terugzetten Voor het resetten van één of alle wijzigingen die zijn gemaakt in menu 2 naar de fabrieksinstelling: Eventuele wijzigingen die zijn uitgevoerd in menu 1 wor- den niet gereset via deze acties. Afb.
Storingsdiagnose 8.4.2 Vergrendel- of blokkeertoestand Mocht er een storing optreden in dit cv-toestel (of het systeem), dan zal het cv-toestel in vergrendel- of blokkeertoestand gaan. Vergrendeltoestand • Op het cv-toestel knippert een waarschuwingsdriehoek. • Er knippert een A 3-cijferigeoorzaakcode op het display tijdens een vergrendeling.
Pagina 53
Storingsdiagnose Oorzaak- Storings- Beschrijving Reset- Blokke- Vergren- Mogelijke oorzaak/oplossing code code type ring deling Toestel uitgeschakeld met Reset Als de vergrendeling nog steeds aanwezig is na in- en uitschakelen, vergrendeling drukt u op de reset-knop om de storing te wissen. Temperatuurverschil tussen De temperatuur van de primaire aanvoer en de veiligheidssensor op de flow- en veiligheidssensoren...
Storingsdiagnose Branderdiagnosemodus Alleen voor servicemonteurs/installateurs. Om toegang te krijgen tot de diagnoseapparatuur van de brander of om de branderresetknop te gebruiken om de brander te resetten, moet de diagno- semodus van de brander als volgt worden geactiveerd: Brander VERGRENDELING Blauw lampje knippert en Houd de servicemodusknop De vergrendeling van de be- 9F 855 oorzaakcode wordt...
Storingsdiagnose Riello digitale besturingsbox Type storing (Brander in stand-by) 8.6.1 LED codes besturingsbox Groen 0,5 s AAN/ Normaal bedrijf RED 0,5 s AAN Vergrendeling na 25 s Extern licht Oranje 0,5 s AAN/ Oranje 0,5 s UIT Voorbeluchtingstijd Rood 0,5 s AAN/ Voorverwarmtijd olie overschreden.
Storingsdiagnose 8.6.2 Storing zoeken Regel Controleer Actie Besturingsbox met warmtevraag? Ga naar regel 2 Controleer de cv-ketel en systeembesturing. Bereikt de voorverwarmer de bedrijfstemperatuur? Ga naar regel 3 Vervang de voorverwarmer Start de motor nadat de voorverwarmer de ingestelde temperatuur Ga naar regel 4 heeft bereikt? Ga naar regel 3a...
Storingsdiagnose Regel Controleer Actie Gaat de brander aan? Ga naar regel 11 Ga naar regel 10a 10 a Verstuift de sproeier de brandstof? Ga naar regel 11 Ga naar regel 10b Sproeier nieuw? Ga naar 10c Vervang sproeier Controleer olieleiding van pomp naar sproeier Vervang/Deblokkeer leiding en reinig/vervang pomp en filters Verbrandingskop correct ingesteld? Ga naar 11a...
Storingsdiagnose Aansluitingen luchtdrukschakelaar OPMERKING: Druksensorbuizen luchtdrukschakelaar ▶ Zorg ervoor dat de druksensorbuizen niet geknikt °C zijn of vastzitten tijdens werkzaamheden aan de °F cv-ketel. ▶ Geknikte of vastzittende buizen zorgen er mogelijk voor dat de luchtschakelaar niet correct functioneert Aansluitingen druksensorbuizen luchtdrukschake- laar: ▶...
Storingsdiagnose 8.10 Basis storing zoeken Als de cv-ketel niet naar behoren werkt, moet de installateur, voor- dat hij een servicemonteur oproept, het volgende controleren: Algemene controles 1. Staat er 230 V op de live en neutrale klemmen van de cv-ketel? 2.
Onderhoudsintervaldocument Controleer voordat u het onderhoudsintervaldocument invult of u het Onderhoudsintervaldocument onderhoud hebt uitgevoerd zoals in deze handleiding wordt beschreven. We raden u aan om uw toestel jaarlijks te laten onderhouden en het on- Gebruik altijd de aanbevolen reserve-onderdelen van de fabrikant derhoudsintervaldocument in te vullen en te ondertekenen.