JET DEFROST MENU (MENU SNEL ONTDOOIEN)
VOEDSELTYPE
p 1
Gehakt
p 2
Gevogelte
p 3
Vis
p 4
Groenten
p 5
Brood
Tips en suggesties:
• Schik het dikkere voedsel met de hoogste dichtheid op het midden van de plaat en het dunnere voedsel met een
lagere densiteit aan de buitenkant van de plaat. Leg dunne plakjes vlees boven op elkaar of laat ze overlappen.
• Voor de beste resultaten raden wij u aan direct op het glazen draaiplateau te ontdooien. Indien nodig is het mo-
gelijk een houder in licht plastic, geschikt voor de magnetron, te gebruiken.
• Verwijder het ontdooideel tijdens het ontdooien.
• Voor voedsel dat niet in deze tabel is vermeld en als het gewicht lager of hoger is dan het aanbevolen gewicht,
moet u de handmatige functie met een lager magnetronvermogen kiezen (bijv. magnetron 160W).
• Als het voedsel warmer is dan diepvriestemperatuur (-18°C), kiest u een lager gewicht van het voedsel.
• Als het voedsel kouder is dan diepvriestemperatuur (-18°C), kiest u een hoger gewicht van het voedsel.
• Door de voedselvariabiliteit is de bereidingsduur ingesteld op een gemiddelde vorm. Wij raden altijd aan de gaar-
heid binnenin van het voedsel te controleren en indien nodig de bereidingstijd verlengen voor een goede gaarheid.
• Gekookt voedsel, stoofschotels en vleessauzen ontdooien beter als u ze tijdens het ontdooien doorroert.
• Scheid de stukken van elkaar als ze beginnen te ontdooien. Afzonderlijke plakken ontdooien sneller.
14
Met deze functie kunt u snel voedsel automatisch ontdooien.
Gebruik deze functie voor het ontdooien van vlees, gevogelte, vis, groenten
en brood.
Druk herhaaldelijk op de toets Jet Defrost (Snel Ontdooien) om het
q
voedseltype in te stellen (zie onderstaande tabel).
Druk op de toets Plus / Min om het voedselgewicht in te stellen.
w
Druk op de toets Jet Start. De ontdooicyclus start. De duur van de functie
e
wordt automatisch berekend aan de hand van het geselecteerde voedsel
en gewicht.
Opmerking: na een bepaalde tijd kan de vraag verschijnen op het display om het
voedsel om te draaien of te roeren om ze beter te laten ontdooien. Raadpleeg
het hoofdstuk "Voedsel roeren / omdraaien" op pagina 10.
GEWICHT
Gehakt, koteletten, steaks of gebraad.
100 g - 2000 g
Laat het voedsel na de bereiding minstens 5 minuten rusten
voor betere resultaten.
Volledige kip, stukken of filets.
100 g - 2500 g
Laat het voedsel na de bereiding minstens 5-10 minuten
rusten voor betere resultaten.
Volledig, steaks of filets.
100 g - 1500 g
Laat het voedsel na de bereiding minstens 5 minuten rusten
voor betere resultaten.
Groter, middelgroot en klein gesneden groenten.
100 g - 1500 g
Laat het voedsel na de bereiding minstens 3-5 minuten
rusten voor betere resultaten.
Bevroren broodjes, baguettes en croissants.
100 g - 550 g
Laat het voedsel na de bereiding minstens 5 minuten rusten
voor betere resultaten.
NL
AANBEVOLEN GEBRUIK