Schakelen tussen aan/uit- en uit-stand
Schakelen tussen aan/uit- en uit-stand
Waarschuwing!
Als het gebruik van een mobiele telefoon niet is toegestaan of
tot storing of gevaarlijke situaties kan leiden, moet u de
autotelefoon in de uit-stand zetten. De autotelefoon is dan
uitgeschakeld, ook als het contactslot van de auto is
ingeschakeld.
De autotelefoon inschakelen
U schakelt de autotelefoon in door de contactsleutel om te
draaien. De autotelefoon is aangesloten op het contactslot, dus
zodra het contactslot is ingeschakeld, wordt ook de telefoon
automatisch ingeschakeld. Afhankelijk van de SIM-kaart die
werd gebruikt bij het laatste gebruik van de autotelefoon, ziet u
verschillende vragen:
Eerste gebruik, er is nog geen SIM-kaart toegewezen aan het
actieve gebruikersprofiel
Als u nog geen SIM-kaart hebt toegewezen aan de autotelefoon
of het actieve gebruikersprofiel, wordt u gevraagd om de
gewenste taal te selecteren voor de autotelefoon voor het
actieve gebruikersprofiel. Hierna kunt u kiezen of u het actieve
gebruikersprofiel wilt gebruiken in combinatie met de auto-
SIM-kaart of een externe SIM-kaart, dat wil zeggen de SIM-
kaart die is geïnstalleerd in een compatibele mobiele telefoon.
20
©
Copyright
2004 Nokia. All rights reserved.
Een externe SIM-kaart gebruiken
p
De autotelefoon begint automatisch te zoeken naar een
compatibele mobiele telefoon die draadloze Bluetooth-
technologie en het Bluetooth SIM-toegangsprofiel
ondersteunt. Selecteer het gewenste apparaat in de lijst met
gevonden apparaten en paar dit aan de autotelefoon met
een wachtwoord voor het Bluetooth SIM-toegangsprofiel.
Zie Paren met een Bluetooth-wachtwoord op pagina 49
voor meer informatie.
Als u om een PIN-code wordt gevraagd, geeft u de PIN-code
van de externe SIM-kaart op die is geïnstalleerd in de
compatibele mobiele telefoon. De pincode wordt op het
display weergegeven als een reeks asterisken: ****. Druk op
om te bevestigen. U wordt vervolgens gevraagd of u de
PIN-code wilt opslaan zodat deze in het vervolg
automatisch wordt geautoriseerd.
Zodra de apparaten aan elkaar zijn gepaard en de PIN-code
is opgegeven, wordt gebruikersprofiel 1 toegewezen aan de
externe SIM-kaart van de compatibele mobiele telefoon die
u hebt geselecteerd. Hierna wordt u gevraagd of u de lijst
met contactpersonen die is opgeslagen op de externe SIM-
kaart en in de compatibele mobiele telefoon wilt kopiëren
naar het geheugen van de autotelefoon. Hierna heeft de
autotelefoon toegang tot de SIM-kaart die is geïnstalleerd
in de compatibele mobiele telefoon zodat de autotelefoon
kan worden aangemeld bij het GSM-radionetwerk.