Camera richten/bewegen/vasthouden
Ga als volgt tewerk als u het VSP-inspectiesysteem in
combinatie met de schuifkabelhaspel VSP-R30 en de
camerakop VSP-H41M wilt gebruiken:
1. Verbind eerst de bedieningseenheid VSP-Control en de
schuifkabelhaspel VSP-R30 met de multistekker.
2. De bedieningseenheid VSP-Control inschakelen.
ð De LED's van de camerakop VSP-H41M gaan branden.
3. Op het display (19) van de bedieningseenheid VSP-Control
is de actuele beeldoverdracht van de camerakop te zien.
4. De camerakop voorzichtig in de richting van het te
controleren object tillen.
5. De benodigde hoeveelheid schuifkabel afrollen van de
schuifkabelhaspel .
ð Op het display (19) van de bedieningseenheid
VSP-Control of aan de achterzijde van de
schuifkabelhaspel via de digitale
schuifkabelmeterteller (4) de actuele lengte van de
uitgerolde schuifkabel aflezen.
6. Blokkeer indien nodig het verder afrollen van de
spiraalkabel tijdens het gebruik van het apparaat met de
rem (6) van de schuifkabelhaspel.
7. Bestuur de camerakop VSP-H41M met de
pijltoetsen (36 - 39) op de bedieningseenheid VSP-Control.
8. Met de helderheid-toetsen (32, 33) kunt u de helderheid
van de LED's van de camerakop VSP-H41M regelen.
ð Door het meerdere keren drukken op de helderheid-
toets min (32) kunnen de LED's van de camerakop
geheel worden uitgeschakeld.
ð Door het meerdere keren drukken op de
helderheid-toets plus (33) kunnen de LED's van de
camerakop weer worden ingeschakeld.
9. Met de focus-toetsen kan worden scherpgesteld op het te
onderzoeken object op de betreffende afstand.
ð Druk op de focus-toets dichtbij (34) voor het
scherpstellen van objecten dichtbij.
ð Druk op de focus-toets veraf (35) voor het scherpstellen
van objecten veraf.
Meterteller gebruiken
De meterteller van het VSP-inspectiesysteem VSP3041 kan het
aantal meters van de schuifkabel vanaf de positie 0,0
weergeven, d.w.z. het aantal meters wordt direct vanaf het
inschakelen van de aangesloten bedieningseenheid VSP-Control
gemeten. Bij het normale nulpunt maakt het niet uit of de
schuifkabel al enkele meters is afgerold, de meterteller start na
het inschakelen altijd met tellen vanaf 0,0. Naast het normale
nulpunt kan het VSP-inspectiesysteem VSP3041 vanaf een vrij
selecteerbaar lokaal nulpunt het aantal meters van de afgerolde
schuifkabel meten als het apparaat al is ingeschakeld. Ga als
volgt te werk voor het gebruik van de meterteller:
NL
1. De schuifkabel (2) afrollen en de aangesloten
bedieningseenheid VSP-Control inschakelen, zodra de
meterteller moet gaan meten vanaf het normale nulpunt.
ð De meterteller meet het uitrollen van de schuifkabel en
toont het aantal meters zowel op het display (19) van de
bedieningseenheid VSP-Control, als op de digitale
meterteller (4) van de schuifkabelhaspel VSP-R30.
2. Om daarnaast een deeltraject te meten vanaf een vrij
selecteerbaar lokaal nulpunt, eerst drukken op de
section-toets (5) op de schuifkabelhaspel VSP-R30.
ð Het gemeten deeltraject wordt alleen op de digitale
meterteller (4) van de schuifkabelhaspel VSP-R30
weergegeven.
3. Op een deeltrajectmeting te wissen, twee keer op; de
section-toets (5) drukken.
ð Ondanks het wissen van de deeltrajectmeting kan het
meten van het totale traject worden voorgezet.
4. Om alle gemeten waarden van de meterteller te wissen,
drukken op de clear-toets (10) op de schuifkabelhaspel
VSP-R30.
Info
Bij het drukken op de clear-toets (10), worden het
gemeten totale traject en het deeltraject van de
meterteller gewist.
Beeld opnemen
1. Druk op de foto-toets (46) op de bedieningseenheid
VSP-Control.
ð Het beeld wordt opgenomen en direct opgeslagen op de
SD-kaart.
Video opnemen
1. Druk op de video-toets (45).
ð De video-opname wordt gestart.
ð Op het display verschijnt linksboven een
videocamera-symbool.
ð In het midden van het display loopt de opnametijd
tijdens de opname mee.
2. Druk opnieuw op de video-toets (45).
ð De video-opname wordt beëindigd en direct opgeslagen
op de SD-kaart.
VSP-inspectiesysteem VSP3041
11