Verwijder de buiten- en binnenbanden
Let op: Bandenlichters zijn niet inbegrepen, en moeten apart worden aangescha .
1
1. Laat eerst de binnenband leeglopen. Gebruik een gereedschap om het pinnetje binnenin in te drukken zodat de lucht uit de
binnenband kan ontsnappen, en duw met uw andere hand op verschillende plaatsen de lucht uit de band.
2. Selecteer een positie ver van het luchtventiel op de buitenband, en gebruik twee bandenlichters om de buitenband circa 1/6
van de omtrek op te lichten, en duw één kant van de buitenband los van de naaf.
3. Zoek het ventiel en trek deze uit het ventielgat in de naaf. Om het ventiel makkelijker naar buiten te trekken, houdt u het
ventiel van de binnenband vast en trekt u de buitenband langzaam naar buiten, zodat de binnenband niet beschadigd raakt.
Verwijder de binnenband beetje bij beetje weg bij het ventiel, en haal tenslo e de binnenband los.
Let op: Omwikkel het puntige uiteinde van de bandenlichter met een microvezeldoek zodat het de binnenband en de coating
van de naaf niet beschadigt.
Plaats de binnen- en buitenbanden
1
2
1. Vul de leeggelopen binnenband met een kleine hoeveelheid lucht tot de binnenband er enigszins rond uitziet.
2. Zet de naaf op een werkbank. Let op de richting bij het plaatsen van de buitenband. Er staat een pijl op de buitenband, en
deze moet overeenkomen met de voorwaartse richting van het wiel. Gebruik één hand om de naaf vast te houden en de
andere hand om één zijde van de buitenband in de naafgroef te duwen.
3. Plaats het ventiel van de binnenband in het ventielgat. Plaats de binnenband rechtsom beetje bij beetje in de buitenband.
Zorg dat het ventiel niet kantelt. Plaats vervolgens de andere kant van de buitenband in de naafgroef. Gebruik tenslo e een
bandenlichter om de resterende bandlippen in de naafgroef te plaatsen. Knijp na het plaatsen in de buitenband om te
controleren of de binnenband wordt aangedrukt door de bandlippen van de buitenband.
4. Pomp de binnenband op tot 15-20 psi en controleer de veiligheidslijnen aan twee kanten van de buitenband. Controleer of de
afstanden van de veiligheidslijnen naar de naafrand consistent zijn.
5. Pomp tenslo e de binnenband op tot 45-50 psi. Draai het ventieldopje vast. De wielmontage is nu klaar.
Let op: Omwikkel het puntige uiteinde van de bandenlichter met een microvezeldoek zodat het de binnenband en de coating
van de naaf niet beschadigt.
2
3
15
3
4