uuHonda SENSING 360uLane Change Collision Mitigation
■
Lane Change Collision Mitigation aan en uit
U kunt het systeem in- en uitschakelen met behulp van de interface voor
bestuurdersinformatie.
2 Display wijzigen BLZ. 166
2 Veiligheidsondersteuning BLZ. 179
Lane Change Collision Mitigation staat in de eerder gekozen instelling aan of uit telkens
wanneer u het voedingssysteem inschakelt.
■
Voorwaarden en beperkingen van Lane Change Collision Mitigation
Het controlelampje van Lane Change Collision Mitigation gaat mogelijk niet branden onder de
volgende omstandigheden:
•
Een object dat niet wordt gedetecteerd door de radarsensoren nadert of passeert uw
voertuig.
Het systeem werkt mogelijk niet goed onder de volgende omstandigheden:
•
Een object dat geen radiogolven weerkaatst, zoals een motorfiets, bevindt zich in de
waarschuwingszone.
•
De achterbumper of sensoren zijn niet goed gerepareerd of de achterbumper is vervormd.
Onder de volgende omstandigheden is het mogelijk dat het systeem niet wordt geactiveerd of
een voertuig niet detecteert:
•
U verandert onmiddellijk van rijstrook nadat u een voertuig op de aangrenzende rijstrook
hebt gepasseerd.
•
U rijdt over de rijstrooklijn aan de binnenkant van een bocht.
•
Grote bagage op het dak komt in aanraking met het bovenste deel van de voorruit.
•
U neemt een bocht bij een kruising.
•
Uw voertuig of een voertuig in uw buurt rijdt te ver naar één kant van de rijstrook.
520
1Lane Change Collision Mitigation aan en uit
U kunt de instellingen voor het Lane Change Collision
Mitigation-systeem wijzigen.
Aanpassen van de voertuiginstellingen
2
BLZ. 370
Wanneer de rijmodus wordt gewijzigd in de SLEPEN-modus,
wordt Lane Change Collision Mitigation uitgeschakeld.
Rijmodusschakelaar
2
BLZ. 445