Koppel de oordopjes
voor het eerst aan uw
Bluetooth-apparaat
Zorg ervoor dat de koptelefoon
volledig is opgeladen en is
uitgeschakeld.
Open de bovenklep van de oplader.
De LED op beide oortjes knippert
afwisselend wit en blauw.
De oordopjes staan nu in de
koppelingsmodus en zijn klaar
voor koppeling met een
Bluetooth-apparaat (bijv. een
mobiele telefoon)
Schakel de Bluetooth-functie van
uw Bluetooth-apparaat in.
Koppel de oordopjes met uw
Bluetooth-apparaat. Raadpleeg de
gebruikershandleiding van uw
Bluetooth-apparaat.
Opmerking
•
Als de oordopjes geen Bluetooth-apparaat
kunnen vinden waarmee ze eerder werden
verbonden, schakelen ze automatisch over naar
de koppelingsmodus.
In het volgende voorbeeld ziet u hoe
u de oordopjes aan uw
Bluetooth-apparaat koppelt.
Schakel de Bluetooth-functie van
uw Bluetooth-apparaat in en
selecteer Philips TAT5505.
NL
Voer het wachtwoord van de
oordopjes in,0000(4 nullen) als
daarom wordt gevraagd. Voor
Bluetooth-apparaten met Bluetooth
3.0 of hoger, hoeft u geen wachtwoord
in te voeren.
Eén oordopje (mono-modus)
Neem rechter of linker oordopje uit de
oplader voor mono gebruik. Het oordopje
wordt automatisch ingeschakeld. U hoort
"Inschakelen" uit het oordopje.
Opmerking
•
Neem het tweede oordopjes uit de oplader om ze
automatisch te koppelen.
Oordopjes met een ander
Bluetooth-apparaat
koppelen
Als u een ander Bluetooth-apparaat hebt
dat u met de koptelefoon wilt koppelen,
zorg er dan voor dat de
Bluetooth-functie op andere eerder
gekoppelde of verbonden apparaten is
uitgeschakeld.
Linker en rechter oordopjes gelijktijdig 5
seconden ingedrukt houden. Laat los
wanneer u de Koppelingsmelding hoort.
Opmerking
•
De oordopjes slaan 4 apparaat in het geheugen
op. Als u meer dan 4 apparaten probeert te
koppelen, wordt het eerder gekoppelde
apparaat vervangen door het nieuwe apparaat.
Philips TAT5505