Toetsenpaneel
•
AUTO POWER OFF Druk op deze toets om de meter AAN of UIT te zetten.
•
MAX/MIN Slaat de hoogste, laagste en gemiddelde luchtstroom of ‐snelheidsmetingen
op.
◄ (LEFT) kan ook gebruikt worden om de decimale punt te veranderen in de AREA‐
modus.
•
UNITS Druk op deze toets om de functie te veranderen. In de FLOW‐modus geeft de
meter de luchtvolume aan. In de VELOCITY‐modus geeft de meter de luchtsnelheid aan.
▲(UP) kan ook gebruikt worden om de nummers te verhogen in de AREA‐modus.
•
AVG Geeft het gemiddelde van meerdere metingen in de FLOW of VELOCITY‐modus. Het
gemiddelde van maximaal 20 metingen kan berekend worden.
•
HOLD Druk op deze toets om de weergegeven meting vast te zetten op het scherm. Druk
weer op de toets om de functie op te heffen. Deze toets kan ook gebruikt worden als ►
RECHTS toets in de AREA‐modus en RECALL‐modus.
•
AREA Houd deze toets ingedrukt om de oppervlakte van een kanaal handmatig in te
voeren in de CFM of CMM‐modus.
•
NEXT In de AREA‐modus kan deze toets gebruikt worden om de geheugenlocaties 1‐8 te
selecteren.
•
Druk op deze toets om de schermverlichting aan of uit te zetten.
•
MAX/MIN (Temperatuur)
luchttemperatuur op.
•
°C °F HOLD (Temperatuur) Druk op deze toets om de weergegeven temperatuurmeting
vast te zetten op het scherm. Druk weer op de toets om de functie op te heffen. Houd de
toets 3 seconden lang ingedrukt om heen en weer te schakelen tussen °C en °F. De meter
piept twee keer om de verandering aan te geven.
Het batterijvak bevindt zich aan de achterkant van het instrument. De rubberen beschermhoes
moet van de meter verwijderd worden om het batterijvak te kunnen bereiken.
Slaat de hoogste en laagste metingen voor
3
AN100-EU-NL V3.2 6/13