5.2 Reiniging
1. Maak het reparatiepistool drukloos en ontkoppel de persluchtslang.
2. Draai de voorste zwarte kunststofwartel los van de materiaalhouder en verwijder het complete
voorste deel van het pistool.
3. Verwijder de vulkoker uit het pistool en sluit deze af met de daarvoor bedoelde dop, zodat de
inhoud niet uithardt.
4. Neem een lege vulkoker en vul deze met water.
5. Plaats de met water gevulde koker terug in het pistool en sluit het af met de wartel.
6. Sluit de persluchtslang weer aan op het reparatiepistool en verspuit ongeveer één derde deel
van het water.
7. Schudt het pistool heen en weer van voor naar achter en verspuit de rest van de inhoud.
8. Maak het reparatiepistool drukloos en ontkoppel de persluchtslang.
9. Draai de voorste zwarte kunststofwartel los van de materiaalhouder en verwijder het complete
voorste deel van het pistool.
10. Open nu de materiaalkraan en demonteer de schroefdop en de nozzle.
11. Neem een boor en reinig de lucht- en materiaalkanalen van de nozzle net zolang totdat alle
spackresten zijn verwijderd.
12. Maak met een borstel de schroefdop en nozzle verder schoon.
13. Neem een rageborstel van Ø 20 mm en 200 mm lang en verwijder alle aangekoekte
spackresten uit de mengkamer, de kogelkraan, de buizen en de aluminiumdop.
14. Monteer nu alle gedemonteerde onderdelen.
14
Houdt het apparaat schoon. Dit werkt niet alleen prettiger, maar
ook komen eventuele mankementen aan het licht. Daarnaast blijven
aanwijzingen en waarschuwen op het apparaat zichtbaar.
5 BEDIENING
NL
108401RE100_-_M