Beschrijving
3.3
Bedieningselementen
De bedrijfsmodi kunnen met de volgende bedieningselementen worden ingesteld:
à Displayprogrammaschakelaar DPS (zie hoofdstuk 3.3.1)
à Toetsenprogrammaschakelaar TPS (zie hoofdstuk 3.3.2)
à Mechanische programmaschakelaar MPS met/zonder geïntegreerde sleuteltaster (optie) (zie hoofdstuk 3.3.3)
3.3. 1
Displayprogrammaschakelaar DPS
Op de displayprogrammaschakelaar kunnen de bedrijfsmodi worden inge-
steld door op de betreffende toetsen te drukken.
De bediening door onbevoegden kan als volgt worden geblokkeerd:
à aansluiting van een extra sleuteldrukcontact
of
à toekenning van een wachtwoord, dat de servicemonteur met de ST220 in
het servicemenu instelt
Wanneer op het display rechtsonder een punt wordt weerge-
geven, is een onderhoudsbeurt vereist.
Als links op het display een punt wordt weergegeven, is de
vleugelpositie onbekend.
Dit kan bijvoorbeeld bij het programmeren het geval zijn, voor-
dat de aandrijving de positie van de vleugels via de testloop
heeft vastgesteld.
3.3.2
Toetsenprogrammaschakelaar TPS
Op de toetsenprogrammaschakelaar wordt de bedrijfsmodus van de instal-
latie geselecteerd en het betreffende programma weergegeven.
De bediening door onbevoegden kan als volgt worden geblokkeerd:
à aansluiting van een extra sleuteldrukcontact
of
à toekenning van een wachtwoord, dat de servicemonteur met de ST220
in het servicemenu instelt
3.3.3
Mechanische programmaschakelaar MPS/MPS-ST
Op de mechanische programmaschakelaar MPS wordt de bedrijfs-
modus van de installatie gekozen en het betreffende programma
getoond.
De mechanische programmaschakelaar is zonder sleuteltaster voor
iedereen toegankelijk.
10
DCU1-NT, DCU1-2M-NT, DCU1, DCU1-2M
Mechanische programmaschakelaar MPS
OFF