Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Sony FDR-AX700 Helpgids pagina 85

Inhoudsopgave
GAMMA :
Selecteer een gammacurve.
STANDAARD : Standaard gammacurve voor films
STILL : Gammacurve zoals een film van een camera met verwisselbare lens.
CINE1: Maakt zachte kleurbeelden door het contrast van donkere gebieden te verlagen en toonveranderingen in
heldere gebieden te verscherpen (equivalent aan HG4609G33).
CINE2: Bijna hetzelfde effect als [CINE1]; selecteer dit als u het beeld wilt behandelen in een bereik binnen 100%
van het videosignaal tijdens het bewerken, enz.(equivalent aan HG4600G30).
CINE3: Verhoogt het contrast tussen de lichte en donkere gebieden meer dan die van [CINE1] en [CINE2], waarbij
toonveranderingen in donkere gebieden worden verscherpt.
CINE4: Verhoogt het contrast in donkere gebieden meer dan die van [CINE3]. Het contrast in donkere gebieden is
zwakker en het contrast in heldere gebieden dan die van [STANDAARD].
ITU709: Gammacurve die overeenstemt met ITU-709. Gain in gebied met lage intensiteit: 4,5
ITU709(800%): Gammacurve voor het controleren van scènes bij opname met [S-LOG2] of [S-LOG3].
S-LOG2: [S-LOG2] gammacurve. Deze instelling vooronderstelt bewerking in post-productie na opname.
S-LOG3: [S-LOG3] gammacurve. Gammacurve met gelijkaardige eigenschappen aan film en waarbij bewerking in
post-productie na opname wordt voorondersteld.
HLG: Gammacurve voor HDR-opname die overeenstemt met ITU-R BT.2100.
HLG1: Gammacurve voor HDR-opname. In deze instelling heeft het verminderen van het ruisniveau voorrang, maar
het dynamisch bereik voor opname is kleiner dan dat van [HLG2] of [HLG3].
HLG2: Gammacurve voor HDR-opname. Bij deze instelling wordt de balans tussen dynamisch bereik en ruis
geregeld.
HLG3: Gammacurve voor HDR-opname. Dynamisch bereik is groter dan dat van [HLG2] maar het ruisniveau is
hoger.
[HLG1], [HLG2], of [HLG3] is gammacurve met dezelfde eigenschappen met een verschillende balans tussen
dynamisch bereik en ruis. De maximale video-uitgangsniveauwaarde van elk verschilt als volgt:
[HLG1]: ong. 87%, [HLG2]: ong. 95%, [HLG3]: ong. 100%
ZWART GAMMA :
Corrigeert gamma in gebied met lage intensiteit.
Wanneer [HLG], [HLG1], [HLG2] of [HLG3] wordt geselecteerd voor [GAMMA], wordt [ZWART GAMMA] uitgeschakeld.
BEREIK: Een correctiebereik selecteren.
HOOG/MIDDEN/LAAG
NIVEAU: Een correctieniveau selecteren.
‒7 (maximale zwartcompressie) tot +7 (maximale zwartspreiding)
DREMPEL:
Stelt het drempelpunt en de helling in voor de videosignaalcompressie om overbelichting te voorkomen door signalen in
gebieden met hoge intensiteit van het onderwerp te beperken tot het dynamische bereik van de camcorder.
Wanneer [CINE1], [CINE2], [CINE3], [CINE4], [STILL], [ITU709(800%)], [S-LOG2], [S-LOG3], [HLG], [HLG1], [HLG2], of
[HLG3] wordt geselecteerd in [GAMMA], wordt [DREMPEL] uitgeschakeld als [STAND] wordt ingesteld op [AUTO]. Om
functies te gebruiken in [DREMPEL], stelt u [STAND] in op [HANDMATIG].
STAND: Selecteer de automatische of handmatige stand.
AUTO: Het drempelpunt en de helling worden automatisch ingesteld.
HANDMATIG: Het drempelpunt en de helling worden handmatig ingesteld.
AUTO INST.: Het maximumpunt en de gevoeligheid worden ingesteld in de [AUTO]-stand.
MAX. PUNT: De maximumwaarde van het drempelpunt wordt ingesteld.
90,0% tot 100,0%
GEVOELIGHEID: De gevoeligheid wordt ingesteld.
HOOG/GEVOELIGHEID/LAAG
HANDM. INST.: Het drempelpunt en de helling worden ingesteld in de [HANDMATIG]-stand.
85
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave