Analyzer inschakelen
Om de analyzer in te schakelen, sluit u het netsnoer aan
en steekt u het snoer in een contactdoos. De analyzer
voert een reeks zelftests uit. Na afronding daarvan
verschijnt de in afbeelding 5 weergegeven melding.
Afbeelding 5. Beginscherm
Tijdens de zelftest controleert de analyzer zijn AC-
netspanningsingang op de juiste polariteit, de integriteit
van de aarding en het spanningsniveau. Als de polariteit is
omgekeerd, geeft de analyzer deze toestand aan. Als de
aarding onderbroken is, geeft de analyzer deze fout weer.
Als de netspanning te hoog of te laag is, geeft de analyzer
deze fout weer en gaat hij niet verder tot de
voedingsspanning is gecorrigeerd en de voeding van de
analyzer is uitgeschakeld en vervolgens weer
ingeschakeld.
Toegang tot de functies van de
analyzer
Gebruik de toetsen voor de testfuncties op de analyzer om
het type test te selecteren. Gebruik de menu's om
specifieke tests of instellingsopties te selecteren. Als u
bijvoorbeeld op drukt, geeft de analyzer de
beschikbare lekstroomtests onderaan het display weer.
Druk op een softkey (F1 t/m F3) onder een specifieke test
om voor de geselecteerde test instellingen in te voeren of
om de test uit te voeren.
Als een optie, zoals de aardverbinding, niet wordt
weergegeven, kan deze optie niet worden gewijzigd. De
analyzer toont echter de instelling.
Analyzer instellen
Gebruik de tuimelschakelaars om te schakelen tussen
fis201.bmp
normale en omgekeerde polariteit.
Electrical Safety Analyzer
Analyzer inschakelen
11