8
U-CONTROL UMA25S Gebruiksaanwijzing
(10) Het MOD WHEEL (E18) werkt op dezelfde manier als een gewoon
modulatiewiel (MIDI CC 1). Wanneer u het modulatiewiel loslaat houdt het
de ingestelde waarde.
(11) Met de VOLUME-schuifregelaar (E19) regelt u het geluidsvolume
(MIDI-controller 07).
◊
Aan het PITCH BEND-wiel, het modulatiewiel en de VOLUME-
draairegelaar kunt u ook een andere bedieningsfunctie toewijzen.
(12) Aan de toetsen E1 tot E8 kunt u willekeurige MIDI-opdrachten toewijzen.
Door op de MMC-toets (3) te drukken wijst u aan deze toetsen vooraf
ingestelde apparaat transportfuncties toe (zie paragraaf 5.5.7).
(13) De acht gevoelige draairegelaars E9 tot en met E16 genereren Continuous
Controller-opdrachten. In de Edit-functie kunt u aan alle draairegelaars een
willekeurige controller toewijzen.
(14) (15) (16) (17) (18) (19)
Afb. 3.2: De audio-aansluitingen aan de achterzijde
(14) Wanneer u de directe monitorfunctie ingeschakeld heeft (schakelaar (15)
ingedrukt), kunt u met behulp van de MIX-draairegelaar de volumebalans
tussen het opname- en weergavesignaal instellen.
(15) Met de MONITOR ON/OFF-schakelaar activeert u de directe monitor functie.
Het opname signaal dat via de MIC- of LINE-ingang binnenkomt wordt daarbij
afgenomen en naar de uit gangen LINE OUT en PHONES geleid, om bij een
opname signaal vertragingen en daarmee timingproblemen te voorkomen.
(16) Met de VOLUME-draairegelaar stelt u het volume van het
koptelefoonsignaal in. Draai de draairegelaar helemaal naar links
voordat u een koptelefoon aansluit, om beschadigingen door een te hoog
geluidsvolume te vermijden.
(17) Sluit de groene koptelefoonstekker van de meegeleverde headset aan op de
PHONES-aansluiting.
(18) MIC IN-aansluiting. Sluit hier de rode stekker van de headset of een
willekeurige dynamische microfoon op aan.
(19) LEVEL-draairegelaar. Hiermee regelt u het ingangvolume van het
microfoonsignaal. Zorg ervoor dat het ingangs-signaal niet overstuurd
wordt (vervormingen).
◊
Als u geen microfoon gebruikt, is het raadzaam om het ingangsvolume
op MIN te zetten om ongewenste bijgeluiden te voorkomen.
(20) Op de LINE-OUT-aansluitingen kunt u audiokabels met een
Cinch-stekker aansluiten.
(21) Op de LINE-IN-aansluitingen kunt u audiokabels met een
Cinch-stekker aansluiten.
(22)
(23)
(24)
Afb. 3.3: Overige aansluitingen aan de achterzijde
(20)
(21)
(25)
(26)
(27)
(22) De MIDI OUT-aansluiting van de UMA25S.
(23) EXPRESSION-aansluiting. Hier kunt u een voetpedaal op aansluiten dat
u voor het aansturen van toewijsbare MIDI-gegevens kunt gebruiken.
Met een voetpedaal, dat ook wel een expressiepedaal genoemd wordt,
wordt meestal het geluidsvolume geregeld. U kunt er echter ook de
afsnijfrequentie van een filter mee regelen of typische wah-effecten
mee maken.
(24) Op de SUSTAIN-aansluiting kunt u een sustainpedaal aansluiten. Af fabriek
is aan deze interface de MIDI-parameter 'demperpedaal' (Sustain, CC 64)
toegewezen, die een schakelelement voorstelt.
(25) De USB-aansluiting van de UMA25S. Deze kan zowel voor USB 1.1 als USB 2.0
gebruikt worden.
(26) Via de DC IN-aansluiting kan de UMA25S met behulp van een externe
stekkertrafo (niet meegeleverd) gevoed worden.
(27) Met de POWER-schakelaar zet u de U-CONTROL aan. De POWER-
schakelaar dient in de stand "Uit" te staan, wanneer u de stekker in het
stopcontact steekt.
◊
Sluit eerst alle programma's voordat u de UMA25S wilt loskoppelen of
de USB-verbinding wilt verbreken.
4. UMA25S Toepassingsvoorbeeld
C-3
HS1000*
UMA25S
* meegeleverd
Afb. 4.1: aansluitvoorbeeld met de UMA25S
In combinatie met een geschikt mengpaneel met subgroep uitgangen kunt u
de UMA25S als professionele opname-interface tussen het mengpaneel en de
computer gebruiken. Op die manier kunt u meerdere signalen gelijktijdig op
de computer opnemen en eerder opgenomen takes of playbacks tegelijkertijd
afspelen en het complete opnameproces via luidsprekers volgen. In afbeelding
4.1 is een aansluitvoorbeeld weergegeven voor een UMA25S.
MONITOR SPEAKERS