4. Druk op Instellen.
Instellen
5. Voer de bestemming(en) in met een van de volgende drie methodes.
❏ Snelkiezen:
❏ Verkort kiezen:
Verkort kiezen
❏ Normaal kiezen:
6. Wanneer u gereed bent met het invoeren van nummers, drukt u op Start/
Kopie.
❏ De FAX-L360 begint met het scannen en slaat het document op in het
❏ Als het geheugen van de FAX-L360 tijdens het scannen van uw document vol
raakt, verschijnt de melding GEHEUGEN VOL op het display. Als dit gebeurt,
dan kunt u het document niet op een ingesteld tijdstip verzenden. Zie pag. 6-24
Opmerking
om uw document uit de ADF te verwijderen.
❏ U kunt slechts één tijdstip tegelijk invoeren.
Zodra het verzendtijdstip aanbreekt, kiest de FAX-L360 het nummer en wordt het
document verzonden.
Hoofdstuk 6
Druk op de gewenste snelkiestoets(en).
~
01
32
Druk op Verkort kiezen en voer vervolgens met de numerieke toetsen de
tweecijferige code (00-99) in.
~
0
9
• Druk vóór elke code op Verkort kiezen.
Voer het nummer in met de numerieke toetsen of de toets
Nummerherhaling/Pauze.
NUMMERHERHALING/
PAUZE
~
0
9
- of -
• U kunt met de numerieke toetsen slechts één nummer invoeren.
geheugen.
ITGESTELDE TX
KIES BESTEMMINGEN
TEL
Verzenden van faxberichten 6-35