•
Mogelijk is de geheugenkaart beschadigd. Verwijder de geheugenkaart en probeer
de camera uit. Als de camera werkt, plaatst u de geheugenkaart terug.
•
Formatteer het interne geheugen en/of de geheugenkaart (zie
geheugenkaart plaatsen en formatteren" op pagina
De camera maakt geen foto wanneer ik op de sluiterknop druk.
•
Druk de sluiterknop helemaal in.
•
Zorg ervoor dat de modus
•
De geheugenkaart of het interne geheugen is mogelijk vol. Breng opnames van de
camera naar de computer over en formatteer het interne geheugen of de
geheugenkaart (zie
op pagina
6). Of vervang de kaart door een nieuwe.
•
De camera is mogelijk bezig met verwerken. Wacht enkele seconden totdat de
verwerking van de vorige opname is voltooid voordat u de volgende opname maakt.
Het LCD-scherm werkt niet.
•
De time-out van het LCD-scherm is opgetreden. Druk op een willekeurige knop om
de camera te activeren.
•
Stel de camera in op de beginwaarden (zie
beginwaarden" op pagina
•
Vervang de batterij of laad deze op.
De opname is wazig.
•
Gebruik de focusvergrendeling (zie
op pagina
11).
•
Gebruik de opnamemodus
Foto-opname en Video-opname" op pagina
•
Zet de camera op een statief of verbeter de belichting.
•
Stel de flitser in op
in op
Actie.
De opname is overbelicht.
•
Zet de flitser uit (zie
•
Ga verder van het onderwerp af staan en gebruik de zoomfunctie.
De opname is onderbelicht.
•
Wacht totdat het licht beter wordt, gebruik de flitser (zie
op pagina
14) of gebruik indirecte belichting.
•
Als het onderwerp waar u een foto van wilt nemen zich buiten het bereik van de flitser
bevindt, moet u de flitser uitzetten. Hierdoor is een langere belichtingstijd nodig.
Gebruik daarom een statief of houd de camera goed vast, zodat deze niet beweegt.
Meer informatie over het flitsbereik van deze camera vindt u op
support. Selecteer op de site uw taal en regio, voer het modelnummer van de camera
in in het vak Zoek: product, klik op Productinformatie, en vervolgens op
Specificaties.
Foto-opname actief is.
"Een optionele geheugenkaart plaatsen en formatteren"
33).
"Focusvergrendeling gebruiken"
Scherpe foto (zie Scherpe foto onder
Automatisch flitsen of
"De flitser instellen" op pagina
"Een optionele
6).
"De camera instellen op de
15).
Flitser Aan en stel de opnamemodus
14).
"De flitser instellen"
"De menu's
www.hp.com/
35