4
Schuif de papiergeleider naar de binnenkant van de lade totdat de geleider licht tegen de rand van het papier
drukt.
5
Druk op
.
260 Papier vast
Bij de invoer van enveloppen in de enveloppenlader wordt telkens de onderste envelop ingevoerd. De onderste
envelop is in dit geval dus vastgelopen.
1
Til het envelopgewicht omhoog en verwijder vervolgens alle enveloppen.
2
Als de vastgelopen envelop in de printer is gevoerd en niet naar buiten kan worden getrokken, tilt u de
enveloppenlader omhoog en uit de printer en legt u deze vervolgens opzij.
3
Verwijder de envelop uit de printer.
Opmerking: als u de envelop niet kunt verwijderen, moet de tonercartridge worden verwijderd. Raadpleeg voor
meer informatie. "Papierstoring 200 en 201" op pagina 83.
4
Plaats de enveloppenlader terug. Zorg ervoor dat deze op zijn plaats klikt.
5
Buig de enveloppen en stapel deze op.
6
Plaats de enveloppen in de enveloppenlader.
Storingen verhelpen
91