Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Vloerverwarming Instellen - Inventum Ecolution Modul-Air Installatie- En Inbedrijfstellingshandleiding

Verberg thumbnails Zie ook voor Ecolution Modul-AIR:
Inhoudsopgave
8.2
RADIATOREN INSTELLEN
Het instellen van de radiatoren die aan de Modul-AIR gekoppeld zijn doe je zo:
• Controleer hoe het systeem in elkaar zit:
− Welke radiatoren zijn aan het systeem gekoppeld?
− In welke volgorde zijn de radiatoren gekoppeld?
− In welke ruimtes staan de radiatoren?
• Regel de radiatorventielen in.
Let op!
De Modul-AIR haalt het hoogste rendement als enkel de radiatoren open
2
staan waar warmte gewenst is (bijv. in de woonkamer en keuken).
Voorkom onnodige opwarming van ongebruikte ruimtes. Zet deze dicht
of op vorstbescherming.
Let op!
Als er een kleine designradiator aanwezig is, zorg dan dat deze óf op het
voetventiel óf op de kraan geknepen is. Een kleine radiator zorgt ervoor
2
dat de retourtemperatuur veel te snel omhooggaat, terwijl de radiator in
de woonkamer nog net warm is aan de bovenzijde. Informeer de
gebruiker dat het een negatief effect kan hebben op zijn besparingen als
hij afwijkt van dit advies.
8.3

VLOERVERWARMING INSTELLEN

Als er in een woning vloerverwarming aanwezig is, doe dan het volgende:
1. Indien aanwezig, zorg dat de thermostaatkraan van de mengset maximaal
openstaat (figuur 4). Meestal kan een thermostaatkraan op 50 °C worden
ingesteld, mits de vloer dit aankan.
2. Controleer of het voetventiel helemaal openstaat.
3. Als er pompsturing op de pomp aanwezig is, stel deze dan in op basis van het
vloeroppervlak.
− Stel het schakelpunt van de pompschakeling tussen de 25 °C en de 28 °C in. Dit
voorkomt het ongewenst inschakelen van de vloerverdeler in de zomerperiode
als dit niet gewenst is. Als de instelling niet lager afgesteld kan worden moet de
pompaansturing vervangen worden voor een handmatig instelbaar model.
Tip!
Een vloerverwarming functioneert al goed bij temperaturen vanaf 22 °C.
19
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave