Werking
1. Koord
2. Clip
3. Motoruitschakelaar
DMU27120
Olie
Controleer of u wel voldoende olie hebt
●
voor uw trip.
DMU27151
Motor
Controleer de motor en ga na of hij goed
●
gemonteerd werd.
Controleer op losse of beschadigde be-
●
vestigingsmiddelen.
Controleer de propeller op beschadigin-
●
gen.
Controleer op olielekken.
●
DMU27180
Gebruik na een lange periode van
opslag
Olie-injectiemodellen
Als u de motor gebruikt na een lange periode
(12 maand) van opslag, dient u als volgt te
werk te gaan:
1.
Gebruik een benzine-en-oliemengsel
met een verhouding van 50:1 om de mo-
tor te starten.
2.
Start de motor. Laat hem vrijlopen.
DWM01330
WAARSCHUWING
Verwijder of raak geen elektrische on-
●
derdelen aan bij het starten of als de
43
motor draait.
Hou handen, haar en kleren uit de buurt
●
van het vliegwiel en andere draaiende
onderdelen als de motor draait.
3.
Controleer of er olie uit de olietoevoerlei-
dingen komt. Als de lucht uit de olielei-
dingen is, moet het olie-injectiesysteem
voor een normale olietoevoer zorgen.
Als er na 10 minuten nog steeds geen
olie uit de leidingen stroomt, dient u uw
Yamaha-dealer te raadplegen.
DCM01260
OPGELET
Onderneem de bovenstaande stappen,
als u de motor wil gebruiken, nadat hij
lang buiten gebruik is geweest. Anders
kan hij vastlopen.
DMU36961
Motorkap installeren
1.
Vergewis u ervan dat alle drie de motor-
kapvergrendelhendels ontgrendeld zijn.
2.
Vergewis u ervan dat de rubberen dich-
ting overal correct zit.
3.
Plaats de kap op de dichting.
4.
Controleer of de rubberen dichting cor-
rect zit over de volledige omtrek van de
motor.
5.
Beweeg de hendels zoals getoond om
de
motorkap
OPGELET: Als de motorkap niet cor-
ZMU03367
te
vergrendelen.