Het mobiele eindapparaat met het
WiFi-netwerk HomeConnect verbin-
den en het WiFi-wachtwoord (Key)
HomeConnect invoeren.
a Uw mobiele eindapparaat verbindt
zich met het apparaat. De verbin-
dingsprocedure kan tot wel 60 se-
conden duren.
De Home Connect app op het mo-
5.
biele eindapparaat openen en de
stappen in de app volgen.
In de Home Connect app de net-
6.
werknaam (SSID) en het wacht-
woord (Key) van uw thuisnetwerk
invoeren.
De stappen in de Home Connect
7.
app volgen, om het apparaat te
verbinden.
a Wanneer op het display con wordt
weergegeven en
brandt, dan is het apparaat met
het thuisnetwerk verbonden.
Wanneer op het display Home
8.
Connect Error wordt weergegeven
dan is het apparaat niet met het
thuisnetwerk verbonden.
Controleer of uw apparaat zich
‒
binnen het bereik van het thuis-
netwerk bevindt.
Het apparaat met WLAN-thuis-
‒
netwerk (WiFi) met WPS-functie
opnieuw verbinden.
Het apparaat met de Home Con-
9.
nect app verbinden → Pagina 49.
permanent
16.4 Apparaat met de Home
Connect app verbinden
Vereisten
¡ Het apparaat is verbonden met het
WiFi thuisnetwerk.
¡ De Home Connect app is geopend
en u heeft zich aangemeld.
Het programma op stand 3 instel-
1.
len.
a Op het display wordt APP weerge-
geven.
Druk op
.
2.
a Het apparaat maakt verbinding
met de Home Connect app.
Zodra het apparaat in de Ho-
3.
me Connect app wordt weergege-
ven, de laatste stappen in de Ho-
me Connect app volgen.
a Wanneer het display con weer-
geeft, is het apparaat met de Ho-
me Connect app verbonden.
16.5 WiFi op het apparaat ac-
tiveren
Opmerking: Het energieverbruik
wordt hoger ten opzichte van de in
de verbruikswaardetabellen aangege-
ven waarden, wanneer Wi-Fi is geacti-
veerd.
Ca. 3 s op
1.
Programma op positie 4 instellen.
2.
a Op het display wordt Con weerge-
geven.
Druk op
totdat het display on
3.
weergeeft.
a WiFi is geactiveerd.
16.6 WiFi op het apparaat de-
activeren
Tenminste 3 seconden op
1.
ken.
Home Connect nl
drukken.
druk-
49