8
INBEDRIJFSTELLING (FIG. 1)
8.1
In- en uitschakelen
§
Inschakelen: bedrijfsschakelaar (3) indrukken
§
Uitschakelen: bedrijfschakelaar (3) kort indrukken en loslaten
8.2
Bijkomende handgreep (Fig. 4)
Boorhamer uit veiligheidsoverwegingen uitsluitend met de bijkomende handgreep (B)
gebruiken.
Een veilige lichaamshouding tijdens de werkzaamheden verkrijgt u door het draaien van de
bijkomende handgreep. Zet de handgreep los door hem in tegenwijzerzin te draaien, zet hem
in de juiste stand en draai hem daarna terug vast.
8.3
Diepteaanslag (Fig. 5)
Bijkomende handgreep losdraaien en het rechte deel van de diepteaanslag in de boring van
de bijkomende handgreep plaatsen. Diepteaanslag instellen en bijkomende handgreep weer
aandraaien.
8.4
Stofopname-inrichting (Fig. 6)
Bij slagboorwerkzaamheden boven het hoofd, stofopname-inrichting over de boor schuiven.
8.5
Draaistop (Fig. 7)
Voor beitelwerk kan de draaifunctie van de boorhamer uitgeschakeld worden.
§
Draai hiertoe de hendel (7) zodat de pijl (a) op de machinebehuizing naar het merkteken
(c) wijst.
§
Om de draaifunctie opnieuw in te schakelen dient de hendel (7) te worden gedraaid zodat
de pijl (a) naar het merkteken (b) wijst.
Let op! Voor het hamerboren is slechts een geringe aandrukkracht
noodzakelijk. Een te grote aandrukkracht belast de motor onnodig. Boren
regelematig controleren. Stompe boren naslijpen of vervangen.
9
REINIGING EN ONDERHOUD
Opgelet ! Trek de netstekker uit de contactdoos alvorens werkzaamheden
aan het apparaat te verrichten.
9.1
Reiniging
§
Reinig de ventilatiesleuven van de machine om oververhitting van de motor te voorkomen.
§
Reinig regelmatig de behuizing van de machine met een zachte doek, bij voorkeur na
ieder gebruik.
§
Hou de ventilatiesleuven vrij van stof en vuil.
§
Als het vuil niet verwijderd kan worden, gebruik dan een zachte doek bevochtigd met
zeepwater.
§
Gebruik na het werken perslucht (max. 3 bar) om de ventilatiesleuven te reinigen. Dit
voorkomt stofafzettingen.
§
Controleer regelmatig de koolstofborstels (vuile of versleten koolstofborstels leiden tot
overdreven vonkvorming en foutieve snelheden).
Gebruik nooit oplosmiddelen zoals benzine, alcohol, ammoniawater, etc.
Deze oplosmiddelen kunnen de plastic onderdelen beschadigen.
Copyright © 2011 VARO
POW3054
P a g i n a
| 6
NL
www.varo.com