Term
Indicatietijd toon A
Indicatietijd toon B
Ingangen
Ingeschakeld systeem
Ingeschakelde toestand Een menu-optie die LED 2 (Rood) van de Prox.lezer laat branden wanneer het
Ingeven code
Inleesmode
Inlooproute
Inlooptijd 1
Inlooptijd 2
Inluisteren
Inluistermodule
Inluistertijd
Inschakelen
Inschakelen
68
Omschrijving
Een menu-optie die de resterende tijd instelt nadat indicatietoon "A" naar de
meldkamer is verstuurd. Na deze tijd wordt de tweeweg communicatiesessie
beëindigd als er geen andere activiteit van de meldkamer komt. Deze tijd kan
worden ingesteld van 1 tot 255 seconden. Dit is een optie van de CS534
communicatiemodule.
Een menu-optie die de resterende tijd instelt nadat indicatietoon "B" naar de
meldkamer is verstuurd. Na deze tijd wordt de tweeweg communicatiesessie
beëindigd als er geen andere activiteit van de meldkamer komt. Deze tijd kan
worden ingesteld van 1 tot 255 seconden. Dit is een optie van de CS534
communicatiemodule.
Een menu-optie die opties groepeert betreffende alle zones (Centrale).
Een menu-optie die opties groepeert betreffende RF zones (RF Ontvangers).
Een menu-optie die de tijdinstellingen groepeert betreffende de ingangen
(Systeem instellingen>Tijden).
Een menu-optie die opties groepeert die opties betreffende overige zone-
instellingen (Systeem instellingen>Opties).
Een menu-optie die specificeert of de geselecteerde functie actief is wanneer het
systeem is ingeschakeld.
systeem is ingeschakeld.
Een menu-optie die Ingeven code activeert voor de geselecteerde werking van de
proximity kaartlezer. De werkwijzen zijn Enkele badge, Dubbele badge en Badge
houd. Deze functie verstuurt, via de proximity kaart, dezelfde sturing naar de
centrale dan een bediendeel zou versturen wanneer een geldige code wordt
ingegeven. Als bijvoorbeeld het systeem is ingeschakeld, schakelt de
geselecteerde handeling het systeem uit.
Een optie die de modus activeert waarin een nieuwe draadloze zender in het
systeem wordt geregistreerd.
De route die de gebruiker moet volgen om in een beveiligd gebied bij het
bediendeel te komen en het systeem uit te schakelen.
De tijd waarbinnen de gebruiker het systeem moet uitschakelen alvorens er een
alarm optreedt. Deze tijd kan worden ingesteld van 10 tot 255 seconden.
Zie ook In/Uitloop 1
De tijd waarbinnen de gebruiker het systeem moet uitschakelen alvorens er een
alarm optreedt. Deze tijd kan worden ingesteld van 10 tot 255 seconden.
Zie ook In/Uitloop 2
Een menu-optie die een rapport naar de meldbank verstuurt om aan te geven dat
een inluistersessie moet worden gestart.
Inluisteren is een gebruikersfunctie. Om de inluisterfunctie te kunnen gebruiken,
moet een CS534 communicatiemodule zijn geïnstalleerd en moet een microfoon
zijn aangesloten. Wanneer een alarm wordt geactiveerd en gerapporteerd, kan de
meldbank afluisteren wat er ter plaatse gebeurt.
Bepaalde protocollen (zoals SIA, XSIA Contact ID en 200Bd FSK) zijn voorzien
van 'inluisterblokken' die samen met de alarmcode worden meegestuurd en
aangeven dat een inluistersessie moet worden gestart.
Zie CS534 Communicatiemodule
Een menu-optie die bepaalt hoe lang de meldkamer kan inluisteren door middel
van de microfoons op de locatie van het alarm.
Een menu-optie die ervoor zorgt dat de interne zoemer afgaat wanneer het
systeem wordt ingeschakeld (Korte sirene activatie (puls)).
Een menu-optie die de inschakelkenmerken van het geselecteerde gebied
groepeert (Opties).
Een menu-optie die het tijdstip instelt waarop het geselecteerde tijdschema in
ingeschakelde toestand schakelt (Tijdschema's).
Een menu-optie die de rapportagecodes groepeert die naar de meldbank worden
verstuurd wanneer het systeem wordt ingeschakeld (Rapportage codes).
CS5500 Programmeerhandleiding