INZETTEN VAN DE BATTERIJ
1. Draai de vergrendeling van het klepje van het batterijvak in de richting van de pijl om het batterijvak te
openen.
2. Zet een nieuwe batterij in de camera. Let daarbij vooral op de juiste stand.
3. Draai de vergrendeling van het klepje van het batterijvak in de tegengestelde richting (stap 1) om het
batterijvak te sluiten.
OPMERKINGEN
U hebt één lithiumbatterij van het type CR-2 nodig.
Als de camera 3 minuten niet wordt gebruikt, schakelt hij zichzelf automatisch uit. Haal de batterij eruit,
als u de camera langere tijd achtereen niet denkt te gebruiken. Wanneer de camera is uitgeschakeld,
verdwijnen alle indicaties van het LCD-venster.
Controleer na het inzetten van een nieuwe batterij de datum en de opnamefunctie.
Wijkt de datum af, raadpleeg dan bladzijde (20) en zet de datum gelijk.
1
2
3
[ 9 ]