Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Pompafstelling, Handmatige Regeling; Opnieuw Afstellen, Ontluchten, Verwarmingssysteem - Nibe F1255 Handleiding Voor Installateur

Verberg thumbnails Zie ook voor F1255:
Inhoudsopgave

Pompafstelling, handmatige regeling

Bronsysteem
Voor het instellen van de juiste doorstroming in het
bronsysteem moet de juiste snelheid worden ingesteld
voor de circulatiepomp bronsysteem. Deze warmte-
pomp heeft een circulatiepomp bronsysteem die auto-
matisch kan worden aangestuurd, maar als er een
handmatige snelheid nodig is, moet deze worden inge-
steld op basis van de volgende gegevens en grafiek.
Voor handmatige regeling moet "auto" worden gede-
activeerd in menu 5.1.9.
De doorstroming moet een temperatuurverschil heb-
ben tussen bronvloeistof uit (BT11) en bronvloeistof in
(BT10) van 2 - 5 °C wanneer het systeem in balans is
(kan 5 minuten na starten van compressor). Controleer
deze temperaturen in menu 3.1 "service-info" en pas
de snelheid van de bronpomp (GP2) aan tot het tem-
peratuurverschil is gerealiseerd. Een groot verschil duidt
op een lage doorstroming in het bronsysteem en een
klein verschil duidt op een hoge doorstroming in het
bronsysteem.
In de grafiek hieronder kunt u aflezen welke snelheid
de circulatiepomp bronsysteem moet hebben tijdens
handmatige regeling.
Tillgängligt tryck
Eleffekt
P
F1255 4 – 16 kW
Beschikbare druk, kPa
Elektrisch vermogen, W
200
180
160
140
120
100
80
60
P60%
40
20
P40%
60%
40%
0
0
0,1
0,2
0,3
0,4
NIBE™ F1255
P100%
P80%
100%
80%
Aanvoer
0,5
0,6
0,7
0,8
l/s
Afgiftesysteem
Voor het instellen van de juiste doorstroming in het
afgiftesysteem moet de juiste snelheid voor de circula-
tiepomp van het verwarmingssysteem onder verschil-
lende bedrijfsomstandigheden worden ingesteld. Deze
warmtepomp heeft een circulatiepomp verwarmings-
systeem die automatisch kan worden aangestuurd,
maar als er een handmatige snelheid nodig is, moet
deze worden ingesteld op basis van de volgende gege-
vens en grafiek. Voor handmatige regeling moet "auto"
worden gedeactiveerd in menu 5.1.11.
De aanvoer moet een correct temperatuurverschil met
de retour hebben voor het bedrijf (verwarmen: 5 - 10
°C, warmwaterbereiding: 8 - 10 °C, zwembadverwar-
ming: ca. 15 °C) tussen aanvoertemperatuur (BT2) en
retourtemperatuur (BT3). Controleer deze temperatu-
ren in menu 3.1 "service-info" en pas de snelheid van
de circulatiepomp van de warmtedrager (GP1) aan
totdat het temperatuurverschil is gerealiseerd. Een
groot verschil duidt op een lage doorstroming in het
afgiftesysteem en een klein verschil op een hoge
doorstroming in het afgiftesysteem.
Stel de snelheid van de circulatiepomp van het verwar-
mingssysteem in menu 5.1.11, zie pagina 54.
In de grafieken hieronder kunt u aflezen welke snelheid
de circulatiepomp verwarmingsysteem moet hebben
tijdens handmatige regeling.
Tillgängligt tryck
Eleffekt
P
F1255 4 – 16 kW
Tillgängligt tryck, kPa
Beschikbare druk, kPa
Eleffekt, W
Elektrisch vermogen, W
90
80
70
60
50
40
30
20
P40%
40%
10
0
0
0,05 0,1 0,15 0,2 0,25 0,3 0,35 0,4 0,45 0,5
Opnieuw afstellen, ontluchten, verwarmings-
systeem
Gedurende de eerste tijd komt er lucht vrij uit het
warmtapwater en het kan nodig zijn om het systeem
te ontluchten. Indien er borrelende geluiden bij de
warmtepomp of het afgiftesysteem worden waargeno-
men, kan het nodig zijn om het hele systeem nogmaals
te ontluchten.
Hoofdstuk 6 |
P100%
P80%
P60%
100%
80%
60%
Flöde
Aanvoer
l/s
l/s
Inbedrijfstelling en afstelling
29
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave