Download Inhoudsopgave Inhoud Print deze pagina

Regelmodule Warmwatermodus - Optie Model Rtwb - Trane Ucm-Cld Gebruikshandleiding

Koelmachine
Inhoudsopgave
14
Werkingsprincipes van de
UCM-CLD Module
Regelmodule
warmwatermodus - optie
model RTWB
Benodigde onderdelen
De volgende onderdelen worden in het
regelpaneel van de unit geïnstalleerd:
• Eén extra A70 bord met display
• Eén CDS LWT sensor + een door de klant
te installeren dompelhuls
De sensor wordt aangesloten op klem
B3 en GND van aansluitblok J2 van de
A70 module.
Volgorde van handelingen
• Koelmodus
De unit werkt als een standaard
koelmachine (d.w.z. de koelmachine
regelt de uittredetemperatuur van het
gekoeld water). De condensorpomp
wordt aangestuurd door het UCM-relais.
De koelmachine gebruikt het
koelingsinstelpunt dat gedefinieerd is in
de A70 module
• Verwarmingsmodus
In de verwarmingsmodus regelt de
koelmachine de uittredetemperatuur van
het condensorwater. De op de A70 module
aangesloten temperatuursensor moet zich
in de aansluiting van het
uittredecondensorwater bevinden,
stroomafwaarts van de condensor. De
regeling wordt uitgevoerd door het laden
en ontladen van de koelmachine. Om de
koelmachine te laden of ontladen wordt
een reset van het gekoeldwaterinstelpunt
toegepast (d.w.z. instelpunt verlagen =
laden; instelpunt verhogen = ontladen).
De condensorpomp is altijd in werking.
De verdamperpomp wordt nog steeds
geregeld door de UCM en is altijd in
bedrijf. De koelmachine gebruikt het
verwarmingsinstelpunt dat gedefinieerd
is in de A70 module
De koelmachine wordt gestopt als de
uittredetemperatuur van het
condensorwater hoger is dan het
instelpunt + het "differentiaal om te
stoppen" . De koelmachine start als de
uittredetemperatuur van het
condensorwater lager is dan het
instelpunt - het "differentiaal om te
starten" .
• Sensorstoring
In de verwarmingsmodus en als de
sensor van de uittredetemperatuur van
het CDS-water defect is, wordt de
koelmachine gestopt en het alarmrelais
van de A70 module bekrachtigd.
De koelmachine kan in de koelmodus
bediend worden als de
uittredetemperatuursensor van het
CDS-water defect is.
Interactie A70 module en UCM
Gekoeldwaterinstelpunt: De A70 module
stuurt het gekoeldwaterinstelpunt aan
m.b.v. een lineair signaal van een
analoge uitgang van de A70 module
naar de ingang van het externe
gekoeldwaterinstelpunt van de UCM.
Koelmachine aan/Uit: De A70 module
stuurt de koelmachine aan (aan of uit)
m.b.v. een droog contact van de
A70 module naar de externe start/stop
ingang van de UCM.
CDS pomprelais: De A70 module stuurt
het condensorpomprelais aan.
In de verwarmingsmodus regelt de
koelmachine de uittredetemperatuur
van het condensorwater. De A70
warmtepompmodule stuurt een extern
gekoeldwaterinstelpunt naar de UCM.
Dit analoge signaal (in de fabriek
ingesteld op 4-20 mA) wordt constant
gereset om overeen te komen met de
verwarmingsbelasting.
• Instelpunt daalt
laad de koelmachine
• Instelpunt stijgt
ontlaad de
koelmachine
Merk op dat de UCM nog steeds als een
gekoeldwaterregelaar werkt.
Op de UCM-CLD moet de parameter
"Extern gekoeldwaterinstelpunt"
ingeschakeld zijn.
RLC-SVU02F-NL
Inhoudsopgave
loading

Inhoudsopgave