Structuur 1oo1
Structuur 1oo2
Afhankelijk van de geselecteerde configuratie en de sensorversie moeten de volgende veiligheidsre-
levante parameters in acht worden genomen bij de implementatie van de veiligheidslus:
Algemene voorwaarden voor veilig gebruik
•
De grenswaarden en de toepassingsadviezen in deze handleiding moeten in acht worden
genomen. Voor kalibratie en onderhoud moeten de regionale en nationale voorschriften in acht
worden genomen.
•
Een defect toestel moet binnen 72 uur worden gerepareerd.
•
De HART® interface mag niet worden gebruikt voor het versturen van veiligheidsgevoelige gege-
vens.
•
De aangesloten regeleenheid moet de 4-20 mA signaalstroom controleren op waarden beneden
4 mA en boven 20 mA.
•
Een functionele controle/kalibratie moet voor het gehele systeem worden uitgevoerd.
•
Een visuele inspectie moet samen met de kalibratie worden uitgevoerd.
•
Elk jaar moet een systeemcontrole worden uitgevoerd.
•
Kalibratie en afstelling zijn onderdeel van de functie-/kalibratiecontrole.
•
Het testgas moet het gas zijn dat bewaakt moet worden. De concentratie van het testgas moet in
het midden van het meetbereik zijn.
•
Voor nulgas moet schone lucht, vrij van brandbaar koolwaterstofgas of synthetische lucht, worden
gebruikt.
•
Een afstelling moet uitgevoerd worden onder de volgende voorwaarden:
• verschil bij nul > +/-5 % UEG (LEL)
• verschil bij gevoeligheid > +/- 20 % van de nominale waarde
•
Als de kalibratie binnen de geldige tolerantie zit, kan het kalibratie-interval verdubbeld worden.
•
Het maximale toegestane kalibratie-interval is 52 weken.
•
De gasmonitor moet worden vervangen als zijn gevoeligheid tijdens de werking minder dan 50 %
van de oorspronkelijke gevoeligheid is.
•
Voor de stroomtoevoer moet aan een SELV/PELV versie of aan de voorwaarden van EN60950 en
EN50178 worden voldaan.
Speciale voorwaarden voor SIL 2
•
De 4-20 mA uitgang van het toestel moet worden bewaakt op afwijkingen.
Speciale voorwaarden voor SIL 3
•
Het gebruik van de sensoren is alleen toegestaan in een 1oo2 - structuur.
•
De 4-20 mA uitgang van het toestel moet worden bewaakt op afwijkingen.
SIL1
LDM
HDM
LDM
X
X
X
X
X
X
PrimaX® IR
SIL2
SIL3
HDM
LDM
HDM
X
X
X
Goedkeuringen
X
NL
42