Functie
Achterpaneel:
Lampje voor de verbindingsintegriteit op
de geïntegreerde netwerkadapter:
Lampje voor netwerkactiviteit op de
ingebouwde netwerkadapter
Diagnostisch lampje voeding
Tabel 28. Omgeving
Functie
Temperatuurbereik:
Operationeel
Opslag
Relatieve vochtigheid (maximum):
Operationeel
Opslag
Maximumvibratie:
Operationeel
Opslag
Maximumimpact:
Operationeel
Opslag
Hoogte:
Operationeel
Opslag
Mate van luchtvervuiling
50
Specificatie
Groen lampje: er is een goede 10 Mbps-verbinding
tussen het netwerk en de computer.
Groen lampje: er is een goede 100 Mbps-verbinding
tussen het netwerk en de computer.
Oranje lampje: er is een goede 1000 Mbps-verbinding
tussen het netwerk en de computer.
Uit (lampje brandt niet): de computer detecteert geen
fysieke verbinding met het netwerk.
Geel lampje: een geel knipperend lampje geeft aan dat
er activiteit is op het netwerk.
Groen lampje: de voeding is ingeschakeld en werkt. De
stroomkabel moet in de aansluiting (op de achterzijde
van de computer) en in het stopcontact worden
gestoken.
Specificatie
5 °C tot 35 °C (41 °F tot 95 °F)
-40 °C tot 65 °C (-40 °F tot 149 °F)
10% tot 90% (niet-condenserend)
10% tot 95% (niet-condenserend)
0,66 GRMS
1,30 GRMS
110 G
160 G
–15,20 m tot 3048 m (–50 ft tot 10.000 ft)
–15,20 m tot 10.668 m (–50 ft tot 35.000 ft)
G2 of lager, zoals gedefinieerd door ANSI/ISA-
S71.04-1985