Inbedrijfstelling
Veiligheidsinstructies
NL
173
■ Controleer het toestel vóór het gebruik op zichtbare schade. Neem
een beschadigd toestel niet in gebruik.
■ Bescherm het toestel tegen vocht en het binnendringen van vlo-
eistoffen resp. voorwerpen. Koppel bij contact met een vloeistof
meteen de voedingsadapter los van de stroomtoevoer.
■ Zet het toestel op een glad, horizontaal oppervlak.
■ Zet geen voorwerpen op het toestel.
■ Plaats het toestel niet in een hete, natte of zeer vochtige omgeving.
■ Het toestel heeft voor een goede werking voldoende luchtcircula-
tie nodig. Zet het toestel tijdens gebruik niet op zachte oppervlak-
ken, tapijt of ander materiaal die de luchtcirculatie negatief kunnen
beïnvloeden en laat ruime om het toestel vrij.
■ Bescherm de kabel tegen hete oppervlakken en scherpe randen.
■ Let erop dat de kabel niet strak gespannen of geknikt wordt.
■ Het stopcontact moet goed bereikbaar zijn zodat de voedingsad-
apter indien nodig makkelijk kan worden losgekoppeld.
■ Als het toestel gedurende langere tijd niet gebruikt wordt, schakelt
u het uit en koppelt u het los van de stroomtoevoer. Bewaar het
toestel op een schone, droge plaats zonder direct zonlicht.
■ Gebruik uitsluitend de inbegrepen voedingsadapter omdat het toe-
stel anders beschadigd kan raken.
■ Neem het toestel niet in gebruik als de voedingsadapter, de aans-
luitkabel of de stekker beschadigd zijn.