Bediendeel
LCD
LED
Lokaal alarm
Normaal/Actief/Sabotage/
Overbrugd
Ongewenst alarm
PIN-code
GI
Kaartlezer
Sabotage
Tijdzone
Gebruiker
Ingang
Een gebruikersinterface (GI) met een toetsenbord voor gegevensinvoer. Wordt gebruikt voor het
programmeren van het controlepaneel, het uitvoeren van gebruikersfuncties, het bekijken van
alarmen, enz.
(Liquid Crystal Display) Het gedeelte van het gebruikersinterface waarop de boodschappen
weergegeven worden.
(Light Emitting Diode) Een visuele indicator op een gebruikersinterface dat een bepaalde situatie
signaleert. Bijvoorbeeld: alarm in een gebied, communicatiestoring, enz.
Een alarm dat alleen waar te nemen is binnen een pand, wanneer er iemand in een gebied is. De
omstandigheden waaronder een lokaal alarm is opgetreden kunnen worden nagegaan en
gecorrigeerd door personeel ter plaatse en het is daarom onnodig dit alarm door te melden
naar een particuliere alarmcentrale.
Beschrijft de status van een gebied.
•
Normaal: De ingang is NIET verstoord, bijv. Branddeur gesloten
•
Actief: De ingang is verstoord, bijv. Branddeur geopend
•
Sabotage: de ingang is open of kortgesloten. Iemand heeft wellicht getracht de
beveiligingsapparatuur te saboteren.
•
Overbrugd: De ingang is overbrugd, zodat deze geen normale of verstoorde status kan
weergeven. De ingang is hiermee geïsoleerd van het systeem.
Een alarm dat gegenereerd wordt door een beveiligingsapparaat zonder dat er bijv. een inbreker
aanwezig is. De reden kan bijvoorbeeld open ramen, dieren of onjuist geplaatste
beveiligingsapparatuur zijn.
Een 4- tot 10-cijferige code die een gebruiker krijgt toegewezen of dient in te voeren. Voor het
uitvoeren van de meeste Advisor MASTER-functies dient er een PIN-code op een Advisor
MASTER-bediendeel te worden ingevoerd. In de Advisor MASTER programmering is er een relatie
tussen de PIN-code en een gebruikersnummer waarmee de houder van de PIN-code in het
systeem geïdentificeerd wordt.
Gebruikersinterface Zie gebruikersinterface.
Een apparaat dat gebruikt wordt voor toegangscontrole; het kan kaarten lezen en toegang
verlenen. Afhankelijk van de behoefte en van het type kaart kan het bijvoorbeeld een
magneetstrip doorhaallezer of een proximity lezer zijn.
Een situatie waarin een ingang, een gebruikersinterface, een controlepaneel, DI of de
bijbehorende bedrading gesaboteerd wordt of per ongeluk beschadigd wordt. De Advisor
MASTER sabotagefunctie activeert een signaal wanneer er sabotage optreedt.
Sabotage-alarmen van ingangen worden ingangsabotages genoemd.
Een programmering waarmee specifieke tijdintervallen op specifieke dagen vastgelegd worden.
Tijdzones worden toegewezen aan Advisor MASTER-functies. In de eerste plaats aan
toegangsbeheer om de toegang tot deuren te beperken tot bepaalde tijden en dagen.
Bijvoorbeeld: voor het automatisch in- en uitschakelen van gebieden en het openen van deuren.
Iedereen die gebruik maakt van het Advisor MASTER-systeem. Gebruikers worden door het
Advisor MASTER-systeem geïdentificeerd met een uniek nummer, dat geassocieerd is met de
PIN-code van de gebruiker.
Een elektronische signaalingang van een beveiligingsapparaat (PIR-detector, deurcontact) op
het Advisor MASTER-systeem. Elk apparaat wordt geïdentificeerd door een ingangsnummer en
een naam, bijv. 14 Overvalknop in Receptie, 6 Branddeur.
71