Netwerkaansluiting
54
Netwerkaansluiting
De reinigingsautomaat kan door middel van een Ethernet-interface in
een netwerk van de klant worden geïntegreerd. Voor de aansluiting is
een Ethernetkabel van categorie 5 (CAT5) of hoger vereist.
De exploitant is verantwoordelijk voor de veilige configuratie en het
gebruik van het netwerk. De veilige configuratie verkleint het aan-
valsoppervlak van de reinigingsautomaat. Een onveilige configuratie
kan ongeautoriseerde toegang makkelijker maken voor potentiële aan-
vallers.
Gevaar door onbevoegde toegang.
Ongeoorloofde toegang via het netwerk kan worden gebruikt om in-
stellingen in de reinigingsautomaat te wijzigen.
Het mag niet mogelijk zijn om via internet of andere openbare of on-
veilige netwerken toegang te krijgen tot de reinigingsautomaat, niet
direct en ook niet indirect, bijv. via port forwarding!
De IP-adressen van 192.168.10.1 tot en met 192.168.10.255 zijn
voorbehouden aan Miele! Deze mogen nooit in een intern netwerk
worden ingesteld!
Houd ook rekening met de volgende aanbevelingen voor de netwerk-
configuratie van de reinigingsautomaat:
1.
Configureer het netwerk waarin de reinigingsautomaat zich be-
vindt zo restrictief mogelijk.
– laat alleen apparaten of mensen toe die absoluut toegang tot
het netwerk nodig hebben
– gebruik bijvoorbeeld een VLAN voor netwerksegmentatie
2.
Zorg voor een veilige configuratie voor alle apparaten die op het
netwerk zijn aangesloten, bijv. met behulp van:
– de informatie over netwerkbeveiliging in de respectieve ge-
bruiksaanwijzingen van de aangesloten apparaten
– de aanbevelingen van het Nationaal Cyber Security Centrum
van het Minesterie van Justitie en Veiligheid (https://
www.ncsc.nl/)
3.
Besteed vooral aandacht aan de volgende gebieden:
– Gebruikersbeheer
– Toevoegingen en vertrekken van personeel
– Autorisatie
– Authenticatie
– Beheer bijwerken, enz.