Algemene informatie over de reinigingsprocedures
Lees de veiligheidsvoorschriften aan het begin van deze handleiding en op pag. goed door. 28
We adviseren om uw leverancier van chemicaliën te raadplegen voor de keuze van de producten
die voor de reiniging van de componenten van de unit geschikt zijn.
Raadpleeg de aanwijzingen van de fabrikant van het reinigingsmiddel en lees aandachtig het
veiligheidsinformatieblad (SDS) van het product voor de reinigingsmethodes.
Gebruik de volgende regels als algemene richtlijnen:
• gebruik
altijd
handschoenen, enz...);
• gebruik neutrale producten (pH tussen 8 en 9) voor de reiniging en desinfectie en pas normale
concentraties toe. Gebruik niet-giftig, niet-agressief, niet-ontvlambaar en niet-schurende
reinigingsmiddelen;
• maak gebruik van zachte doeken of borstels die de stalen oppervlakken niet beschadigen;
• indien er gebruik wordt gemaakt van waterstralen, dient de druk lager dan 1,5 bar te zijn en dient de
temperatuur niet hoger te zijn dan 60 °C;
• zorg ervoor dat componenten zoals motoren, motordempers, lagers, Pitot-leidingen, filters en
elektronische sensoren (indien aanwezig) niet direct met water worden bevochtigd;
• verifieer na de reiniging of de elektrische onderdelen en afdichtingen geen schade vertonen;
• gesmeerde onderdelen, zoals rotatie-assen, mogen niet gereinigd worden om de juiste werking en
levensduur niet aan te tasten.
• gebruik een industriële stofzuiger en/of compressor voor de reiniging van componenten met ribben
of kleppen. Let op, de persluchtstroom moet tegen de richting van de luchtstroom in het apparaat in
worden gericht.
Reiniging van lamellaire componenten
Verwijder stof en vezels met een zachte borstel of een stofzuiger.
Zorg er tijdens de reiniging met perslucht voor dat de warmtewisselaar niet beschadigd raakt.
DE reiniging met hogedrukreinigers is toegestaan mits de waterdruk maximaal 3 bar bedraagt en
een platte sproeier (40° - type WEG 40/04) wordt gebruikt.
Olies, solvents, enz. kunnen verwijderd worden met water of warm vet door middel van wassen of
onderdompeling. Reinig de condensopvangbak regelmatig en vul de sifon van de afvoer met water.
Luchtintreden
Controleer regelmatig of in de buurt van de luchtintreden geen nieuwe bron van verontreiniging
aanwezig is. Elke component moet regelmatig gecontroleerd worden op verontreiniging, schade en
corrosie. De pakking kan beschermd worden met smeermiddelen op basis van glycerine. In het geval
van schade moet de pakking door een nieuw exemplaar worden vervangen.
30
persoonlijke
beschermingsmiddelen
(veiligheidsschoenen,
veiligheidsbril,