9
9.7
PROBLEMEN MET DE BATTERIJ EN LADER OPLOSSEN
Gebruik alleen de Dexcom kabel en batterijlader om uw zender op te laden.
1. Denk eraan dat u de batterij van de ontvanger indien nodig moet opladen. Een volledig
opgeladen batterij gaat ca. 3 dagen mee, afhankelijk van hoe vaak u de ontvanger
inschakelt, de waarschuwingen gebruikt en gebeurtenissen invoert.
2. Als het laadsymbool niet op de ontvanger verschijnt als deze in de lader is gestoken,
controleer dan of beide uiteinden van de USB-kabel helemaal in de ontvangerpoort en
het wandstopcontact zijn gestoken.
3. Als de batterij leegloopt en een aantal weken niet is opgeladen, kan hij mogelijk niet
worden ingeschakeld. Als de ontvanger niet wordt ingeschakeld, probeer deze dan
eerst op te laden (zie hoofdstuk 1, paragraaf 1.4: De batterij van de ontvanger opladen).
Als uw ontvanger daarna nog niet kan worden ingeschakeld, moet u de ontvanger
misschien resetten (sluit vóór het resetten de ontvanger op de lader aan):
a. Steek het uiteinde van een paperclip in het kleine ronde gat aan de achterkant van de
ontvanger en duw deze omlaag. De ontvanger gaat trillen en het verwerkingsscherm
verschijnt.
b. U moet nu de ontvanger opladen en de tijd en datum moeten wellicht opnieuw
worden ingesteld (zie hoofdstuk 1, paragraaf 1.4: De batterij van de ontvanger
opladen, en hoofdstuk 2, paragraaf 2.2: Het menu Instellingen).
9.8
COMMUNICATIEPROBLEMEN TUSSEN ZENDER EN
ONTVANGER OPLOSSEN
9.8.1
SYSTEEMHERSTEL CONTROLEREN
Dit scherm betekent dat het systeem een fout heeft ontdekt
die het zelf kon verhelpen. Druk op de knop
om dit scherm te verwijderen en ga door met de
sensorsessie.
9.8.2
FOUTCODE ONTVANGER
Dit scherm bevat een foutcode, wat betekent dat de
ontvanger misschien niet goed werkt. Noteer de foutcode
en neem contact op met uw plaatselijke distributeur. Blijf uw
glucosewaarde met uw meter controleren.
Er is geen waarschuwing die u erop wijst dat uw sensor
geen glucosemetingen meer uitvoert.
108
|
Dexcom G4 PLATINUM continu glucosemonitoringsysteem
SELECTEREN