DE BASISPRINCIPES VAN HET NAAIEN
Rondingen naaien
Stop met naaien en verander de naairichting enigszins
om de ronding te naaien.
Wanneer u met een zigzagsteek een ronding naait,
selecteert u een kortere steeklengte, zodat u een fijnere
steek krijgt.
Dikke stof naaien
■ Als de stof niet onder de persvoet past
Als de stof niet gemakkelijk onder de persvoet past,
zet u de persvoethendel nog hoger, totdat de
persvoet in de hoogste stand staat.
■ Wanneer u dikke naden naait en de stof niet wordt
ingevoerd aan het begin van het stiksel
Zigzagvoet "J" heeft een functie waardoor de
persvoethendel horizontaal blijft.
a
Wanneer u een naald tegenkomt die te dik is om
onder de voet door te leiden, zet u de
persvoethendel omhoog.
b
Druk op de zwarte toets links op de voet. Houd
de toets ingedrukt en zet de persvoethendel
omlaag.
a Zwarte toets
26
a Naairichting
c
Laat de knop los. De voet wordt op zijn plek
vergrendeld op gelijk niveau met de naad,
waardoor de stof kan worden doorgevoerd.
• Als de probleemplek is gepasseerd, gaat de
voet terug naar de normale positie.
VOORZICHTIG
● Wanneer u stof van meer dan 6 mm (15/64 inch)
dik naait, of wanneer u de stof te hard duwt, kan
de naald verbuigen of breken.
Dunne stof naaien
Wanneer u dunne stof naait, komen de steken mogelijk
niet mooi op één lijn, of wordt de stof niet goed
doorgevoerd. Plaats dan dun papier of steunstof onder
de stof en naai deze samen met de stof. Wanneer u
klaar bent met naaien, scheurt u het papier af.
a Steunstof of papier
Stretchstof naaien
Speld eerst de stukken stof aan elkaar en naai ze
vervolgens zonder de stof uit te rekken.
a Rijgen