NAAISTEKEN
Trenzen naaien
Met trenzen kunt u plekken verstevigen waar spanning
op komt te staan, zoals hoeken van zakken en
openingen.
Hieronder wordt bij wijze van voorbeeld beschreven
hoe u trenssteken naait op hoeken van zakken.
a
Bepaal hoe lang de trens moet worden.
Zet de knoopgeleiderplaat op knoopsgatvoet "A"
op de gewenste lengte. (De afstand tussen de
markeringen op de persvoetschaal is 5 mm
(3/16 inch).)
1
2
• U kunt een trens van maximaal 28 mm
(1-1/8 inch) naaien.
b
Bevestig knoopsgatenvoet "A".
c
Selecteer steek
.
d
Plaats de stof zo dat de opening van de zakken
naar u toe ligt; zet vervolgens de persvoethendel
omlaag, zodat de naald 2 mm (1/16 inch) voor
de zakopening neerkomt.
1
Leid de bovendraad omlaag door het gat in de
persvoet.
40
3
a Persvoetschaal
b Lengte van trens
c 5 mm (3/16 inch)
a 2 mm (1/16 inch)
• Duw niet tegen de voorkant van de persvoet
wanneer deze omlaag staat, anders wordt de
trens niet in het juiste formaat genaaid.
a Maak de tussenruimte niet kleiner.
Trek de knoopsgathendel zo ver mogelijk
e
omlaag.
a Knoopsgathendel
b Uitsteeksel
De knoopsgathendel bevindt zich achter het
uitsteeksel op de knoopsgatenvoet.
f
Houd het uiteinde van de bovendraad losjes in
uw linkerhand en begin met naaien.
Wanneer het naaien voltooid is, naait de
machine automatisch verstevigingssteken en
stopt dan.
g
Zet de persvoethendel omhoog, haal de stof weg
en knip de draad af.
h
Zet de knoopsgathendel omhoog in de
oorspronkelijke stand.
Memo
● Als de stof niet wordt doorgevoerd (bijvoorbeeld als
deze te dik is), maakt u de steek langer. Meer
bijzonderheden vindt u in "Steken selecteren"
(pagina 22).