gekozen voor het kopiëren van een volgens
DV geformatteerde band.
[Stereo 2]: Hiermee kunt u uitsluitend extra
geluidsopnamen maken. Deze mogelijkheid
moet u alleen kiezen als u tijdens het
opnemen met een digitale videocamera een
tweede geluidskanaal hebt toegevoegd.
10
Selecteer een optie en druk op ENTER.
11
Druk op O RETURN om het instelscherm
te sluiten.
12
Druk op
om de DV / Digital8 format-
H
band te starten.
Het afgespeelde beeld verschijnt op het
beeldscherm.
13
Terwijl u naar het beeldscherm kijkt, zoekt
u met een druk op m/M naar het punt
waarop u de opname wilt starten.
14
Zodra u het gewenste punt hebt gevonden
drukt u op X.
15
Druk op z REC.
Het afspelen start op het geselecteerde punt
en de recorder start met opnemen.
Het opnemen stoppen
Druk op
REC STOP (Opname stoppen). Het
x
kan een paar seconden duren voordat de recorder
met opnemen stopt.
b
Opmerkingen
• Als u de disc op andere DVD-apparaten wilt afspelen,
moet u de disc finaliseren (pagina 35).
• U kunt niet meer dan één digital video-apparaat op de
recorder aansluiten.
• U kunt de recorder niet bedienen met een ander
apparaat of een andere recorder van hetzelfde model.
• U kunt de datum, de tijd of de inhoud van het
cassettegeheugen niet op de disc opnemen.
• Wanneer u met behulp van de DV IN-aansluiting
vanaf een DV / Digital8 format-band kopieert, start de
recorder met opnemen ongeveer vijf seconden nadat
de band met afspelen is gestart.
• Als u een DV/Digital8-band kopieert die via de DV-
In-aansluiting van een PC is bewerkt, wordt al het
geluid dat u op het Stereo 2-spoor opneemt alleen als
ruis opgenomen.
• Als u opneemt van een DV / Digital8 format-
band met een geluidsspoor dat met meerdere
bemonsteringsfrequenties (48, 44,1 of 32 kHz) is
opgenomen, wordt geen geluid of een onnatuurlijk
geluid weergegeven bij het afspelen van het
overnamepunt van de bemonsteringsfrequentie op de
64
disc.
• Het opgenomen beeld kan korte tijd worden gestoord
bij het wisselen van het beeldformaat van het
bronbeeld of als er niets op de band staat.
• Bij het overschakelen van de
audiobemonsteringsmodus (bijvoorbeeld 48 kHz / 16
bit naar 32 kHz / 12 bit) kan ruis optreden.
• Het beeld en het geluid kunnen wegvallen tijdens het
opnemen van de start- resp. stoppunten op de band.
• Als op de band een onbeschreven ruimte van een
seconde of langer voorkomt, wordt het kopiëren van
DV automatisch beëindigd.