d
F
400C
e
IshFInder
Installeren
Omdat er water nodig is om het sonarsignaal door te geven, werkt de
transducer alleen onder water. U kunt geen diepte- of afstandsmeting
krijgen als de transducer uit het water is.
Bij de tewaterlating van de boot moet u controleren of er geen
lekken zijn ontstaan bij de schroefgaatjes onder de waterlijn. Laat uw
boot NIET langdurig in het water liggen zonder deze op lekken te
controleren.
Een op de spiegel geïnstalleerde transducer testen:
1. Begin met testen bij lage snelheid. Als de sonar goed lijkt te
werken, verhoogt u geleidelijk de snelheid van de boot terwijl u de
sonar in het oog houdt. Als het sonarsignaal plotseling verdwijnt of
als het retoursignaal van de bodem erg slecht wordt, noteert u de
snelheid waarbij dit gebeurt.
2. Houd de boot op de snelheid waar het signaal verdwijnt. Maak
voorzichtige bochten naar bakboord en stuurboord en kijk of het
signaal beter wordt.
4
3. Als de signaalsterkte toeneemt bij het maken van een bocht, past
u de diepte van de transducer aan, zodat deze nog 3 mm verder
onder de spiegel uitsteekt. Er zijn wellicht meerdere pogingen
nodig voordat het signaal behouden blijft.
4. Als het signaal niet beter wordt, moet de transducer misschien
worden verplaatst.
OPMERKING: pas de diepte van de transducer in kleine stapjes
aan. Als de transducer te diep uitsteekt, kan dit invloed hebben op
de prestaties van de boot en neemt het risico toe dat de transducer in
aanraking komt met objecten onder water.
Fishfinder 400C gebruikershandleiding