Bedieningspaneel
Gebruik van het bedieningspaneel
Het bedieningspaneel heeft een 4-regelig LCD-scherm, een status-LED, bedieningsknoppen en numerieke toetsen
waarmee u de printer kunt bedienen.
10
4
9
8
1 Gereed / Fout-LED
•
Brandt groen wanneer de printer gereed is voor gebruik en knippert groen wanneer gegevens worden
ontvangen.
•
Brandt geel wanneer sprake is van een storing en knippert geel wanneer een onherstelbare afdrukstoring is
opgetreden.
2 LCD-scherm
•
Geeft verschillende instellingen, instructies en foutberichten weer.
3 Knop
•
Verplaatst de cursor of markering omhoog of omlaag.
4 Knop
•
Verplaatst de cursor of markering naar links of rechts.
5 Knop
(Annuleren)
•
Annuleert actieve taken of taken in de wachtrij.
6 Numerieke toetsen
•
Worden cijfers en letters mee ingevoerd.
7 Knop
(Energiebespaarstand)
•
Hiermee wordt de energiespaarstand in- en uitgeschakeld. Wanneer de machine enige tijd niet wordt gebruikt,
wordt de energiespaarstand ingeschakeld om het stroomverbruik te verminderen. Wanneer de
energiespaarstand is ingeschakeld, knippert de energiespaarknop.
1
2
3
4
3
5
6
7
12
97
Bedieningspaneel