Eenheid
Displays
Display van
1 - 9
bedieningsknop
P
A
t
H
L
I I
v
C
0
...
E
Tab. 4.1
Betekenis van de indicatoren
Knopbediening
Elke kookzone wordt met een bedieningsknop bediend.
Door aan de knopring te draaien en door het aanraakvlak
aan te raken, regelt u de vermogensniveaus en de
functies van de betreffende kookzone (zie hoofdstuk
Bediening).
4.3
Werkingsprincipe
Onder een kookzone zit een stralingsverwarmingselement
met een verwarmingslint. Wordt de kookzone
ingeschakeld, dan produceert dit lint stralingswarmte die
naar de kookzone en de bodem van de kookpot uitstraalt
en deze verwarmt.
4.3.1 Vermogensniveaus
Functie
Smelten van boter en chocolade,
oplossen van gelatine
Warm houden van sauzen en soepen,
wellen van rijst
Koken van aardappelen, deegwaren, soepen,
ragouts, stomen van fruit, groenten en vis,
ontdooien van bereidingen
Braden in gecoate pannen, voorzichtig
braden (zonder oververhitting van het vet) van
schnitzels, vis
Verwarmen van vet, aanbraden van vlees,
opwarmen van stroperige sauzen en soepen,
bakken van omeletten
Koken van grotere hoeveelheden vloeistof
Bakken van steaks en verwarmen van water
Tab. 4.2
Aanbevelingen voor de vermogensniveaus
www.bora.com
Betekenis
Vermogensniveaus
Hyperniveau
Automatische aankookfunctie
Timerfunctie korte tijdsspanne
(eierwekker)
Restwarmte-indicator: Kookzone
is uitgeschakeld, maar nog warm
(temperatuur > 60 °C)
Kinderbeveiliging
Pauzefunctie
Warmhoudstand
Configuratiemenu
Kookveld wordt uitgeschakeld
Foutmelding (zie hoofdstuk
Storingen verhelpen)
Vermogensniveau
1
–
1
3
–
2
6
–
6
7
–
7
8
9
ß p
Beschrijving van het apparaat
De opgaven in de volgende tabel zijn richtwaarden.
Naargelang het kookgerei en de hoeveelheid is het
raadzaam om het vermogensniveau te verlagen of te
verhogen.
4.3.2 Geschikt kookgerei
INFO Opwarm- en doorverhittingstijden van de bodem
van het kookgerei, alsook kookresultaten, worden
in doorslaggevende mate beïnvloed door de
opbouw en de toestand van het kookgerei.
Kookgerei met deze aanduiding is geschikt
voor stralingsverwarmingselementen. Het op
stralingsverwarmingsoppervlakken gebruikte
kookgerei moet van metaal zijn en goed
warmtegeleidend zijn.
Geschikt kookgerei bestaat uit:
roestvrij staal, koper of aluminium
Q
Q
geëmailleerd staal
Q
Q
gietijzer
Q
Q
Let op de bodem van het kookgerei. De bodem van
X
X
het kookgerei mag geen kromming vertonen. Door
de kromming kan, op grond van een verkeerde
temperatuurbewaking van de kookplaat, het kookgerei
oververhit raken. De bodem van het kookgerei
mag geen scherpe richels en geen scherpe rand
vertonen, anders bestaat het risico op krassen op het
kookveldoppervlak.
Plaats het kookgerei direct (zonder onderzetter of
X
X
dergelijke) op de glaskeramiek.
4.3.3 Hyperniveau (Powerniveau)
De kookzone met 1 ring is uitgerust met een
prestatieverhogend hyperniveau.
Op het display van de bedieningsknop verschijnt
Q
Q
Met het hyperniveau kunnen grote hoeveelheden water
snel opgewarmd worden. Wanneer het hyperniveau actief
is, werkt de kookzone met een extra hoog vermogen.
Na 10 minuten wordt de kookzone automatisch naar
vermogensniveau
geschakeld.
9
INFO Verhit nooit olie, vet en dergelijke wanneer
het hyperniveau is geactiveerd. Door het hoge
vermogen kan de bodem van de kookpan
oververhit raken.
4.3.4 Automatische aankookfunctie
Beide kookzones zijn uitgerust met een bijschakelbare
automatische aankookfunctie.
Op het display verschijnt
Q
Q
Met deze functie werkt de kookzone waarvoor deze
functie is ingeschakeld, voor een bepaalde duur op volle
kracht. Daarna wordt automatisch weer naar het vooraf
ingestelde vermogensniveau overgeschakeld.
.
P
.
A
NL
13